#94: David-Jan Janse (transcriptie)

Transcriptie: David Jan Janse

Dit is Leaders in Finance: een podcast waarin we op zoek ga naar de mens achter het succes. We praten met leiders van nu en later over hun drijfveren, carrière en privéleven. Waarom? Omdat er meer gesproken moet worden in de financiële sector.

We willen de partners van deze podcast hartelijk bedanken voor hun steun, dat zijn Kayak, EY, Odgers Berndtson executive search en Roland Berger.

Het bedrijf Surepay waar onze gast medeoprichter van is controleerde in een jaar tijd een miljard transacties. Klopt die naam wel bij dat rekeningnummer? Meteen, zodra de Iban-controle van start ging, nam het aantal fouten overboekingen en geslaagde fraudepogingen enorm af. Echt data delen van een klant vanuit het niets, dat doet Surepay niet; ze helpen de klant. Bedoelt u misschien deze naam? “Dus wat wij alleen maar doen is het corrigeren van een naam die hij al weet. Dus als ze zeggen ‘Jansen’, dan zeggen wij ‘Nee, het is Janse’, maar dat is eigenlijk wat je al wist.” Onze gast in deze aflevering groeide op in een boerderij in de Noordoost Polder en dat heeft hem mede gevormd, zo blijkt. “Als de aardappels gerooid moesten worden, dan moest het af. Dus we werkten gewoon door ’s nachts en dat soort dingen. Je ziet dat het er bij mij ook in zit.” Maar niet alleen die boerderij, de aardappels en de uien zitten nog altijd een beetje in zijn denken, ook ‘ik wil, ik kan en ik zal’. “Een bekende uitspraak van mijn moeder is altijd ‘ik wil, ik kan en ik zal’.” Dat is precies wat je nodig hebt voor een startup. Dat moet wel een interessante gast zijn en dat is deze man ook. Onze gast David-Jan Janse, je gastheer als altijd Jeroen Broekema.

David-Jan Janse in gesprek met Jeroen Broekema van de Leaders in Finance podcast

Jeroen: Welkom bij een nieuwe aflevering van Leaders in Finance. Deze week met David-Jan Janse, de CEO en co-founder van Surepay. Welkom, David-Jan!

David-Jan: Welkom bij Surepay Headquarters, zoals wij het noemen!

Jeroen: Leuk om hier in Utrecht te zijn. Mocht de luisteraar straks wat geluid op de achtergrond horen, dat kan. Want hier rijden treinen relatief dichtbij, maar dat maakt het wel extra spannend en leuk. Leuk dat je de tijd neemt om met Leaders in Finance in gesprek te gaan. Ik zal je kort introduceren. David-Jan is de CEO en co-founder van Surepay. Het bedrijf is vooral bekend van de Iban-naamchecker. In 2021 haalde Surepay in een kapitaalronde 12 miljoen euro groeigeld op. Initieel ontstond Surepay onder de vleugels van Rabobank maar is nu op afstand van de bank geplaatst. David-Jan werkte voor Surepay meer dan 20 jaar voor de Rabobank in meerdere posities, waaronder als marketing manager en business program manager Mobiel. David-Jan heeft een Bachelor in Plantkunde en een Master in Bedrijfskunde aan de Universiteit van Wageningen. Tot slot: David-Jan is 53 jaar oud, is getrouwd, heeft twee kinderen en woont in Apeldoorn. Dat geeft ons al een beetje een beeld. Ik ken Surepay vooral vanuit de krant en, zoals ik in de inleiding al zei, de Iban-naamchecker. Ik zou leuk vinden om het bedrijf verder neer te zetten, voor degenen die het niet kennen, maar ook voor mijzelf om beter begrip te krijgen. Dat doe ik natuurlijk graag aan de hand van de stakeholders, zoals ik wel vaker doe. De eerste stakeholder, welke zou jij pakken? Klanten, bijvoorbeeld?

David-Jan: Stakeholders zijn natuurlijk mensen met wie je iets bouwt, dus zonder stakeholders bouw je geen bedrijf. De belangrijkste stakeholder voor mij is Marcel. Marcel is de co-founder en zonder hem was dit bedrijf er nooit gekomen, dus het start met Marcel en mij en daarna met een hele hoop mensen die ons daarbij helpen geholpen.

Jeroen: Om ze misschien eens af te lopen, je bent met je eerste collega begonnen, je co-founder. De medewerkers, met hoeveel mensen zijn jullie eigenlijk?

David-Jan: We zijn nu met iets meer dan tachtig mensen, dus we zijn afgelopen jaar verdubbeld qua aantal. Dit jaar zullen we ook nog wat meer opschalen. We hebben inmiddels dertig nationaliteiten, dus ze komen van heinde en ver. We hebben ook mensen die voor remote hier naartoe komen en verhuizen naar Nederland om hier te komen werken. We hebben een heel mooi hecht team.

Jeroen: Zijn die tachtig mensen met name actief aan de tech kant, omdat jullie echt een tech bedrijf zijn?

David-Jan: Ik denk dat je ongeveer kan zeggen dat het rond twee derde tech en één derde business is, zoiets ongeveer.

Jeroen: En alle tech in huis of ook dingen geoutsourcet?

David-Jan: Nee, we hebben altijd vanaf de start een eigen IT-team gehad waarvan we wel zijn gestart met het team en zijn service, dus dan huurden we in van onze partner Mobiquity en afgelopen jaar hebben we ook veel geïnvesteerd in eigen personeel om de verhoudingen naar 50/50 en misschien nog verder te krijgen. Want het is natuurlijk belangrijk, je eigen mensen zijn je eigen intellectuel property, maar ook heel belangrijk je historisch geheugen. Dus je kunt alles documenteren, maar het is ook heel belangrijk dat mensen eigenlijk voelen waar het naartoe moet of nog weten hoe het vroeger bedacht was. Dat is natuurlijk altijd makkelijker met eigen mensen dan met inhuur. Maar inhuur hebben we altijd beschouwd als Surepayers. Iedereen heeft hier een Surepay account en iedereen communiceert dat hij Surepay is. We hebben geen externe medewerkers, die kennen we niet.

Jeroen: Helder. Tachtig man nu, ik las in de voorbereiding over enorme ambities, internationalisering, klanten van over de hele wereld in plaats van initieel in Nederland. Betekent dat dat hier straks een paar honderd man werken over een paar jaar?

David-Jan: Een paar honderd weet ik niet, maar ik denk dat we wel opschalen naar de honderd plus, dat in ieder geval. Daarna moeten we kijken. Als je een bedrijf bouwt moet je stap voor stap gaan. We zijn begonnen met twee en je gaat niet ineens zeggen “Hoeveel hebben we er over vijf jaar?”, dat zie je wanneer het eraan komt.

Jeroen: Een andere stakeholder, de klanten.

David-Jan: Een andere stakeholder, misschien ook goed om te melden, zeker vanuit ons perspectief, is de Rabobank. Ik werkte bij de Rabobank, Marcel werkte bij de Rabobank en we zijn gestart als een Moonshot en dat was een idee. Een man op de maan, wat was het volgende? Man op de maan, maar dan voor Rabobank. Zo zijn we eigenlijk gestart en dan is een belangrijke stakeholder voor ons dus de Rabobank, maar eigenlijk zijn het natuurlijk altijd mensen. Dus het is altijd Bart Leurs of Matthieu Willems of Alexander. Dus je hebt altijd mensen die jou daarin helpen en faciliteren, zoals René Steenvoorden. Ik kan een heel rijtje noemen. Maar die hebben het allemaal mogelijk gemaakt dat Marcel en ik konden groeien, groeien, groeien en uiteindelijk de Iban-naamcheck op de markt hebben kunnen brengen. Zonder die campagne en zonder die pitch van onszelf en zonder de jury en natuurlijk het groeigeld voor de start waren we hier niet geweest. Dus Rabobank is een belangrijke stakeholder en natuurlijk ook onze belangrijkste klant in het eerste jaar want Rabobank was onze eerste klant. Die behandelen we ook nog steeds in twee groepen vanaf de start, zowel de stakeholder vanuit funding-achtig als stakeholder Rabobank als klant, en dat hebben we altijd gescheiden gehouden als stakeholders.

Jeroen: Ik ga zeker later in het gesprek terugkomen op hoe jullie hier eigenlijk mee gestart zijn. Je zegt “Rabobank was onze eerste klant”, hoe ging dat verder? Waar staan jullie nu?

David-Jan: Daarna was het natuurlijk ING. Dat was spannend, of ING van de concurrent een product wilde kopen. Dat is heel goed gegaan en dat was ook mede door ook een hele belangrijke stakeholder in het begin, de Betaalvereniging. Tegenwoordig Gijs Boudewijn en toen ook al. Toen als woordvoerder en nu als CEO. Die waren sterk betrokken. De Iban-naamcheck zorgt ook dat de financiële sector in Nederland er goed voorstaat. Je hebt meer vertrouwen in banken als je weet dat je betaling goed gaat. Nu zien we de worsteling in België, daar zijn we nu mee bezig. Die Belgische banken zitten nu waar je als Betaalvereniging vijf jaar geleden stond. Toen heeft de Betaalvereniging gezegd “Dit gaan wij doen”, als eerste natuurlijk Rabobank want die ging het sowieso doen en daarna kwam ING, ABN AMRO, Volksbank. We zijn nog steeds bezig met het onboarden van de laatste banken in Nederland.

Jeroen: Dat is Nederland, in het voorgesprek liepen we door jullie kantoor en zag ik ook heel veel andere klanten aan de muur hangen met logo’s. Kan je nog eens verder vertellen hoe het toen verder ging? Want het zijn niet alleen maar financiële instellingen, heb ik begrepen?

David-Jan: Ja, het is misschien goed om daar ook alvast een klein bruggetje te maken naar de volgende stakeholder. Dat zijn de mensen en de medewerkers. Daarin hadden we een afstudeerder, die studeerde bij ons af en we dachten “We hebben Nederland, we laten een afstudeerder vragen om een scan te maken van Europa.” Een supergoede gozer, Floris, hij werkt nu overigens bij Adyen. Hij studeerde af en heeft een scan gemaakt en uiteindelijk had hij met alle consumentenorganisaties en betaalverenigingen in Europa contact. Toen studeerde hij cum laude af en toen zei hij “Let’s go!” De eerste op het rijtje was Engeland en vervolgens heeft Floris NatWest binnengehaald als 24-jarig jongetje.

Jeroen: Dat is wel een serieuze afstudeerstage!

David-Jan: Ja, zeker. Hij is daarna ook een paar jaar bij ons gebleven en daarna is hij weer doorgegaan omdat hij nog een vervolg universitaire opleiding wilde doen. Dus helaas ging dat dan natuurlijk voor, dat is natuurlijk heel goed dat hij dat heeft gedaan. Maar het was wel leuk om te zien hoe een medewerker, Floris, ervoor heeft gezorgd dat NatWest onze volgende klant was.

Jeroen: Wauw! Klinkt alsof hij ooit terugkeert als CEO op hele lange termijn.

David-Jan: Misschien, hij is altijd welkom.

Jeroen: Leuk! Hoeveel klanten bedienen jullie nu ongeveer, is dat openbaar?

David-Jan: Ja, hoor. We hebben meer dan 150 corporates. Dus naast je inderdaad de banken ziet, zie je ook heel veel corporates, bijvoorbeeld de meeste verzekeraars in Nederland zijn klant van ons. Maar ook payroll companies, telecom companies, lease maatschappijen, facturing, you name it, heel veel bedrijven. Iedereen die eigenlijk een grote payout heeft, dus een grote uitbetaling doet waarvan je eigenlijk wil weten “Gaat het wel naar de juiste persoon of bedrijf?” Dus die bedrijven checken ofwel hun klanten ofwel hun leveranciers. Bijvoorbeeld de telecom had 10.000 leveranciers, die kan je met het handje checken dus dat wil je geautomatiseerd. Of werknemers, zoals de payroll company, die heeft een ketenaansprakelijkheid, dus die moet er zeker van zijn dat er niet een intermediair tussen zit, een ronselaar van mensen. Die kan dat dan checken met onze service en zo zie je eigenlijk dat die corporates ook onze service heel goed kunnen gebruiken. Naast dat we nu meer dan 35 banken hebben gekoppeld in Nederland en in Engeland, daaronder zitten bijvoorbeeld ook Belgische banken bij, maar ook Duitse banken, van alles.

Jeroen: Dit is potentieel in de hele wereld te lanceren, toch?

David-Jan: Ja, natuurlijk. We doen nu ook al checks in 15-20 landen. Dus alle betalingen die naar het buitenland gaan proberen we ook te checken als we de data hebben. Als die data er niet is, nog niet. Maar wat we kunnen doen we. Het is een controle van een rekeningnummer en rekeninghouder, dat bestaat over heel de wereld. Dus vandaar dat we nu na de introductie van Nederland en Engeland gestart zijn met cross-border. Afgelopen december hebben we geconnect met Frankrijk, daar was een systeem waarbij banken verbonden waren, dat heet SEPAmail. Ze gebruiken dat eigenlijk voor iets helemaal anders, maar dat gaf ons wel de mogelijkheid om toch de Iban en de rekeninghouder te checken. Zo kunnen we dan onze corporates uitbreiden en dus nog meer fraude voorkomen.

Jeroen: Je zei in het begin dat jullie uit Rabobank voortgekomen zijn. Ik neem aan dat zij nog mede-eigenaar zijn, kan je iets zeggen over wie de verdere eigenaren zijn van het bedrijf?

David-Jan: Tot afgelopen jaar was Rabobank de grote aandeelhouder. Afgelopen jaar hebben we twee nieuwe Venture Capitals aangetrokken, we hebben ook een uitgebreide selectie vanuit ons uitgedaan, zij moeten passen bij het bedrijf. Dat is belangrijk. We hebben enerzijds Connected Capital, meer Nederlands georiënteerd maar wel met een visie naar buiten. Die zijn gespecialiseerd in B2B SaaS. Voor ons heel belangrijk want dat is waar we moeten opschalen, als een SaaS bedrijf en het is goed dat ze B2B daar als focus hebben. Daarnaast hebben we Iris Capital, een Frans/Duits Venture Capital, oorspronkelijk uit Frankrijk. Die hebben enorm veel ervaring in het upscalen van ventures die gaan om innovaties. Dus ze zijn gestart toen het internet nog nieuw was, in de werkwinkels en dat soort dingen. Nu zie je dat ze daar steeds verder technologieën zien als een springplank om een venture te starten. We kunnen heel veel leren van andere ventures, hoe die door die scaleup-fase heengaan. Die hebben startups tot en met unicorns. Dus we stonden vorig jaar op het podium in Parijs en na mij kwamen de unicorns. Het is heel interessant om daarvan te leren.

Jeroen: Misschien zijn jullie ook al wel een unicorn.

David-Jan: Nu niet.

Jeroen: Deze partijen zijn eigenaar of zijn de founders en de medewerkers ook mede-eigenaar van het bedrijf?

David-Jan: We hebben ook een deel voor founders en medewerkers gereserveerd.

Jeroen: Dus je kan ook echt zeggen “Ik ben ondernemer”, vanuit dat perspectief?

David-Jan: Ja, zeker. Maar ik heb me altijd ondernemer gevoeld, vanaf dag één.

Jeroen: Voelde je dat ook al toen je bij de Rabobank werkte als medewerker? Of heb je dat vooral bij Surepay ontwikkeld?

David-Jan: Nee, het zit wel in mij, denk ik, om te denken “Ik zie het als mijn bedrijf, wat ik aan het doen ben.” Ik zie het altijd als een onderneming, ik zag de Rabobank ook als een onderneming. Dus alle dingen bekeek ik altijd wel vanuit winst en verlies. Op die manier keek ik eigenlijk altijd wel naar de wereld.

Jeroen: De laatste stakeholder waarover ik het wil hebben is de samenleving, breder. Want in mijn voorbereiding las ik dat jij een missie-gedreven onderneming heel belangrijk vindt, kan je toelichten hoe jullie naar die samenleving kijken en wat je daar precies aan wil bijdragen?

David-Jan: Ik vind het inderdaad heel belangrijk in mijn eigen carrière om altijd een impact te hebben, maar dat mensen er voordeel van hebben. Dat kunnen bedrijven en consumenten zijn en de Iban-naamcheck is daar natuurlijk een fantastische service voor. Bij de start hebben we bijvoorbeeld ook uitgebreid gesproken met de consumentenbond om te begrijpen “Wat leeft daar dan? Hoe werkt dat dan?”, maar ook dat zij de stakeholders beschrijven zoals jij net vroeg. Want zij zagen het belang wel, maar waar lopen zij dan tegenaan? We zijn nog steeds gefocust op het voorkomen van fraude, dat is ook onze missie, om het betalingsverkeer veiliger en gemakkelijker te maken. Nog steeds posten wij ook op onze Slack allerlei fraudegevallen van “Deze fraude, kunnen wij die niet tegenhouden? Kunnen wij deze niet zien in onze analyse?” Dus we zijn nog steeds gefocust op de impact.

Jeroen: Als je kijkt naar de gedrevenheid, niet van jou en van jouw co-founder, maar van de medewerkers, zit dat dan daar ook nog? Echt het gevoel hebben “Daarvoor doen we het”?

David-Jan: Zeker. Dus je merkt dat bij sollicitanten of interviews die we doen, daar speelt die purpose een enorm belangrijke rol. Met name bij de jongere generatie, generation X of hoe je ze ook wil noemen. Maar in ieder geval zie je bij de jongere generatie dat purpose misschien wel belangrijker is in hun werk dan geld verdienen. Toen ik startte in mijn carrière had je de yuppies en die wilden gewoon geld verdienen, dat was belangrijk en dan was het ook mooi dat je überhaupt een baan kreeg. Van de 120 kandidaten waren er een stuk of twintig die werden geselecteerd en toen ben ik management trainee geworden. Maar tegenwoordig ligt die verhouding anders en dus willen ze iets doen met hun leven. Dat is heel mooi en heel belangrijk en daarom proberen we het ook elke keer te voeren, maar dat gaat eigenlijk automatisch; mensen zijn erop gericht.

Jeroen: Ik las indrukwekkende cijfers, maar ik heb ze niet opgeschreven want ik dacht “Ze zullen nu alweer groter zijn”, want sommige dingen waren van een jaar geleden. Maar kan je een paar getallen noemen van hoeveel transacties er door jullie gecheckt worden op dag basis of jaarbasis en misschien nog een paar andere getallen? Want ik vond ze indrukwekkend.

David-Jan: Dat is indrukwekkend, en ook daar sta je eigenlijk niet bij stil als je ermee begint. Je weet wel dat het veel zal zijn. Om een grappige te noemen, onze MVP (minimal viable product) – wat natuurlijk gewoon een goed product moet zijn – daar zijn we begonnen met 4,5 miljoen gebruikers van de Rabobank. Dus we gingen live en 4,5 miljoen online bankiers maakten daar iedere dag gebruik van. Dat is natuurlijk door blijven gaan, we checken zo’n 4-5 miljoen transacties per dag in Nederland en Engeland. We hebben er afgelopen jaar meer dan een miljard gedaan. In het totaal hebben we er nu meer dan vier miljard gedaan in onze historie. We checken er ook ongeveer dertig miljoen voor de corporates, inmiddels iets meer, geloof ik. Je ziet dat het gebruik door de corporates afgelopen jaar verdubbeld is via de API, dus je ziet dat ook enorm stijgen. Nog belangrijker, want de purpose is het voorkomen van fraude en fouten, daar hebben we vanaf het begin af aan op gestuurd naast dat het gemakkelijk moest zijn. Dus de banken hebben we nooit uitleg hoeven te geven hoe de Iban-naamcheck werkt, wat ze in Engeland bijvoorbeeld wel hebben gedaan omdat ze het daar net ingewikkeld hebben gemaakt. Dus het moet gemakkelijk zijn en begrijpelijk, dus zag je dat vanaf het begin af aan 81% minder fraude op de fraudes die we kunnen voorkomen. Dus alles wat te maken heeft met de rekeninghouder die zich voordat als iemand anders, dat is natuurlijk een enorme impact. Maar we hebben ook twee derde van de per ongeluk verkeerde overboekingen kunnen voorkomen. Dus bij fouten en fraude zie je een enorme impact. Als je naar de corporates kijkt – ik mag wel even mijn cijferlijstje doorgaan?

Jeroen: Leuk!

David-Jan: Dan krijgen mensen er ook een beetje een gevoel bij. Als je kijkt naar de corporate kant, daar zie je dat een verzekeraar bijvoorbeeld terugkoppelde dat hij 90% minder drop-outs heeft in de onboarding. Dat is natuurlijk superbelangrijk als je een klant in verzekeringen zover hebt gekregen dat hij orders wil aanvragen, als je dan een klant verliest is dat natuurlijk honderden euro’s waard. Dus 90% minder drop-outs, maar ook 80% minder frauduleuze onboardingen, dat gaf bijvoorbeeld Strato terug, één van onze klanten, bij een webshop. Maar ook 50% minder uitstaande factoren. Een energiemaatschappij stuurde facturen uit en denkt “Waarom wordt die maar niet betaald?” of “Waarom wordt die gestorneerd?” Het bleek eigenlijk dat ik jouw rekeningnummer had opgegeven en ik de energie krijg en tegen de tijd dat het bedrijf het doorkrijgt ben ik alweer geswitcht naar een andere energiemaatschappij. Zo werken fraudes. Dat heeft ook een enorme impact aan de bedrijvenkant.

Je luistert naar Leaders in Finance met Jeroen Broekema.

Jeroen: Heb je eigenlijk bij dit product concurrentie?

David-Jan: Zeker. In het begin is het natuurlijk blue ocean, het aardige was dat het een super logische functie is. Je zou bijna kunnen zeggen “Iedereen zou het kunnen bedenken.” Sowieso dit idee heeft vele vaders, uiteindelijk denkt iedereen “Het is goed dat ik ermee kwam want daarna hebben jullie het ontwikkeld.” Prima allemaal. Dus er zijn heel veel stakeholders en die hebben ook allemaal moeten helpen om zover te komen. Maar we waren wel in Nederland de eerste in de wereld. Dus het is een functie waarvan je denkt “Waarom bestaat het nog niet?”, maar het bestond niet.

Jeroen: Ik kan me voorstellen, als ik een Rabobank ben, één van jullie grootste klanten, ik kan niet zomaar weer even ergens anders beleggen. Het is niet zo dat ik morgen naar een concurrent ga uit Amerika om dit te doen, toch?

David-Jan: In Nederland is het eigenlijk heel slim en op zijn Nederlands opgezet. We zitten tussen de banken in. Aan de ene kant leveren banken de data om gecheckt te kunnen worden. Je ziet ook dat er banken zijn die zelfs alleen maar hun data laten checken als rekeninghouders. Aan de andere kant zijn banken de klant van de service want ze gebruiken die in hun online bankieren of in hun onboarding van klanten. Wij zitten daar eigenlijk tussenin en dat maakt het heel snel, maar ook gestandaardiseerd. Dus het product in Nederland is helemaal gelijk. Wij zijn scheme owner en processor tegelijkertijd. Als je naar Engeland kijkt, daar heeft men het competitief opgezet. Dus eigenlijk wordt het verzoek naar de bank gestuurd, de bank doet de check zelf op zijn eigen data en het stuurt het antwoord terug naar die andere bank. Ze willen dat in de competitive space doen want ze hadden daar nog één payment processor voor heel Engeland. In Nederland hebben we dat al lang verlaten. Dat wilden ze hier voorkomen, anders ging het weer naar diezelfde speler. Daarom zijn wij daar ook de vendor en wij doen dat dan voor NatWest en vele andere banken. Maar daar zijn ook partijen op gekomen die zeggen “Dit kan ik ook.” Dus in Engeland hebben we wel partijen die voor een bank deze check proberen uit te voeren. Waarom zeg ik ‘proberen’? Het is net als Google Search; het lijkt heel simpel. Je hebt ook Bing en allerlei andere zoekmachines. Uiteindelijk gebruikt iedereen Google Search, dus het lijkt hetzelfde, het lijkt makkelijk, maar het is heel ingewikkeld. Dat zeg ik niet vanuit mijn eigen parochie, maar ook Marcel en ik dachten “In drie maanden bouwen we de Iban-naamcheck en de volgende drie maanden bouwen we het volgende product.” We zijn vijf jaar later nog steeds bezig met die Iban-naamcheck of confirmation of payee. Maar je ziet dat daardoor de quality of service in Engeland lager ligt waardoor mensen dus een melding krijgen “Deze rekeninghouder klopt niet.” Maar je weet dat hij klopt; hij is gewoon van jou. Dus je belt nog een keer “Klopt het rekeningnummer?” Ja, dat klopt. Dan gaan mensen die melding skippen. Dus als je het niet goed doet gaan mensen meldingen skippen, als mensen de meldingen skippen is het effect natuurlijk verloren. Dus je ziet dat daar de mitigatie ongeveer 30% slechter gaat dan hier in Nederland. Maar concurrentie is er dus wel, we zitten van blue ocean nu iets meer naar nog niet een wet ocean. We werken ook heel veel met partners, ook die heb je als stakeholders, die hebben we nog niet genoemd. Maar die hangen ook aan de wall of fame. Wie is friend en wie is foe? Als het maar beter wordt in de wereld. Dus wij hebben ook heel veel partijen die voor ons als partner werken, die onze check opnemen en hun propositie als fraude voorkomen.

Jeroen: Ik was nog nieuwsgierig naar iets anders, de AVG, de hele privacy wetgeving. Heb je daar veel mee te maken?

David-Jan: Zeker. Privacy is natuurlijk superbelangrijk, op twee manieren: IT-wise, we hebben privacy by design, dat is ook makkelijk, we konden starten met een hele nieuwe IT-omgeving. Dus we zijn niet gestart op de IT van Rabobank, maar we zijn vanaf dag één gestart met een hele nieuwe omgeving. Maar voordat we zijn gaan ontwikkelen was natuurlijk de belangrijkste vraag “Mag dit wel?” Want waarom waren we de eersten in de wereld? Omdat de banken ook jarenlang met een expertgroep hiernaar hadden gekeken en het leek niet zo simpel. Een uitkomst was uiteindelijk “Het kan niet”, want Jansen/Janse, als ik betaald zou moeten worden en het is een slecht algoritme, dan werd ik nooit betaald want iedereen tikt ‘Jansen’ in. Dus het kan niet, het mag niet en het hoeft niet. Dat waren de drie dingen. Als je naar innovatie kijkt – waarschijnlijk heb je het vaker gehoord in de podcast – het kan niet, het mag en het hoeft niet, dat zijn de drie dingen waardoor innovaties niet tot stand komen. ‘Het kan niet’ want het is complex; de ene bank moet checken op de data van de andere bank, die willen ze niet delen. ‘Het mag niet’ zat hem in het feit dat iedereen op zoek was naar als het niet Jansen is, dan willen ze de naam van de rekeninghouder laten zien, en dat mocht natuurlijk niet. Tenminste niet als het Pieters is of een ander. Dat was dus de challenge, die hebben wij opgelost op een technische manier. Maar we hebben natuurlijk ook gevraagd “Hoe zit het dan met data delen? Is dit gerechtvaardigd belang?”, want daar gaat het over. Wat je daarin ziet, dat is een PSD1, banken zijn verplicht om al de data die ze hebben te gebruiken om fraude te voorkomen. Dus het is de zorgplicht van de banken om fraude te voorkomen. Dan is dit natuurlijk een fantastische dataservice die dat oplost. Het principe dat we hebben gehanteerd is dat banken geen data delen met elkaar en wij delen geen data met de klanten. Dus je zult ons nooit data zien delen. Er zijn vrij veel partijen die dan zeggen “Ik stuur jou een Iban, stuur jij mij de naam”, dat doen wij niet. Dus wat wij alleen maar doen is het corrigeren van een naam die hij al weet. Als ze zeggen ‘Jansen’, dan zeggen wij “Nee, het is Janse.” Maar dat was eigenlijk wat je al wist.

Jeroen: Als we eens helemaal teruggaan naar ver voor jouw loopbaan en naar jouw jeugd, zou je daar iets over willen delen, over hoe je bent opgegroeid?

David-Jan: Ik kom uit een Zeeuwse familie, maar ik ben geboren in Noordoost Polder. Mijn ouders zijn toen bij de drooglegging naar Noordoost Polder verhuisd. Dus ik kom uit die zin uit een ondernemende familie, mijn vader was echt een handelaar. We hadden een akkerbouwbedrijf en de uienprijs ging omhoog en ging omlaag, de aardappelprijs ging omhoog en ging omlaag. Dat zat er wel echt in, dus dat handelen vind ik ook leuk, hoe je daarmee omgaat. Daarnaast was een boerderij gewoon doorwerken; je kunt niet zeggen “Vandaag even niet.” Als de aardappels gerooid moesten worden, dan moest het af. Dus we werkten ook gewoon door ’s nachts en dat soort dingen. Datzelfde, je ziet dat het bij mij er ook wel in zit.

Jeroen: Broers en zussen?

David-Jan: Ik heb twee zussen, één heeft een biologische boerderij waar kuikens opgroeien en akkerbouw. Het is ook mooi om daarvan te leren, dus ze proberen alles biologisch te maken. Ze zit nu ook te kijken naar elektrische trekkers, dan kan nog niet helemaal, maar allemaal van dat soort dingen. En mijn andere zus zit in de zorg.

Jeroen: Ben jij dan zo’n familie waar je vaak over hoort, ze komen uit een ander deel van Nederland en krijgen daar een grote lap grond in de Polder, is het zo’n move geweest?

David-Jan: Was het maar zo makkelijk. Nee, dat ging nog wel net even anders. Dat is wel grappig, daar zijn ook boeken van. Ik ben niet zo’n boekenlezer zei ik al tegen jou, maar dit vond ik toch een interessant boek. Het gaat over: de Noordoost Polder is een maakbare samenleving. Als je iets ziet van maakbare samenleving, en er zijn mensen echt zwaar geselecteerd of ze daar naartoe mochten komen, dan werd er zelfs bij die mensen in Zeeland in de kast gekeken of de lakens wel goed waren opgevouwen. Dus mensen werden echt gescreend op allerlei wijzen of je wel naar de Polder mocht komen. De Polder is opgebouwd – dat zit ook een beetje in mij, merk ik – alles is georganiseerd, dus de dorpen liggen op fietsafstand van Emmeloord, maar ook alle wegen zijn recht. Als je gewoon op een weg rijdt gaat die gewoon rechtdoor. Als ik op de Veluweweg rij, dan gaat die na honderd meter linksaf en daarna rechtsaf, dat is heel irritant. Wat je ook ziet is dat elke vierkante centimeter daar benut wordt. Je ziet dus een hele maakbare samenleving, maar ook een katholiek dorp, een gereformeerd dorp, een hervormd dorp en een vrij dorp. Dat merk ik wel, dat zit ook wel in mij, aan de ene kant komt het Zeeuwse boven en aan de andere kant efficiëntie.

Jeroen: Voor je ouders lijkt me dat extreem heftig geweest. Ik weet niet hoe oud jij was toen jullie daarheen verhuisden, want jij bent daar geboren, of niet?

David-Jan: Ik ben daar geboren.

Jeroen: Maar voor je ouders moet het heel zwaar geweest zijn, uit zo’n gemeenschap weggerukt worden en naar een hele nieuwe plek, alles nieuw.

David-Jan: Ja, zeker. Er werd niet zo heel veel over gezegd, maar dat klopt zeker.

Jeroen: Wat heb je verder meegekregen in je jeugd? Je noemde al heel hard werken, er werd gewoon doorgewerkt als er geoogst moest worden of als er andere dingen moesten gebeuren. Wat heb je nog meer voor dingen meegekregen die heel specifiek voor jou zijn?

David-Jan: Het is overigens niet dat ik nou zo gedrild werd of dat soort dingen, maar het zat gewoon in het gezin. Een bekende uitspraak van mijn moeder is altijd “Ik wil, ik kan en ik zal.” Dat is ook wat je hier nodig hebt om een startup door te doen. Dus dat heeft me gevormd, daarnaast de liefde voor natuur. Het was eigenlijk initieel de bedoeling dat ik de boerderij zou overnemen, vandaar heb ik ook plantenteelt gestudeerd en bedrijfskunde. Uiteindelijk heb ik dat toch niet gedaan. Eigenlijk dacht ik over mijn carrière pad “Ik word boer, dan word ik daarnaast bij de Rabobank bestuurder en misschien nog in de politiek.” Dus ik zag allemaal van dat soort mensen als voorbeeld, ik dacht “Dat gaat ook mijn weg zijn.” Maar je ziet tegenwoordig dat een boerderij gewoon een business is. Je kan heel stoer doen over een fintech, maar een boerderij runnen is misschien nog zwaarder tegenwoordig, met alle regelgeving, administratie en ook nog een keer het weer en de klimaatverandering. Wij zitten over covid te praten, maar er zijn natuurlijk heel veel andere dingen zoals bijvoorbeeld insectenplagen die er allemaal aankomen. Dan heb je nog de prijzen, enzovoort. Een onderneming runnen als een boerderij, dat kun je niet naast iets doen. Dus vandaar dat ik heb gekozen voor “Wat vind ik nou echt leuk?”, dat was toch het handelen en het ondernemende en daarvoor ben ik bij de Rabobank, misschien gek genoeg, gestart.

Jeroen: Nog één stap daarvoor, de plantenteelt en plantkunde, was dat nog steeds het moment waarvan je zei “Ik ga de boerderij overnemen”? Of had je toen al besloten dat je dat niet meer ging doen?

David-Jan: Nee, dat zat op het pad toen ik nog dacht “Dan doe ik dat samen met bestuurder en politiek.”

Jeroen: Wanneer kwam dan dat moment? Was dat één moment dat je zei “Ik ga het toch niet doen”, of is dat gegroeid?

David-Jan: Nee, het was wel het idee om door te gaan naar de universiteit. Dus ik ben tussentijds nog even in dienst geweest, dat was nog in mijn tijd. Ik ben nog pelotonscommandant geweest, wat mij ook gevormd heeft. Ik denk dat het overigens best wel een goede fase was. Maar in Wageningen merkte ik wel dat je meer kon doen met de bedrijven, toen ben ik stage gaan lopen en heb ook mijn afstuderen bij de Rabobank gedaan. Toen dacht ik “Je moet nu gewoon een keuze maken: de boerderij of het bedrijfsleven.” Dan heb ik toch het bedrijfsleven gekozen.

Jeroen: Waarom?

David-Jan: Omdat ik het ondernemen en het handelen interessant vind en ook de veranderingen, dus het inspelen op verandering vind ik interessant. Het handmatige werk vind ik leuk, maar dat was toch iets minder voor mij. Ik vind het wel leuk om op de trekker te rijden, maar wat mij betreft niet het hele jaar. Als ik dan op het land liep om onkruid te wieden liep ik na te denken over de wereld en allerlei andere dingen.

Jeroen: Waren je ouders teleurgesteld?

David-Jan: Nee, ze hebben mij altijd gestimuleerd mijn eigen keuze te maken.

Jeroen: Maar ze beseften wel “Het gaat niet verder in de familie”? Want je zus heeft het ook niet overgenomen.

David-Jan: Nee, ze had dat misschien wel graag willen doen, maar zo gaat dat. Dan was ze misschien wel meer op mij gefocust. Zij was inmiddels verder met mijn zwager en was daar gestart met een boerderij. Maar ze heeft me altijd gestimuleerd op mijn eigen keuze te maken, ook mijn vader. Ze waren trots en blij dat ik niet voor de boerderij koos als wel.

Je luistert naar Leaders in Finance met Jeroen Broekema.

Jeroen: Hoe typeer je je studententijd? Wat voor student was je daar, eerst aan de hogeschool en toen aan de universiteit?

David-Jan: Ik ben blij dat er toen nog geen Facebook bestond. Ik heb een leuke studententijd gehad en heb het in Wageningen ook naar mijn zin gehad. Allerlei ontgroeningen gehad, ik geloof dat ik wel 3-4 keer ontgroend ben in mijn leven. Van alles en nog wat leuke dingen gedaan, maar wel ook belangrijk om mee te maken. Dat denk ik wel en het is ook echt jammer door covid dat dat even helemaal plat ligt. Dat merk ik ook wel aan mijn neefjes en nichtjes. Dat hoort je echt te vormen. Zoals ik al zei vormt de diensttijd je, om op zo’n jonge leeftijd leiding te geven. Maar ook het studentenleven vormt je, om gewoon om te gaan met mensen, wat ook de kern is van een bedrijf.

Jeroen: Heb je bepaalde mensen gehad in die periode, totdat je bij de Rabobank begon, die heel cruciaal geweest zijn voor jouw denken?

David-Jan: Ik vond bijvoorbeeld Wijffels een inspirerende man en ook de advertentie waar ik op gesolliciteerd heb was “Ga je in debat”, geloof ik. Ik dacht “Dat wil ik wel. Een inspirerende man, daar kan ik wat van leren en ik wil wel weten hoe hij denkt en misschien ga ik ook wel met hem in debat.” Dus die zag ik wel als grote voorganger. Zo heb je er heel veel van wie ik denk “Dat zijn allemaal fantastische mensen.” Of Rik Op den Brouw, bijvoorbeeld, Bart Leurs is natuurlijk ook een goede. Er zijn heel veel mensen. Wat ik ook altijd heel belangrijk vind is dat ik nooit iets zelf gedaan heb; je doet altijd iets met iemand anders. Altijd is er iemand anders bij mij geweest die zorgt dat ik ook succesvol kon zijn. Dus mensen die zeggen “Succes dwing je af” en al dat soort dingen, ik geloof daar niet in. Je hebt geluk dat je de juiste mensen ontmoet. Zoals Floris, bijvoorbeeld of heel veel anderen die ik kan noemen, iedereen die ik de afgelopen 20-25 jaar heb tegengekomen heeft mij geholpen om een stuk verder te komen en te bereiken wat ik kon doen.

Jeroen: Hoe ervoer jij het om in zo’n toch wel grote bureaucratie, wat zo’n bank is, te werken? Terwijl het boerenbestaan – daar was je misschien niet eindverantwoordelijke, maar je werkte ook mee in het bedrijf en je was daar natuurlijk altijd – dat is toch ook wel vrijheid? Het is maar een beperkte hoeveelheid vrijheid, natuurlijk, maar wel anders dan een grote organisatie. Hoe ging je dat af, de eerste jaren?

David-Jan: Dat klopt, die vrijheid zit wel gewoon in mij, dus ik denk dat ik altijd wel een aparte vogel ben geweest als collega. Eén manager zei zelfs “Je kan wel wat, maar ik weet niet wat.” Ik ben eigenlijk altijd wel al de vrije vogel geweest, maar altijd bezig geweest met strategie; dingen komen vanuit de buitenwereld op je af, vaak van de technologie maar ook maatschappelijk, hoe kan je dan als Rabobank daarmee omgaan? Daar zat ik altijd. Dus ik ben gestart toen internet nog nieuw was, het cyber center. Toen was het duidelijk dat natuurlijk internetbankieren logisch was, ik was daarvoor overigens al bezig geweest met videotex en videotex banking. Maar ik was juist bezig met social, dus ik dacht “Het internet bestaat om iedereen naar Utrecht te connecten.”  Dus eigenlijk zeg je op het internet “Kom allemaal maar naar Utrecht!”, terwijl de grondslag van de Rabobank was dat je middenin de samenleving stond. Dus ik was toen bezig met “Hoe brengen we de Rabobank juist terug naar middenin de samenleving? Want dan benutten de kracht van Rabobank en de kracht van internet.” Ik was toen betrokken bij Lokaal Kopen, dat soort systemen. Rabobank was één van de eerste internet providers, je kon op het geldautomatennetwerk internetten. Vanuit de lokale gemeenschap kon je via de Rabobank het internet op. Dat zijn mooie mogelijkheden waarop je jezelf blijft en de nieuwe technologie toepast. Dat heb ik altijd gedaan.

Jeroen: Nog één stapje terug, één ding schiet me nog te binnen wat ik heel graag had willen vragen, dat doe ik dus nu. De diensttijd, je zei “Daar heb ik wel veel aan gehad”, hoe lang heb je het gedaan en wat zijn nou de belangrijkste dingen die je daar hebt meegekregen? Want discipline had je van huis uit wel mee, als ik het zo een beetje beluister.

David-Jan: Ja, klopt. Dat moet je ook niet overdrijven, maar in ieder geval klopt het doorgaans zeker. Wat je daar leert, je moet ook in het geheel lopen, anders gaat het gewoon niet, en tegelijkertijd zelf blijven nadenken. Die combinatie is heel belangrijk, je bent altijd voor jezelf verantwoordelijk en je bent ook verantwoordelijk voor je mannen. Dus je moet altijd blijven nadenken. Ik heb zelf veel geleerd, maar wat ik ook wel kan toepassen, als pelotonscommandant moet je die mensen aan het werk houden. Het waren allemaal dienstplichtigen, dus mensen van de universiteit kwamen bij jou de chauffeur zijn van de bataljonsstaf. Wat deden die daar dan? Dan was het “We hebben eigenlijk even niks te doen. Ga die lader maar schilderen”, dat soort klusjes allemaal. Ik dacht “Zo motiveren we onze mensen niet.” Toen heb ik gezegd “Als je een opleiding volgt mag je wat mij betreft om 15.00 uur naar huis, als je maar een opleiding volgt. Wat mij betreft ga je er niks aan doen, maar je volgt wel een opleiding.” Die werd betaald door defensie, maar als je hem niet haalde moest je een deel terugbetalen. Dus daar zat een automatische drive in dat mensen uiteindelijk dachten “Nu moet ik wel wat gaan doen.” Toen bleek dat meer dan de helft een opleiding deed, dat heeft toch een hoop mensen weer een stap verder kunnen brengen, ook voor een carrière daarna.

Jeroen: Heb je mensen uit die tijd waar je nog contact mee hebt?

David-Jan: We hebben nog steeds contact met de mensen van de officiersopleiding, dat is wel heel leuk. Die zijn ook allemaal ondernemer of consultant geworden in allerlei pluimage. Het is heel interessant om daarmee ook te sparren.

Jeroen: Heb je weleens gedacht “Ik ga gewoon verder in het leger”?

David-Jan: Nee, dat niet. Ik vind for king and country wel belangrijk, ik heb ook lang op reserve gestaan totdat dat ook weer een baan werd. Toen dacht ik “Dan maar niet.” Maar king and country vind ik belangrijk. Ik merk het bijvoorbeeld ook bij mijn zoon terug, die zit ook wel zo in elkaar. Maar echt het leger in, ik denk dat je daar ook veel dingen moet doen zodat je uiteindelijk in een situatie terechtkomt waar je niet anders kunt. Maar ik denk dat je daar een leven lang last van hebt.

Jeroen: We hebben bij Leaders in Finance ook altijd een teaser en een pleaser. De pleaser is altijd dezelfde, daar komen we zo op. De teaser die ik heb opgeschreven gaat altijd over het bedrijf dat je vertegenwoordigt. Mijn teaser is: Jullie grote succes is dat je heel veel fraude en heel veel problemen kunt voorkomen. Dat betekent ook dat mensen verwachten dat jullie dat doen. Dat is de teaser. De teaser is ook dat dat een keer gewoon misgaat en dat een mega PR-probleem voor jullie oplevert, omdat er wel een grote fraude plaatsvindt terwijl men vindt/verwacht dat jullie dat hadden moeten voorkomen. Ben je het daarmee eens?

David-Jan: Ik denk dat dat risico er misschien wel in zit. Zo hebben wij het nooit gepositioneerd en dat blijven we ook zo doen. We hebben de Iban-naamcheck melding altijd gepositioneerd als een helpmelding, zoals je ook in Windows je meldingen had. Wil je dit downloaden? Ja, ik wil dit downloaden. Zo positioneren we ook de Iban-naamcheck. Toen wij startten zeiden ze ook “Je mitigeert maar 80% van de fraude, waarom niet 100%?” Ik zei altijd “Wees blij; 80% is ook al wat.” Toen zeiden ze “Ja, maar jullie hebben maar een data coverage van 80% van Nederland; je zult maar 80% kunnen voorkomen.” Nu zitten we op 99,6%, geloof ik. Het gaat er dus niet om dat je absoluut bent en dat mensen je afrekenen op “Waarom heb je deze niet?” Nee, het gaat over “Waarom deze wel en hoe komen we op meer wel?” Dat is ook hoe we het zijn gestart: “Wat kunnen we wel?”, in plaats van te focussen op “Wat kunnen we niet?”, want dan begin je nooit. In Engeland was het even anders, dat was ook een beetje schrikken. We hadden een mooie pitch voorbereid, dus ik stond daar met Floris aan mijn zijde te pitchen. Ik dacht “Mooi product en we’ve seen that and done that in Nederland.” De eerste vraag was “Hoe zit het met de aansprakelijkheid? Zijn jullie aansprakelijk of zijn wij aansprakelijk?” Dat was de eerste vraag in Engeland. Dus daar speelt dat natuurlijk wel. Maar je ziet ook bijvoorbeeld dat de Engelse banken net te lang gewacht hebben met het vrijwillige opstarten van de confirmation of payee. Daardoor heeft de overheid hen aansprakelijk gesteld voor de fraude en omdat ze aansprakelijk waren voor de fraude zijn ze nu ook gestart met de confirmation of payee. Maar dat aansprakelijkheidsdenken, daar hou ik niet van. Dat zorgt ervoor dat je altijd minder innovatie krijgt en mensen gaan niks doen want dan word je aansprakelijk.

Jeroen: Liability en distrust liggen wel dicht bij elkaar.

David-Jan: Ja.

Jeroen: Aan de pleasende kant, lees je graag? Zo ja, heb je bepaalde boeken die je inspireren? Zo nee, heb je films of andere dingen die je graag bekijkt?

David-Jan: Ik ben eigenlijk geen boekenlezer. Onze hele familie is dyslectisch, dus ik zal daar ook wat van mee hebben gekregen.  Het ligt natuurlijk niet aan mijn genen. Ik ben geen boekenlezer, maar ik lees wel heel veel de krant. Vanaf begin af aan las ik altijd de krant, daarna natuurlijk via het internet. Ook dingen zoals Elsevier heb ik vroeger altijd heel veel gelezen. Nu lees je het gewoon overal. Wat ik altijd probeer te doen is een doorbraakconcept eruit te pikken en te onthouden. Daar ben ik altijd op gespitst, dus “Waar zit hier nou de doorbraak in? Waar zit de vernieuwing in?”, dat sla ik op in mijn geheugen. Later vraag je me “Hoe kom je daaraan?”, dat weet ik niet meer. Dat is het concept. Dus daar ben ik wel heel erg op gespitst en daarbij volg ik mensen want die zeggen altijd van dit soort doorbraak dingen.

Jeroen: Heb je een voorbeeld?

David-Jan: David Byrd op dit moment vind ik wel een hele interessante kerel, die heeft het vooral over identiteit en ook over crypto en de digitale valuta, daar zit hij nu heel erg op. Die had wel hele interessante paradigmata. Eén ervan was – ik weet niet of het waar is, maar ik vind het een mooi verhaal – als je het ring-fenced heeft het waarde. Digitale waarde moet je dus ring-fencen, of het nou Blockchain is of wat dan ook, want dan krijgt iets waarde. Dat zie je nu ook bijvoorbeeld met dit interview, dat je daar een recht op kan verkopen. Hij had het voorbeeld van Amerika waarin men het land af paalde en toen was het verkoopbaar. Dat soort dingetjes onthoud ik dan, dan denk ik “Dat moet ik onthouden.” Zo heb je ook een mooi paradigma, dat heb ik ook altijd onthouden, heel vaak, als je de waarde probeert toe te laten nemen, bijvoorbeeld dat je zegt fraude mitigatie, dus meer fraudes oplossen, dan nemen vaak ook de kosten toe. Dus dan is een optimale manier te zeggen “Hier stop ik.” En de doorbraak is: Hoe kun je meer waarde creëren door eigenlijk het goedkoper te maken? Dat noemen we vaak de innovatie.

Jeroen: Dat ring-fencen, kun je dat ook op Surepay toepassen, op de ene of andere manier?

David-Jan: Belangrijk is natuurlijk wel dat je de waarde altijd moet kunnen capturen. Banken in zijn algemeenheid vertegenwoordigen een enorme waarde voor de maatschappij, maar tegelijkertijd mag die betaalrekening niet meer dan twee tientjes per jaar kosten. Dus het creëren van waarde en dat weten te capturen, dat is wel belangrijk. Dat was ook onze belangrijkste vraag toen we startten voordat we überhaupt gingen coderen. We zagen het helemaal zitten, maar zijn banken bereid om ervoor te betalen, zijn corporates bereid om ervoor te betalen of zijn misschien wel consumenten bereid om ervoor te betalen? Dus in die zin zeker. Daarnaast hebben we altijd heel erg gerespecteerd “Van wie is de data?” Dat is sowieso een hele lastige vraag. In ieder geval, als de data van de bank komt respecteren we dat die data van de bank komt. Wat vindt die dan dat wij met die data mogen doen? Dat palen we af, dat staat heel strak gereguleerd. Dat palen we ook af naar onze afnemers, dus die mogen daar ook maar een deel mee. Daar zijn we ook heel voorzichtig in. Dus het is iemand anders zijn waarde, daar moet je dan ook voorzichtig mee omgaan.

Jeroen: We spraken in het begin al even over die Moonshot, die prijsvraag bij de Rabobank. Daar wil ik het heel graag over hebben. Hoe gaat zoiets in de praktijk? Jij werkt bij de Rabobank, je hoort dat daar een prijsvraag is, een Moonshot, hoe ging dat precies?

David-Jan: Sowieso was ik natuurlijk wel van de ideeën, dus ik was eigenlijk overal altijd wel bezig met ideeën creëren. Toen kwam die Moonshot voorbij, dat is georganiseerd door René Steenvoorden en het idee daarbij was dat de Rabobank digitaliseert en dan digitaliseer je eigenlijk de oude wereld. Dus ondernemingen probeer je digitaal te maken. Wat er natuurlijk nodig was, en de fintechs kwamen eigenlijk al op, is dat je zegt “Nee, ik moet een nieuw bedrijf creëren.” Dat creëer je eigenlijk niet binnen de muren van het digitaliseren. Daarvoor is de Moonshot campagne opgekomen en het idee was dat daar dus ook ideeën kwamen die een bedrijf konden worden en dus een nieuwe BV naast de Rabobank zelf. Daarvoor was ook een nieuw fonds opgericht, Rabo Frontier Ventures, RFV. Dat is dan ook het investeringsvehikel om dat weer groot te maken. Vervolgens krijg je een ideeënbus, daar kan je ideeën in plotten, dat deed je altijd tezamen met een paar mensen met wie je denkt “Hiermee kunnen we het creëren.” In mijn geval was dat met Marcel. Ik geloof dat we 240 ideeën kregen, die werden dan geselecteerd door een jury en uiteindelijk kom je bij de laatste twintig.

Jeroen: Hoe kwam je op het idee, even tussendoor?

David-Jan: Marcel en ik waren al heel lang bezig met het nieuwe online concept. In de bankieren-app zie je steeds meer dingen terugkomen die we toen ook bedacht hebben. Daar zitten nu hele andere teams op, die bedenken dat ook natuurlijk allemaal zelf niet, daar zijn wij dan weer de vader van. Eén van de dingen die ons toen al intrigeerden was: Als je wil betalen, betaal je eigenlijk het liefst aan een foto. Want ik ken jou nu, dus ik herken jou aan de foto. Waarbij je bij betalen altijd betaalt aan een nummer, en dat nummer ken ik niet. Dus wij wilden dat eigenlijk, toen we de bankieren-app bedachten, helemaal opnieuw maken. We zeiden “Eigenlijk moet het net als Facebook of WhatsApp, je transactieoverzicht moet een serie logo’s en foto’s zijn want je betaalt altijd aan een iemand of een bedrijf.” Dat wilden we toen al realiseren, toen dachten we “Dat gaat maar niet. Weet je wat? We maken daar een nieuw idee van, want we kunnen hier ook een business van maken als service zelf.” Toen zijn we gaan kijken “Dit kun je toepassen als digitaliseren van de oude onderneming, maar je kunt het eigenlijk ook zien als een losse onderneming waarbij ING en iedereen op de wereld hier gebruik van maakt.” Dus vanaf dag één was het idee van Marcel en mij wel om dit te verkopen aan andere banken. Dat was toen al vernieuwend want het was toch niet vanzelfsprekend dat een ING iets kocht van de Rabobank of de Rabobank iets van ING.

Jeroen: Toen wonnen jullie.

David-Jan: Toen wonnen wij. Dus je hebt eerst een hele pitch training en al dat soort dingen en een business model canvas maken, hartstikke leerzaam allemaal. Wat als je de Iban-naamcheck wil lanceren zonder internet? Een super interessante vraag waardoor je daarna tot de kern komt. Met de pitch verloor ik mijn baan. Zo werkt dat, want je kunt alleen maar een startup doen als je full focus eraan werkt. Dat was heel goed gezien door Rabobank, door het Moonshot programma. Het was ook daarvoor al afgetikt, er werd aan Alexander gevraagd dat mocht ik dit winnen, dan zou vanaf 1 januari David-Jan niet meer voor Alexander werken.

Jeroen: Mocht je wel terugkomen als het zou mislukken?

David-Jan: Dat mocht wel, denk ik, maar dat was niet het doel. Want als je dat doet blijf je met je hoofd hangen in je oude baan. Dus we werden losgetrokken van de Rabobank, we werden in het B. Building in Amsterdam gezet zodat je echt mentaal en fysiek los was van de Rabobank en full focus op de Iban-naamcheck kon gaan werken.

Jeroen: Wat was het moment dat je dacht, samen met je compagnon, “Dit gaat echt groot worden”?

David-Jan: Je moet het idee altijd wel hebben dat het groot zou kunnen worden, zo moet je het ontwikkelen. Voor de rest moet je altijd heel erg stap voor stap gaan, hoe je ook in elkaar zit. Je moet altijd proberen op het hoogste groeiniveau te blijven, ook in mijn carrière heb ik er altijd zo naar gekeken. Als het er dan iets lager uitkomt is het ook prima. Maar je moet wel altijd in je gedachten houden “Hier komt een kans voorbij, deze moet ik benutten.” Dus het was altijd wel de bedoeling om dit op te schalen naar de wereld en naar meerdere banken en corporates. Vervolgens waren we de hipster, de hacker en de hustler. Ik ben de hustler, dat merk je wel; ik klets wat raak. Marcel is natuurlijk de hipster, die heeft gezorgd dat het zonder uitleg en service was, zoals je ook de iPhone kent met one button. Zo werkt Iban-naamcheck ook, vanzelfsprekend werkt het in één keer goed. Maar we hadden geen hacker. De hacker was Daniel Hes. In elk stadium heb je mensen die je helpen om succesvol te worden en die heeft toen voor ons de pitch gedaan en later zijn er weer andere mensen bijgekomen. We zijn dus gestart met drie maanden valideren of ons idee wel het goede idee was. Ik zal je verklappen, we zijn helemaal niet gestart met Iban-naamcheck als idee. We zijn gestart met het concept om contactgegevens en bankgegevens bij elkaar te voegen zodat je kon betalen aan een persoon of een bedrijf. Daar hadden we een ander idee bij, toen hebben we dat gevalideerd. Iedere dag dat Marcel en ik naar huis reden met de trein – we hadden gelukkig geen leaseauto, dan kom je mensen tegen op het station – interviewden we op het station drie mensen individueel. Na een aantal dagen hadden we al zoveel mensen gesproken en de vraag was dan natuurlijk “Heb je dit weleens? Heb je dat weleens?”, om het probleem te valideren. Na drie dagen kwamen Marcel en ik erachter dat iedereen er helemaal juichend over was met de pitch, niemand zag het als een probleem. Lean startup denkend moet je dan gewoon zeggen “Ik stop ermee.” Maar dat is moeilijk, om dus van iets waar je zelf in gelooft en waar iedereen in gelooft tijdens je pitch te zeggen “Het is een supergoed idee, het lost alleen geen problemen op.” Toen zijn Marcel en ik gaan doorvragen en toen kwamen we eigenlijk op een ander probleem en dat was er wel, dat was eigenlijk de enorme booming factuurfraude. Het probleem daarvan was dat je niet wist aan wie je overmaakt. Ons basisidee loste dat eigenlijk op. Toen zijn we van het ene probleem overgestapt naar het andere probleem met ook een andere service. En hier zijn we.

Jeroen: Een mooi verhaal! Je moet dus eigenlijk mensen op Utrecht centraal gewoon random aanschieten en vragen stellen?

David-Jan: Altijd! Ik vind dat tot nu toe ook, zeker in de fase waarin ik nu zit, de vraag kan ook zijn “Hoe lang blijven we nog CEO?” of “Hoe lang blijven we nog founder of betrokken?” Een hele lange periode moet je als CEO zelf mensen hebben geïnterviewd waardoor je weet “Welk probleem los ik eigenlijk met mijn bedrijf op?” Die gesprekken weet ik bijna nog allemaal. Totdat we ook bij de Iban-naamcheck gevalideerd hadden en aan de eerste jongen die we tegenkwamen op het station hier in Utrecht vroegen we “Maak je weleens betalingen over via je mobiel?” “Ja, zeker.” Toen zei ik “Heb je weleens dat je denkt ‘Ik weet niet of de Iban wel klopt’?” Toen zei hij “Dat heb ik nooit.” Toen dacht ik “Ah, shit. Weer een crash.” Toen zei ik “Hoezo dan? Hoe kan dat? Want je hebt toch weleens dat je aan iemand nieuw betaalt en dan weet je niet welk rekeningnummer het dan is.” Toen zei hij “Dat heb ik nooit want dan ga ik op het internet kijken of ik daar het nummer kan vinden. Als ik het niet vind ga ik bellen.” Dus hij maakte er een heel feest van om erachter te komen. Toen zei ik “Wat nu als je dat gewoon in de app kan zien?” Dat zou hij fantastisch vinden en dan heb je Lean Startup-wise je early adopter te pakken die al bezig is om zijn probleem op te lossen en als die jouw oplossing fantastisch vindt heb je een hit. Dus daar leerden we heel veel van.

Jeroen: Dus praten met klanten, maar ook dat voorbeeld van die jongen dat je vertelde vond ik ook heel interessant, je kan dus ook de verkeerde vragen stellen aan de klant of aan de persoon die je interviewt op dat moment. Want doordat je doorvroeg kwam het er pas echt uit.

David-Jan: Dat hadden wij geleerd. Het is ook heel waardevol dat wij die Lean Startup training kregen in de B. Building door Innoleaps op dat moment. Het Lean Startup denken is cruciaal. Ik vond het sowieso al interessant, maar ik moet wel zeggen – dat merk je ook nu – ik zit ook in de expertmode. Als je gaat solliciteren wordt er altijd gevraagd “Wat weet je en wat kan je?”, en eigenlijk moet je heel goed zijn in I don’t know. Dus alles waarvan je denkt “Dit is zo” moet je daarna denken “Ik ga dat valideren.” Die switch in mijn hoofd was heel belangrijk en o zo moeilijk.

Jeroen: Stiekem geef je al een paar antwoorden op mijn volgende vraag, dat is een vraag die ik aan iedereen gesteld heb tot nu toe, aan 92 leiders in de financiële sector: Heb je tips voor mensen die starten in de financiële sector? Of breder, mensen die starten op de arbeidsmarkt, maar liefst in de financiële sector? Dit is toch Leaders in Finance. Waar denk je aan?

David-Jan: Twee dingen, het ene is toch iets onderbelicht gebleven. Laten we starten met die ‘I don’t know‘, dat is wel heel belangrijk, denk ik. Ik wist altijd “Hier gaat de wereld naartoe”, daar had ik ook presentaties voor en al dat soort dingen. Ik was best wel goed in op het podium mijn verhaal neer te zetten. Maar valideer of het inderdaad klopt en met name als je een startup wil hebben, dan moet je een probleem oplossen. Want als je, zoals wij geleerd hebben, een bleeding neck oplost is men bereid daarvoor te betalen. Heb je een verbetering, daarvoor wil niemand betalen. Als je een startup wil creëren moet je waarschijnlijk klanten weghalen bij een andere partij of een nieuwe waarde zien te creëren waar men ook geld voor over heeft. Dus je moet een bleeding neck oplossen. Ik heb even een kort verhaal daarover. We waren een tijdje live en het was al bekend dat de Iban-naamcheck bestond. Ineens belde een partij ons op en zei “Kunnen wij de Iban-naamcheck ook gebruiken? We zijn geen bank, maar kunnen wij dat ook gebruiken?” Toen zei ik “Natuurlijk, dat kan. Hij is ook beschikbaar voor bedrijven.” Toen zei hij “Dat is goed.” Dat was op een donderdag, geloof ik. “Anders kunnen wij maandag geen producten meer verkopen door striktere Know-your-customer regels.” Toen dachten ze “Shit, hoe gaan we dit dan doen?” Toen zeiden we “Prima, dat kan natuurlijk.” We hebben het niet over de prijs gehad en op maandag waren ze live. We hebben het daarna nog twee keer gehad waarbij er één keer op zondag gebeld werd of we het op zondag nog konden oplossen voor maandag. Maar dan weet je dat je iets hebt wat groot kan worden.

Jeroen: Maar dat is meer een tip om te starten als ondernemer, maar tips op de arbeidsmarkt voor starters? Voor startende ondernemers zeker, maar voor starters die bij de Rabobank of elders gaan werken?

David-Jan: Ik zou dat nog steeds doen, wat je ook doet, ik heb zelf de Lean Startup training gegeven aan juristen. Ik heb tegen hen gezegd “Natuurlijk maak je een contract, maar welk probleem los je met dat contract op?” Dus start bij “Welk probleem los ik op?”, en dan maak je een contract, in plaats van dat je een contract maakt en dan ziet waar de discussie komt. Dat is de eerste tip. De tweede belangrijke tip is: Zoek altijd mensen om je heen. Die zijn cruciaal. Ik zei het al, ik ben nooit succesvol geworden door mezelf; altijd door iemand die het daarna met mij oppakte. Dus ik ben van de ideeën en het denken, ik heb altijd iemand nodig die het daarna ook uit mijn handen rukt en zegt “Ik ga dit voor je regelen.”  Mensen bij elkaar halen of wat dan ook, zoals Marcel, om het concreet te maken. Marcel kan trouwens tot in grote hoogte tot ideeën komen en uitwerken. Dus mensen zijn heel erg belangrijk. Zorg dan dat je inderdaad multidisciplinair bent in persoonlijkheid. Ik denk dat al jouw interviewees dat gezegd hebben, maar het is best lastig om mensen te zoeken die juist aanvullend zijn in je team en dat je team die ook allemaal zo ziet. We hebben ook wel regelmatig sessies waarin we zeggen “Noem jij nou de mooiste eigenschappen op van die ander”, zodat je de waarde van elkaar ziet. Je kan bijna voorspellen wie wat zegt, want je hebt allemaal je toegevoegde waarde in een gesprek.

Jeroen: Eerder in het gesprek, dat vond ik heel mooi, zei je “Politiek, Rabobank en boer.” Rabobank is gelukt. Je zou eraan toe kunnen voegen, met je bedrijfskundige achtergrond, ook het bedrijf runnen. Dat doe je nu ook. Zie je jezelf ooit nog boeren of in de politiek gaan?

David-Jan: Ik vind de natuur heel interessant. Ik mountainbike, dus die verbazing van de natuur hou ik echt vast. Ik hou nog steeds van modder en water en wind. Dat pak ik daar. Ik weet niet of ik daar ooit in door moet gaan. Ik weet het nog niet, misschien word ik weleens een keer iemand die iemand rondleidt in het bos of wat dan ook. Dat lijkt me leuk om misschien te doen, ik weet het eigenlijk niet. Maar de natuur trekt mij wel, ik weet nog niet waar het toe leidt. Ik hou nog wel innovatie bij in de landbouw en zo, dus dat je denkt “Daar is ook een doorbraak.” Dat vind ik ook wel interessant. Dus wie weet, ik weet het niet.

Jeroen: Dat ging over het boeren, en de politiek?

David-Jan: Politiek vind ik heel interessant. Ik ben er een tijd lid van geweest en actief in geweest, ook in een werkgroep Landbouw, bijvoorbeeld. Ik ben er toen toch mee gestopt omdat ik het bij de politiek lastig vond dat het soms meer ging om de persoon en de partij dan uiteindelijk de echte problemen oplossen. Dat vond ik toen te veel moeite om impact te hebben. Dus ik dacht “Via een corporatieve bank die het zag als kernwaarde”, daarom ben ik bij de Rabobank gestart en niet bij ABN AMRO. Niet dat ABN AMRO slecht is of zo, maar in ieder geval zit het daar gewoon in de genen. Maar ik vind de politiek wel nog steeds heel interessant, ik vind het spel wel interessant en dat soort dingen. Maar het moet wel ergens toe leiden. Wat je nu ziet gebeuren in Amerika, niet dat ik daarmee iets wil zeggen of wat dan ook, dat daar inderdaad Biden in zijn speech zei “Het enige waarvoor de republikeinse partij nu op aarde is, is om ‘nee’ te zeggen tegen alles wat democraten doen”, daar wil ik geen onderdeel van zijn. Dat lijkt me echt heel frustrerend om daar onderdeel van te zijn. Maar verder wil ik ze wel helpen, dus als iemand een keer wil weten “Hoe kunnen we iets op innovatie doen?”, of wat dan ook, prima.

Jeroen: Tot slot: ik heb heel veel mogen vragen, er zijn natuurlijk ook altijd heel veel vragen die ik ook nog had kunnen stellen, maar heb jij nog iets waarvan je zegt “Jeroen, ik vind het jammer dat je daar niet naar gevraagd hebt”? Dan is dit een goed moment om daar iets over te zeggen.

David-Jan: Wat ik al zei, ik denk ook dat het al vaak genoemd is, maar ook in je werk heb je altijd mensen om je heen nodig die het succes maken. Great services are only possible with a great team. Dat geldt natuurlijk ook voor thuis.

Jeroen: Licht het nader toe?

David-Jan: Er gaat natuurlijk een hoop tijd in zitten; je hoofd staat nooit stil. Tenminste, bij mij niet. Daar moet je thuis wel mee om kunnen gaan.

Jeroen: Hoe doen jullie dat, hoe managen jullie je werk en privé?

David-Jan: Niet, eigenlijk. Wellicht voel je jezelf schuldig dat je bijna te veel nadruk op jezelf legt, niet vanuit dat ik mezelf belangrijk vind maar omdat ik het belang van het bedrijf en de maatschappij vooropstel. Je moet door, ik wil en ik zal en ik kan. Maar daarmee moet je wel uitkijken dat je thuis nog voldoende tijd overhoudt.

Jeroen: Hele mooie toevoeging! Ik wil je heel hartelijk danken voor dit uitgebreide gesprek waar we veel over jou te weten gekomen zijn en veel over het bedrijf en nog breder dan dat. Ik heb hier een klein cadeautje van Bocca Coffee, een B-corp gecertificeerd koffiebedrijf. Ik hoop wel dat je koffie drinkt, dat hebben we niet gecheckt. Dat krijg je zo meteen na de aflevering. Heel erg bedankt voor het leuke en enthousiaste en energieke gesprek! Ik ga jou volgen, maar ik ben ook heel erg benieuwd waar Surepay naartoe gaat. Volgens mij kan het nog heel veel groter worden, dus dat ga ik volgen. Dankjewel!

David-Jan: Dankjewel voor het interview!

Dit was Leaders in Finance, we hopen dat je deze aflevering met veel plezier hebt beluisterd. We stellen je feedback erg op prijs, wat houd je bezig en over wie wil je meer horen? Laat het weten via een Apple of Google review. Dat kan ook via de social media kanalen of direct via een email. We kunnen het enorm waarderen als je dat doet. Tot slot danken we onze partners voor hun steun, dat zijn Kayak, EY, Odgers Berndtson executive search en Roland Berger.

Subscribe

Door deze site te gebruiken ga je akkoord met het plaatsen van cookies. Meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten