#98: Leonique van Houwelingen (transcriptie)

Transcriptie: Leonique van Houwelingen

Dit is Leaders in Finance: een podcast waarin we op zoek ga naar de mens achter het succes. We praten met leiders van nu en later over hun drijfveren, carrière en privéleven. Waarom? Omdat er meer gesproken moet worden in de financiële sector.

We willen de partners van deze podcast hartelijk bedanken voor hun steun, dat zijn Interim Valley, EY, Odgers Berndtson executive search en Roland Berger.

Onze gast in deze aflevering vindt dat het aantal vrouwen aan de financiële top in Nederland snel moet toenemen. De argumentatie die vaak hoort waarom het tot nu toe nog niet gelukt is, die kan gewoon de prullenmand in, zegt ze. “Dat wordt natuurlijk altijd als argument aangebracht van ‘Er zijn niet genoeg vrouwen gemotiveerd om zo’n baan te nemen.’ Ik geloof daar helemaal niks van. Ik maak ook altijd de grap ‘Ik ben er nog niet voor gebeld’.” Ze is als jongste van zes kinderen een doorzetter. In de financiële wereld moet je nu eenmaal veel uren maken, maar de voordelen voor onze gast zijn dat ze dan ook veel kan reizen. “Het is echt een verrijking van je werkende bestaan, omdat je gewoon veel culturen meemaakt. Maar dat kan allemaal niet in een achturige werkdag.” Onze gast stapte onlangs na achttien jaar op bij BNY Mellon, ze was daar Chief Executive Officer. Waar moet de volgende uitdaging aan voldoen? Daar heeft ze wel een beeld van. “Diversiteit, inclusion, bepaalde maatschappelijke verantwoordelijkheid, leiderschap, die zaken moeten daar wel in terugkomen.” Wie weet waar we onze gast nog terugzien? Het komende uur zit ze in elk geval aan tafel bij Leaders in Finance. Onze gast is Leonique van Houwelingen, je gastheer is Jeroen Broekema.

Jeroen: Welkom bij een nieuwe aflevering van Leaders in Finance. Deze week met Leonique van Houwelingen, voormalige CEO van de Europese bank van BNY Mellon. Welkom, Leonique!

Leonique: Dank je! Leuk dat ik hier kan zijn.

Jeroen: Absoluut! Leuk dat we hier in Driebergen-Zeist bij Grytte Bloemenheuvel zijn en dat jij de tijd neemt om met mij en met Leaders in Finance te spreken. Leonique startte haar loopbaan bij ABN AMRO in 1995 waar ze verschillende rollen vervulde, waaronder in de hoek van Export Finance en Fixed Income Transaction Management, Legal and Working Capital. In 2003 stapte ze over naar wat nu heet BNY Mellon, en ze vervulde daar allerlei management posities, waaronder als CEO van de Europese operatie. Naast haar functies heeft ze en vervulde ze allerlei nevenfuncties, zoals bestuurslid van de Foreign Banker’s Association en de Nederlandse Vereniging van Banken en is ze op dit moment nog Director bij JA Europe, een wereldwijde NGO die allerlei activiteiten ontplooit om jongeren te ondersteunen op de arbeidsmarkt en in het ondernemerschap. In Europa alleen al werden meer dan vier miljoen studenten ondersteund. Leonique studeerde rechten in Leiden. Ze is 51 jaar, is getrouwd, heeft drie kinderen en woont in Bilthoven. Dat ter introductie. Ik was eigenlijk benieuwd om eerst met jou te praten over die hele servicing industry die om die institutionele beleggers heen zit. Want door jou ben ik me daar wat meer in gaan verdiepen, jouw vorige werkgever zat daar natuurlijk in, maar je kan ongetwijfeld veel breder kijken dan dat. Allereerst, dat is een grote industrie, volgens mij?

Leonique: Megagroot, ja. Ik denk ook niet dat heel veel mensen zich dat realiseren, maar dan heb je het over duizenden miljarden aan investeringen wereldwijd.

Jeroen: Die hele industrie die daaromheen zit, jij noemde het in het voorgesprek de servicing industry daaromheen, wat voor rollen vervult die allemaal?

Leonique: Je moet eigenlijk denken aan de hele achterkant van een belegging. Op het moment dat jij een belegging doet in een bepaald fonds zit daar een heel fondsbestuur achter en een heel fondsmanagement. Die stukken moeten aangehouden worden, die zitten ergens. Je kan beleggen in Amerika, in China, in welk land dan ook. Die stukken moeten aangehouden worden, die moeten geregistreerd worden. Die moeten worden gewaardeerd, daar zitten bijvoorbeeld rechten aan. Belastingteruggave of je mag stemmen, daar zitten dividenduitkeringen aan. Dat is eigenlijk wat een service provider doet en dat is een hele grote business. Dat is wereldwijd, je services zijn in 104 tot 107 landen waarin geïnvesteerd kan worden wereldwijd. Die business richt zich vooral op wat we noemen de achterkant van een belegging. Daar komen nog allerlei andere zaken bij, dan moet je aan bankactiviteiten denken, foreign exchange, als jij euro’s aanhoudt, maar je moet met dollars betalen voor een aandeel, dan doen wij daar ook de foreign exchange van. Maar je moet ook bijvoorbeeld denken aan het aanhouden van geld op een rekening omdat je natuurlijk moet kunnen funden. Er zit eigenlijk allerlei collateral management, het is eigenlijk heel technisch. Je kunt je stukken uitlenen, dus er zitten nog heel veel aanverwante diensten in, en dat doen eigenlijk de grote investment services companies, die verzorgen al die diensten.

Jeroen: Helder. Is het nou mijn stereotiepe beeld dat Amerika hier verreweg het grootste is, klopt dat?

Leonique: Dat klopt eigenlijk wel een beetje. Want als je kijkt naar de grootste spelers in de markt, dan heeft daarvan het grootste deel zijn homebase in Amerika.

Jeroen: Kun je wat namen noemen, on top of your head, waarvan je zegt “Dat zijn grote partijen”?

Leonique: BNY Mellon, State Street, J.P. Morgan, je hebt Northern Trust, Citibank. Een andere partij is HSBC, dat is dan de outlier, maar over het algemeen komen de grootste spelers uit Amerika.

Jeroen: Ja, dat klinkt inderdaad heel Amerikaans. Ik weet niet of er ook echt grote Aziatische partijen zijn die dit doen?

Leonique: Ja, HSBC is een voorbeeld, maar vooral is de core business vanuit echt grote banken.

Jeroen: Helder. Is Nederland een interessant land, omdat we bekend staan om grote pensioenfondsen en asset managers?

Leonique: Ja, Nederland is een heel interessant land. Het is een klein land, maar het is heel rijk in assets. We hebben een enorm ontwikkelde pensioenwereld hier, één van de voorlopers in de wereld. We hebben een aantal fondsen hier die behoren tot de top vijf in de wereld en dat zijn natuurlijk heel veel assets. Wat ook ongelooflijk interessant is voor de asset managers die hier graag willen zijn, maar ook voor partijen zoals investment services companies. Daar zit een goed verdienmodel.

Jeroen: Gaat er nou veel consolidatie plaatsvinden? Want je zag laatst de overname, Goldman nam NNIP over. Zie je dat nog veel meer gebeuren?

Leonique: Het is wel de verwachting dat er meer consolidatie is. De pensioenfondsen hebben al enorm geconsolideerd en dat gaat ook nog steeds door met de nieuwe pensioenwet die eraan gaat komen. Maar ook de asset managers kijken naar Europa, want één van de overwegingen om in Europa over te nemen is bijvoorbeeld de licentie. Brexit heeft natuurlijk wel een grens getrokken tussen bijvoorbeeld de UK en Nederland. Er zullen dus partijen naar Nederland of naar andere landen in Europa komen. Maar acquisitie is ook schaal en als je kijkt naar de echte grote partijen die het heel goed doen, de Blackrocks, de Invesco’s, die zijn natuurlijk enorm groot. Daar moet je wel mee kunnen blijven concurreren. Dus het is of schaal of niche. Dus je wordt een specialist in iets of je wordt groot. Groot word je door te acquireren of te fuseren.

Jeroen: Hoe belangrijk is het feit dat er heel veel wet- en regelgeving is waar je aan moet voldoen in die hele consolidatieslag die nu gaande is?

Leonique: Enorm belangrijk, want wat ik je net al zei, passporting is natuurlijk wat lastiger geworden vanuit bijvoorbeeld de UK. Vanuit de US is natuurlijk ook een third country, zoals ze dat noemen. Dus als jij in EU 27 wil opereren, dan zul je een licentie moeten hebben en dan zul je dus aan al die regels moeten voldoen. De regelgeving wordt alleen maar meer, er is nu ook steeds meer regelgeving rond ESG. Dus de hele Environmental, Social, and Governance regels. Steeds meer regels over transparantie, MiFID, het is natuurlijk allemaal heel technisch, maar je zult wel steeds meer moeten voldoen aan die regels en dat is kostbaar. Dus daar ook weer, dan moet je eigenlijk schaal hebben om die kosten te kunnen betalen. Want je hebt de kosten om te kunnen investeren in nieuwe producten, maar je hebt ook de kosten van regelgeving, en die zijn best fors.

Jeroen: Alsof je het aanvoelde, ik had een vervolgvraag die ik je wilde stellen over ESGs. Ik heb in de voorbereiding over jou best wel veel informatie gevonden waar je het daarover hebt. Het is ook een onderwerp wat enorm leeft, zeker in de Asset Manager industrie. Wat ik wil vragen, hoeveel daarvan is nou echt al actie en hoeveel is nog plannen maken of nog erger, greenwashing?

Leonique: Ik denk dat iedereen wel heel benauwd is voor greenwashing. Want als je naar de hele regelgeving kijkt, dan is nog niet alles gedefinieerd en ingevuld. Dat is de taxonomie waar iedereen het over heeft en is natuurlijk enorm belangrijk. Maar wie bepaalt dan wat groen is? Er zijn al een aantal partijen op de vingers getikt, die worden verdacht van greenwashing. Dus er is een enorme alertheid, dat kan enorm kostbaar zijn als je daarvoor beboet wordt. Dus het gaat eigenlijk over misleiding, de misleiding van de investeerders over “Wat je zegt is groen, maar misschien eigenlijk niet zo groen.” Zolang die taxonomie niet zo heel duidelijk is, is er natuurlijk altijd een bepaald risico. Dus je zult zien dat partijen niet vooruit gaan lopen en niets zullen aanbieden als ze niet zeker weten dat het groen is. Dus partijen zoals bijvoorbeeld investment services companies proberen dan mee te helpen in “Hoe meetbaar kun je groen maken? Hoe kun je met elkaar komen tot een overeenstemming van wat groen is en wat niet groen is?” Ik denk dat er enorme stappen worden gemaakt, er zit natuurlijk ook een behoorlijke push vanuit de regelgever en vanuit de toezichthouders. Die zijn nu nog vooral gespitst op het risico en risicomanagement. Maar met de wereld komen we steeds meer gezamenlijk tot een akkoord wat nou groen is. Alleen, het vervelende is dat je dat in Europa kan afspreken, maar wat heeft het eigenlijk voor zin als je niet globaal met elkaar wereldwijd afpreekt? Als in Amerika iets anders groen is dan in Europa, dan ga je ook daar weer scheef. Dus ik denk wel dat het goed gaat komen, maar het heeft wel tijd en definitie nodig. En ik denk ook, wat nog niet voldoende gefocust is, is taxonomie rond groen, maar wat is transitie? Wat zijn brown assets en green assets? Wat is de transitieagenda?

Jeroen: Heb jij een mening over dat debat wat je nu veel hoort tussen engagement versus uitsluiten?

Leonique: Engagement is uiteindelijk wat iedereen wil, ik denk altijd “Je moet kijken naar wie wil investeren.” Investeerders worden steeds mondiger en er zit een nieuwe generatie die ook wil weten waarin ze investeren, want dat is de generatie van wie de planeet nog veel belangrijker is dan misschien mijn generatie en de oudere generatie. Dit is allemaal nieuw. Ik denk uiteindelijk dat de investeerder bepaalt en daar gaan alle asset managers hun beleggingsproducten op afstemmen. En dat gaat richting engagement, want uitsluiten is eigenlijk alweer oud nieuws. En engagement is de partijen die kunnen investeren in producten waarin ze ook daadwerkelijk testen wat groen is en die dat kunnen aanbieden aan hun beleggers, dat zijn de winnaars.

Jeroen: Maar uiteindelijk neem ik aan dat engagement wel ook eindigt op een bepaald punt en dat je zegt “Als jullie niet die kant opgaan en die richting ingaan stoppen we wel met beleggen in jullie”?

Leonique: Absoluut en die engagement is natuurlijk uiteindelijk de stem van de aandeelhouder of van de belegger. Die gaat bepalen wat wel en wat niet kan. Die hele discussie rond Shell is natuurlijk een voorbeeld van waar de activistische aandeelhouders of de beleggers zichzelf naar voren pushen van “Jullie moeten die kant uit.” Dat ga je steeds meer zien en op het moment dat die transitieagenda niet voldoende vordert zul je uitsluiting zien van partijen die misschien wel altijd grote degelijke partijen geweest zijn en zo werden gezien.

Leonique van Houwelingen achter de microfoon bij Jeroen Broekema van de Leaders in Finance podcast

Jeroen: We hadden het al even over de gigantische bedragen om in die asset manager industrie, als die partijen zeggen “Wij trekken onze belangen in deze grote organisaties die vervuilen of op andere ESG-normen niet voldoen aan wat men zoekt”, heeft dat nou echt impact of worden die assets dan gewoon gekocht door partijen die daar een nieuw businessmodel in zien?

Leonique: Ja, dat gaat natuurlijk ook gebeuren. Want je kunt niet helemaal uitsluiten dat als het alleen maar brown assets zijn, dat er dan niet in wordt gehandeld. De verwachting is dat ook daar nog steeds markt voor zal zijn en dat daar ook best heel veel geld in verdiend zou kunnen gaan worden. De wereld gaat wel richting een groene wereld, er is natuurlijk genoeg incentive om wel aan die groene agenda te voldoen en ook om die transitieagenda te vervullen. Maar over een bepaalde tijd zal er zeker handel zijn om brown assets.

Jeroen: En jij persoonlijk? Is er bij jou een intrinsieke motivatie omdat je vaak over die ESG-kanten praat in het openbaar?

Leonique: Ja. Ik ben zelf gemotiveerd, ik denk wel dat de discussie ook wel een keertje moet gaan van E naar S en G. Als je naar Amerika kijkt, dan is die discussie eigenlijk meer op de S gericht. Daar heb je die hele discussie over Black Lives Matter, daar is minder focus op E, dat begint nu te komen met de Biden office, gelukkig. Het Parijs-akkoord wordt weer omarmd. Maar vooral in Europa is het nog heel erg op environmental. Dat is een bredere discussie en ik ben altijd zelf heel gepassioneerd daarover omdat ik vind dat dat uiteindelijk bijdraagt aan welvaart.

Jeroen: Ja, want die hele inclusiviteit en diversity, dat is iets waar jij – dat blijkt uit mijn voorbereiding – al veel eerder mee bezig was dan de meeste mensen. Dat staat nu heel hoog op de agenda, of er wordt in ieder geval veel over gesproken. Hoe kwam het dat jij daar zo actief mee bezig was?

Leonique: Ik ben zelf natuurlijk al bijna dertig jaar in de industrie en vooral in de eerste vijftien tot twintig jaar altijd wel een minderheid geweest. Nu kan ik nog steeds wel zien dat de financiële industrie een beetje achterloopt. Die mag nog wel een beetje harder eraan trekken. Internationaal gezien moet ik eerlijk zeggen dat ik wel veel meer vrouwen in het arbeidsproces zie. Maar ik ben daar zelf altijd heel gepassioneerd over geweest. Ik vind dat iedereen moet kunnen werken op gelijke wijze. Er was al heel veel aandacht voor vrouwen in het arbeidsproces en ik heb me daar ook altijd heel hard voor gemaakt. Maar ik ben bij mijn vorige werkgever jarenlang de sponsor geweest van de LHBT-organisatie, ik moet altijd heel hard gaan nadenken wat het in het Nederlands is, dat heette PRISM en daar heb ik ontzettend veel van geleerd en heel veel mee meegemaakt omdat dat echt wel een groep is die een beetje onder de oppervlakte bleef en in bepaalde landen enorm gediscrimineerd wordt. Soms met de doodstraf ten gevolge. Daar kan ik gewoon niet bij, dus ik heb me daar heel hard voor gemaakt, maar ook uiteraard voor vrouwen in het arbeidsproces. Je moet me stoppen als ik…

Jeroen: Nee, go!

Leonique: Er is zoveel bewijs en onderzoek naar gedaan dat bedrijven die dus divers zijn en inclusief en waarbij ook veel vrouwen in het arbeidsproces zitten, maar ook in de senior posities, dat zijn gewoon succesvollere bedrijven. Dus ik begrijp gewoon nog steeds de industrie niet, dat niet iedereen die intrinsieke motivatie heeft om een divers bestuur te hebben en de lagen daaronder ook. Ik heb daar een heel groot vraagteken bij waarom dat nog zo is. Heel recent weten we ook dat bedrijven geleid door vrouwen minder funding krijgen, er zijn zelfs bewijzen dat bedrijven in de fintech industrie – ik geloof 92% – geleid worden door mannen omdat vrouwen gewoon geen funding krijgen. Maar de vrouwen die dan uiteindelijk die bedrijven opzetten zijn het meest succesvol. Nogmaals, er is gewoon heel veel bewijs dat bedrijven met diversiteit en inclusie – en ik heb het niet alleen over mannen en vrouwen, maar wel over de gehele diversiteit – veel betere bedrijven zijn.

Jeroen: Mooi! Je praat daar enorm passievol over, dat is wel duidelijk. Nog even die laag daaronder, van waar die motivatie vandaan komt, is dat ook dat je als vrouw zelf last van bepaalde dingen hebt gehad?

Leonique: Ja, absoluut. Ik heb het bij mijn sollicitatie, toen ik 28 jaar geleden ging solliciteren, meegemaakt. Dat je een afwijzing krijgt van “Meneer van Houwelingen, bedankt voor uw brief.” Toen heb ik gebeld en gezegd “Jullie moeten op z’n minst kijken wie er een brief stuurt.” Toen mocht ik wel komen, maar ik ben niet gegaan. Ik heb in de gesprekken gezeten in een heel groot advocatenkantoor, ik ga geen namen noemen, maar mijn God, wat was dat een testosteron-gedreven partij. Ik kijk er nu heel anders naar, destijds dacht ik “Het is zo. Ik wil er gewoon niet werken, klaar.” Nu kijk ik ernaar en denk ik “Dat zou nu in deze tijd gewoon helemaal niet meer kunnen.” Dus er is wel heel veel veranderd, heel veel ten goede. We moeten de balans goed vinden, dat vind ik wel. Maar ik ben wel blij dat in die 27-28 jaar al ongelooflijk veel stappen zijn gezet. We zijn er nog niet, maar het gaat de goede richting uit.

Jeroen: Hoe ver zijn we als het gaat om diversiteit en inclusie? Zitten we nu op de helft of op 80% van waar we zouden moeten zitten? Of is het nog lang niet zo ver?

Leonique: Ik moet eerlijk zeggen dat het wel een klein beetje afhankelijk is van naar welk land je kijkt, waar je kijkt en welke industrie.

Jeroen: Nederland in de financiële sector?

Leonique: Nederland moet nog wel even wat stappen maken. In de financiële sector, het feit dat je hier in Nederland niet één vrouwelijke CEO van één van de grotere banken ziet, dat is op zich best wel bijzonder. Ik weet dat partijen bezig zijn om het veel diverser te maken. Dus dat is in ieder geval een goede stap. Ik was wel verbaasd, ik zat een stuk in de Elsevier te lezen waarin min of meer werd aangetoond dat al 80% van de vrouwen in Nederland toch wel op een bepaalde manier werkzaam is. Alleen, als je het vergelijkt met het buitenland is voor ons deeltijd eigenlijk een beetje de norm. Ik zou toch graag vrouwen een beetje willen aansporen om ook vooral voor fulltime te gaan. Er zijn zoveel tools dat je een hele goede combinatie kan maken en je hoeft het misschien niet je hele leven lang te doen, maar ambitie.

Je luistert naar Leaders in Finance met Jeroen Broekema.

Jeroen: Dit is Leaders in Finance, als je naar de grootste banken in Nederland kijkt, en dat geldt ook voor de andere sub-sectoren, daar zitten nog steeds verreweg de meeste mannen. Hoe komt dat?

Leonique: Ik verklaar het altijd als unconscious bias. Nog steeds, in het aannamebeleid, en dan zul je toch ook naar een commissaris moeten kijken, want bestuurders worden natuurlijk aangesteld door de aandeelhouders maar op advies van de commissarissen, misschien kijken ze iets te veel in de spiegel en denken ze “Nee, dit is een beetje vergelijkbaar met mezelf.” Dat is nog een beetje de oude generatie. We moeten door.

Jeroen: Er zijn ruim voldoende vrouwen?

Leonique: Ik ben ervan overtuigd. Dat wordt natuurlijk altijd als argument aangebracht: “Er zijn niet genoeg vrouwen gemotiveerd om zo’n baan te nemen.” Ik geloof daar helemaal niks van. Ik maak daarbij altijd de grap, “Ik ben er nog niet voor gebeld.” Dus het geeft aan dat je misschien iets verder moet zoeken, en vrouwen mogen ook wel wat ambitieuzer zijn, daar ben ik ook wel van overtuigd. Maar het is geen argument. Waarom kan het in heel veel andere landen wel? Dan hoef je helemaal niet ver te gaan, ga naar de Nordics, ga naar Amerika. Nu wel even een zijstap, als je naar de 14 grootste banken ter wereld kijkt is pas in maart vorig jaar de eerste vrouwelijke CEO aangesteld, Jane Fraser van Citigroup. Het is natuurlijk nog wel een traditionele industrie, maar wel hebben die boards overall wel veel meer stappen gezet naar vrouwen in boardposities.

Jeroen: Ik kan me voorstellen, als je bijvoorbeeld naar de traineeships van de banken kijkt, als het daar nog steeds niet 50/50 wordt aangenomen is de doorstroom natuurlijk ook lastig, dan moet je het vaak van buiten halen. Daar begint het, neem ik aan.

Leonique: Ja. Terwijl, toen ik bij ABN AMRO begon ben ik in het traineeship begonnen en toen was ik eigenlijk wel blij verrast door de hoeveelheid vrouwen die er toen werden aangenomen. Een aantal daarvan hebben best wel mooie carrières gemaakt. Dus het zat er toen eigenlijk al. De meest vooruitlopende werkgever vond ik dat, vergeleken met de rest. Maar we moeten wel door en als het in andere industrieën kan, kijk naar de media, communicatie, PostNL, die hebben ook vrouwelijke CEOs. Het kan absoluut.

Jeroen: Helder. Helemaal terug naar hoe jij bent opgegroeid, wil je daar iets over delen, hoe dat eruit zag? Ik las Kesteren, klopt dat?

Leonique: Ja, een klein dorpje, best wel een christelijk dorp. Mijn vader was onderdirecteur van de Mavo en mijn moeder huisvrouw. Ze was wel altijd heel druk bezig met allerlei vrijwilligerswerk. Zes kinderen, ik ben de één na jongste. Ik heb een hele gelukkige jeugd gehad, ik heb een hele beschermde gelukkige jeugd gehad. Wel één waar mijn ouders altijd wel stonden voor “Zorg voor jezelf, haal het maximale uit je studie.” Het was niet zo dat je boven je wacht moest gaan werken, maar als je dan iets deed moest je het ook afmaken en proberen te pakken wat je pakken kan. Ik vond al heel snel dat dorp veel te klein voor mij. Ik vond het een saai dorp. Dus ik was altijd wel op zoek naar het grotere avontuur, dat zit dus ook wel een klein beetje in mij. Maar wel een mooie gelukkige jeugd, wel af en toe saai in zo’n dorp, maar eigenlijk gewoon heel leuk.

Jeroen: Je ging dan in Veenendaal naar de middelbare school, las ik. Dus dat was weer iets groter.

Leonique: Dat was weer iets groter, daar moest je gewoon een eindje voor fietsen. Maar absoluut.

Jeroen: Je zei een christelijk dorp, ben je ook heel christelijk opgevoed dan?

Leonique: Ik ben niet heel christelijk opgevoed. Ik ging, zeker in de begintijd van mijn jeugd, bijna iedere zondag naar de kerk. Wel in een hervormde kerk, dus je mocht wel in je spijkerbroek komen. Maar ik heb wel een christelijke achtergrond.

Jeroen: Ben je dat nog steeds of ben je daarvan afgegaan?

Leonique: Ik moet eerlijk zeggen, ik ga eigenlijk nooit meer naar de kerk en als ik ga is het met kerst. Dan ga ik meestal met mijn moeder mee. Wat ik er wel van mee heb gekregen is mooie verhalen, bepaalde bezinning, en er zit ook wel een stuk waarheid in wat je leest, alles is nog heel actueel. Het is wel een deel van mijn opvoeding geweest. Natuurlijk een klein beetje calvinistisch, maar wel met bepaalde normen en waarden. Die normen en waarden heb ik nog wel steeds in mijn day-to-day. Ik denk wel dat ik dat van thuis uit heb meegekregen en ook door mijn christelijk geloof. Ik ben niet meer enorm christelijk, maar ik heb nog wel iets dat er iets is. Maar niet meer op deze manier.

Jeroen: Je vader was aan het werk op de school, zei je. En je moeder was thuis. Heeft dat een link met dat gesprek wat we eerder hadden, over vrouwen in het arbeidsproces en op topfuncties? Heeft dat ook nog een bepaalde rol gehad?

Leonique: Mijn moeder is de grootste motivator voor mij geweest. Ik denk eerlijk gezegd dat zij veel meer had gewild, ook omdat ze absoluut wel de brains ervoor had en de passie en de motivatie, maar in een bepaald keurslijf is gekomen van traditionele patronen. Zij was absoluut mijn grootste motivator. Zij zei altijd “Ik heb die kans nooit gekregen, pak hem.” Ze heeft er dus wel het maximale uitgehaald, allerlei opleidingen gedaan, de bibliotheek geleid in het dorp, maar ik merkte wel aan haar dat zij altijd zoiets had van “Ik had nog wel meer gewild.” Ze was super gelukkig om voor de kinderen te zorgen, dat was niet het punt, maar ik denk wel dat ze ergens achteraf gezien wel wat meer had gewild.

Jeroen: Druk genoeg met zes kinderen, lijkt me.

Leonique: Ja!

Jeroen: Ik heb er zelf vier, zes lijkt me heel heftig.

Leonique: Ja, het was altijd druk bij ons. En meestal hadden we nog allerlei mensen en gasten aan tafel. Het was altijd een komen en gaan.

Jeroen: Jongens en meisjes, hoe was die verhouding?

Leonique: Drie jongens en drie meisjes.

Jeroen: Zijn er meer de financiële kant opgegaan van je broers en zussen?

Leonique: Nee. Twee het leraarschap, mijn vader was natuurlijk ook leraar. Dus dat is misschien waar het vandaan kwam. Mijn jongste broertje zit eigenlijk meer in de bouw en die heeft een eigen business. Die gaat ook eigenlijk heel goed, hij is ook wel ondernemer. Eén is uiteindelijk bij de politie terechtgekomen en mijn ander zusje zit nu bij de belastingdienst. Die heeft van alles gedaan, dat is misschien een beetje financieel. Maar we zijn eigenlijk allemaal iets anders gaan doen.

Jeroen: Leuk! Je vond het een beetje klein, dus je dacht “Ik ga uitvliegen.” Had je een beeld bij waar je naartoe zou gaan toen je op de middelbare school zat?

Leonique: Ja, zo ver mogelijk bij het dorp vandaan! Ik wilde vooral gaan studeren waar ik op kamers moest en waar ik in ieder geval weg kon. Dat wilde ik wel heel erg graag, die grote wereld in.

Jeroen: En wat?

Leonique: Toen ik op de middelbare school zat had ik wel zoiets van “Ik ga sowieso studeren.” Ik wist alleen heel lang niet wat. Toen ik uiteindelijk een beetje een algemene studie gekozen, rechten. Toen heb ik wel gekeken naar Utrecht, dat was te dichtbij. Dus ik moest in ieder geval naar Leiden, dat was mijn doel. Ik wilde daar ook in het studentenleven, en ik had inmiddels een vriendje opgedaan en die zat in Delft. Dus die hele hang naar een andere wereld had ik al vrij voeg.

Jeroen: Waarom Leiden, want je had waarschijnlijk in Amsterdam ook rechten kunnen studeren? Of is dat niet zo?

Leonique: Ik vond Amsterdam niet zo aantrekkelijk als studentenstad. Mijn oudere zusje zat ook in Leiden, ik vond dat wel een hele gezellige stad. Ik heb er eigenlijk ook nooit spijt van gehad, ik heb een superleuke studententijd gehad.

Jeroen: Ik kan het me voorstellen, ik heb er zelf ook gestudeerd. Dat wilde ik vragen, hoe typeer jij je studententijd? Je hebt de mooiste tijd van je leven, zat hem dat aan de feestkant of aan de studiekant?

Leonique: Het was een combinatie. Studeren was op zich soms een beetje een bijzaak, moet ik eerlijk toegeven. Maar ik heb wel allerlei andere dingen gedaan. Een Integrand bestuur, ik heb op mijn studentenvereniging een commissie gedaan, ik heb altijd gewerkt, vooral in de horeca. Dus ik heb eigenlijk altijd een combinatie van studie, werken en commissies erbij gedaan. Maar natuurlijk ook gewoon het feestleven. Daar heb ik ook wel intens van genoten.

Jeroen: En rechten doen, dacht je “Daarmee ga ik de advocatuur in”?

Leonique: Ja, in eerste instantie wel. Ik heb ook stage gelopen en ook uiteindelijk op sollicitatiegesprekken gezeten en toen dacht ik “Nee.” Eén van de redenen was, ik was wel zo ambitieus dat ik dan naar een groot kantoor wilde, maar toen ging ik eens de partners tellen hoeveel daarvan vrouwen waren. Er was er maar één. Wat misschien wel een beetje het zetje was om niet in de advocatuur te gaan was dat die vrouwelijke partner tegen mij zei “Als je succes wil hebben, geen gezin en geen man, vooral heel hard werken.” En toen dacht ik “Daar word ik niet heel erg blij van.” En misschien was het een grap en heb ik het niet goed geïnterpreteerd, maar er zat wel een ondertoon in.

Jeroen: En toen kwam je terecht bij ABN AMRO. Hoe ging dat, waarom ABN AMRO?

Leonique: Ik had niet eens heel erg over de financiële industrie nagedacht, ondertussen had ik nog een uitstapje gemaakt en bij KPN gesolliciteerd en bij Heineken. Dat zijn natuurlijk twee totaal verschillende bedrijven. Toen sprak ik een vriendinnetje van mij, ze zei “Ga nou eens even praten met een vriend van mij, die werkt bij ABN AMRO.” Daar heb ik mee gesproken, Wim Mijs, ik mag zijn naam echt wel noemen want we zijn nog steeds heel goed bevriend.

Jeroen: Hoofd van de EBF.

Leonique: Ja. Die heeft mij overtuigd. Het grappige is, dan kom je uit zo’n klein dorp, mijn vader zat altijd in het lokale bestuur van de Rabobank als één van zijn nevenfuncties. Dus wij waren Rabobank en als je toen bij Rabobank was zat je niet bij ABN AMRO. Dus dat was nog best wel een stap om dan bij ABN AMRO te gaan werken. Maar ik heb een hele leuke tijd gehad. Het stond volgens mij toen ook al bekend als de beste werkgever van Nederland en dat heb ik ook wel zo ervaren.

Jeroen: Je bent toen gaan werken aan de investment banking kant?

Leonique: Ik ben begonnen in legal, dus echt in juridische zaken. Dat heb ik drie jaar gedaan. Alleen, toen had ik al een enorme hang naar de commercie want toen dacht ik “Laat mij stage lopen in het kantoor in Rotterdam.” Dat heb ik ook gedaan, omdat de relatie tussen juridische zaken en het Rotterdam kantoor niet zo heel goed was. Toen zei ik “Dan ga ik daar wel vredestichter zijn.” Dat was uiteindelijk een hele leuke tijd geweest. Toen ben ik zo een beetje in investment banking gerold en daar heb ik aan de export finance kant gezeten en uiteindelijk ook voor dealingvloer gewerkt. Zo ben ik eigenlijk in het hele BNY Mellon verhaal gerold, want ik wist niet eens wat custody was. Ik had daar nog nooit van gehoord, dat hele bewaarbedrijf. Het leek me de minst sexy kant van een bank, maar uiteindelijk heb ik er nu 18 jaar in gewerkt en het is absoluut niet saai. Maar zo ben ik langzamerhand in investment banking gerold en toen voor ABN AMRO Mellon destijds, wat nu BNY Mellon is, gaan werken.

Jeroen: Dat inrollen, daar wil ik nog wel een beetje op doorvragen. Ik begrijp dat dat kwam omdat een deel ABN AMRO fuseerde of een joint venture opzette met Mellon toen. Die hebben jou eigenlijk gewoon geheadhunt toen?

Leonique: Ja, toen die joint venture stond, want ik representeerde belangen van ABN AMRO en dat was ook een waanzinnige leuke tijd. Dat was op en neer naar New York vliegen en dan weer weglopen van de onderhandelingstafel, enorm veel drama en uiteindelijk een ontzettend mooi bedrijf opgezet. Die ken je dan zo in en uit als je al die onderhandelingen hebt gedaan, dus toen werd ik door de CEO die toen aangesteld werd van de joined venture benaderd van “Kan je komen werken voor ons?” Daar heb ik toen even over nagedacht, ik dacht “Dat is misschien te makkelijk”, maar uiteindelijk was dat de beste stap ooit. Dat was ook echt een leuke tijd, heel ondernemend, alles moest nog opgezet worden, dus we hebben een hele legal risk & compliance opgezet, we hebben businesses overgenomen. Echt een soort speedboot was het. Tot dat je dan weer fuseert met een hele grote partij. Dan wordt het weer net iets anders. Maar ook weer een hele mooie tijd gehad.

Jeroen: Je zegt “De beste stap ooit”, was dat dus met name omdat het wat kleiner was en je zelf kon beslissen en alles kon opbouwen? Was dat de hoofdreden?

Leonique: Ik werkte natuurlijk voor ABN AMRO en daar werd je helemaal begeleid in je carrière. ABN AMRO Mellon was best wel een kleine partij, het was natuurlijk een niche speler, dus het was even van “Ga ik dat doen?” Maar goed, dat was wel één van mijn beste beslissingen ooit.

Jeroen: Wat zijn je belangrijkste lessen uit die eerste tien of vijftien jaar van je loopbaan?

Leonique: Ik heb alle fouten gemaakt die je maar kan maken. Ik was heel jong manager, ik was 28. Ik wilde met iedereen bevriend zijn, ik wilde het altijd iedereen naar zijn zin maken en dat kan niet altijd. Je moet ook af en toe gewoon echt wel de lijnen uitzetten. Die hele pleasing-kant, dat is wel net iets anders geworden. Ik vind dat ook heel belangrijk, benaderbaar en open en in een teamverband met elkaar kunnen samenwerken. Maar je leert natuurlijk wel, als je al zo vroeg manager bent, met vallen en opstaan wat leiderschap betekent. Ik denk dat dat mijn grootste les is geweest in die eerste tien jaar.

Jeroen: Wat motiveert je?

Leonique: Zoveel dingen, maar motivatie met name krijg ik uit de samenwerking met mensen en hen te motiveren. Ik heb altijd met veel klanten mogen samenwerken, met veel collega’s, en ook met toezichthouders. Alles draait uiteindelijk om relationship management, alles draait om op een goede manier proberen te komen tot een bepaald goed resultaat. Dat motiveert me, gezamenlijk komen tot een goed resultaat. Motivatie is waarde toevoegen, motivatie is het verschil kunnen maken, maar ook verantwoordelijkheden krijgen. Als je dan tot een mooier resultaat komt, dat is heel motiverend. Wat ik ook heel belangrijk vind, motivatie is ook dat je mensen waardeert. Waarderen is één van de key pillars van motivatie. Daarom is geld nooit motivatie nummer één voor heel veel mensen; het is vooral de waardering en “Voeg ik iets toe?”

Je luistert naar Leaders in Finance met Jeroen Broekema.

Jeroen: Je zei ergens, las ik in de voorbereiding: “Van mijn vroegere manager heb ik veel geleerd, waaronder dat ik niet snel moet opgeven.” Maar je komt niet over als iemand die dat snel doet. Toch heb je het geleerd, hoe moet ik dat zien?

Leonique: Als je in een kleine organisatie werkt of als je werkt in een bijkantoor, bijvoorbeeld van een grote partij – ik heb altijd voor een grote Amerikaanse partij gewerkt – dan is het zo dat je niet altijd in het zicht bent. Je moet misschien eens harder werken zodat mensen je zien en dat ze zien wat je doet. Je zit niet dichtbij het vuur. Dat is misschien wat ik bedoel met opgeven, als je ergens voor gaat moet je het ook gewoon niet opgeven en blijven proberen. Opgeven is misschien ook wat ik bedoel, ik werd toch vrij snel allerlei functies gevraagd en je vraagt je soms ook weleens af “Kan ik dit? Is dit niet te snel? Moet ik dit wel doen?”, toch gewoon doen. Dat heeft ook een beetje met niet opgeven te maken, gewoon doorpakken.

Jeroen: Helder, dat is duidelijk. Ik kan me voorstellen, bijvoorbeeld aan de investment banking kant of later bij BNY Mellon, dat dat een enorme uren business is. Want je bent helemaal opgeklommen, om maar even in hiërarchische termen te praten, naar die topposities. Klopt mijn beeld daarbij dat je heel veel uren moet maken?

Leonique: Ja, dat klopt wel. Eén van de voorwaarden is, als je samen kinderen hebt, dat je wel met iemand getrouwd bent die dat ook ondersteunt. Ik ben veel op reis geweest en ik heb ook in mijn CEO-rol een aantal dagen per week in Brussel gewoond, daar had ik mijn appartement. Veel uren is eigenlijk niet zo heel belangrijk. Als je doet wat je leuk vindt lukt het je. Ik was, ben, en het zal waarschijnlijk altijd zo zijn, de moeder die dan wel even afwezig is als we op vakantie zijn, even ergens de laatste e-mails of een telefoontje aan het maken is. Misschien komt er iets heel belangrijks tussendoor en moet je even dingen skippen. Maar daar raakt ook wel je gezin aan gewend en veel uren kan ook zijn dat je het zo indeelt dat je wel even met elkaar eet en dat je daarna nog even wat doet of dat je vroeg begint. Maar het reizen is wel hetgeen wat heel erg veel tijd kost. Ik heb reizen altijd enorm leuk gevonden, het is echt een verrijking van je werkende bestaan, omdat je gewoon veel culturen meemaakt en veel mensen leert kennen en veel van de wereld ziet. Maar dat kan niet allemaal in een achturige werkdag.

Jeroen: Past helemaal bij dat beeld dat je Kesteren te klein vond! Wel grappig. Als je kijkt naar trots, als je gewoon even een beetje arrogant mag zijn, waar ben je dan zelf persoonlijk het meeste trots op in je loopbaan?

Leonique: Onlangs ben ik weggegaan bij mijn werkgever en ik heb ongelooflijk veel warme reacties van collega’s maar ook klanten gekregen. Daar ben ik eigenlijk het meest trots op, ongelooflijk. Waarschijnlijk hoor je het alleen als je weggaat of doodgaat, als je doodgaat hoor je het niet meer, maar dan krijg je zoveel lieve en mooie berichten en wat je voor andere mensen betekend hebt en dat je een rolmodel bent geweest en dat je inspireert en motiveert. Daar ben ik wel echt supertrots op.

Jeroen: Hoorde je bepaalde dingen terug waarvan je dacht “Dat wist ik eigenlijk helemaal niet, dat ik daarom zo gewaardeerd werd”?

Leonique: Ik heb best wel wat mensen geholpen zonder dat ze het wisten, dacht ik. Een beetje achter de coulissen gepushed, et cetera. En dan kwamen er toch een aantal terug van “Ik wist het toch stiekem wel.” Daarvan dacht ik “Oh jee, hoe kunnen ze dat nou weten?”, maar eigenlijk is dat wel heel fijn dat mensen toch opmerken dat je iets voor hen betekend hebt. Ik loop niet zo heel erg snel naast mijn schoenen, gelukkig. Wat ik ook wel een hele gave opmerking vond is dat ik, ondanks waar ik in de organisatie zat, zo benaderbaar was. Dat had ik niet altijd door. Voor mij is dat heel natuurlijk, open en transparant zijn, maar dat ik echt zo benaderbaar was voor mensen vond ik wel heel mooi om te horen en dat wist ik toen niet altijd, eerlijk gezegd.

Jeroen: Het is toch goed om een keer ergens weg te gaan, wat je zei was mooi verwoord, dat ene noem ik maar even niet. Wanneer je dood bent heb je er niks meer aan. Afkloppen, dat is niet goed voor de opname. We hebben ook altijd een teaser en een pleaser bij Leaders in Finance en de teaser gaat altijd meer over de meer zakelijke kant. We hebben het al een beetje geraakt, maar ik vind het toch even leuk om op deze manier als stelling in te brengen: Als je kijkt naar regelgeving in de hele asset management industrie, en dan specifiek aan de ESG-kant – je noemde zelf al de taxonomie, maar er zit natuurlijk heel veel meer bij die hele disclosure regulation en dergelijke – de stelling is: het is heel goed, maar te complex.

Leonique: Daar ben ik het wel een klein beetje mee eens. Er wordt enorm gekreund en gesteund vanuit de asset management industrie die ook zegt “Als je kijkt naar al die disclosures en naar die enorme hoeveelheid papier wat we moeten gaan creëren, dan is het bijna niet meer te doen.” Of je nou een artikel 7 of een artikel 8 fonds hebt, er is zoveel wat moet worden gedaan. Dat maakt het heel complex. Als ik de vergelijking mag maken met MiFID, wat in het leven is geroepen om de individuele investeerder te beschermen, dat is volledig doorgeslagen. Dat is zo complex geworden dat eigenlijk, wat men altijd zo mooi zegt, it defeats the purpose. Dat er eigenlijk steeds minder informatie kwam voor de investeerder omdat partijen het te complex vonden of er eigenlijk niks van mochten vragen. Dus hele research werd eruit gehaald en dat is doorgeslagen. De regelgever heeft dat ook wel toegegeven. Nu zijn we natuurlijk weer met nieuwe concepten bezig. Maar dat is wel een beetje het gevaar met de ESG-regelgeving, dat het zo complex wordt.

Jeroen: Hoe werkt dat proces, waarom wordt dat te complex?

Leonique: Omdat soms regelgevers niet altijd met hun beide benen in de realiteit staan. Ik denk wel dat er nu weer meer opening is om aan tafel te zitten. Ik heb zelf bijvoorbeeld in het high-level forum gezeten voor de Capital Markets Union. Het feit dat de private en public sector weer aan tafel zitten is een heel goed idee en sowieso een goede ontwikkeling. Maar een hele tijd is dat niet meer zo geweest. Want de banken zaten toch een beetje in het verdomhoekje, de schuldigen van de financiële crisis, dus die mochten niet aan tafel. Dan mis je dus ook een beetje die marktwijsheid. Er zitten natuurlijk heel veel partijen op de ESG, maar het moet wel relevant blijven voor de markt, het moet ook wel relevant blijven voor wat je wil bereiken, namelijk dat er veel minder geïnvesteerd wordt in groene producten. Ik hoop dat het niet te complex wordt, maar het heeft wel een beetje een schijn dat het te complex wordt.

Jeroen: Slechte teaser. Aan de pleasende kant, de vraag die ik altijd stel: lees je graag? Zo ja, heb je een bepaald boek waarvan je zegt “Dat vind ik leuk om hier te delen”?

Leonique: Ik lees heel veel, dat vind ik één van de momenten dat ik even kan relaxen. Ik vond De vliegeraar van Khaled Hosseini één van de allermooiste boeken die ik ooit heb gelezen. Zijn andere boeken ook. Duizend schitterende zonnen. Ik hoop gewoon dat die man nog veel meer mooie boeken gaat schrijven. Ik geloof dat hij er drie heeft geschreven, ik heb daar zo van genoten omdat je het er bijna benauwd van krijgt, maar er zit ook zoveel liefde en zoveel mooie momenten in. Het brengt je eigenlijk een beetje terug naar waar de wereld om draait.

Jeroen: Dat is heel duidelijk. De vraag die ik aan iedereen stel, en dus ook aan jou, want ik spaar ze: Heb je tips voor starters, specifiek in de financiële industrie?

Leonique: Ik ben zo ongelooflijk gepassioneerd om mensen weer naar de financiële industrie te trekken omdat het natuurlijk een moeilijke industrie is en een hele grote industrie is. Dat is mijn definitie ervan. Ik hoop dat jong talent ziet dat de financiële industrie, als je dat goed opzet en als het transparant en eerlijk wordt gedaan, een enorme katalysator is voor welvaart. Met de financiële producten kan je de wereld beïnvloeden, dus die welvaart kan je voor iedereen toegankelijk maken.

Jeroen: Denk je dat het lastiger is voor de financiële sector om toptalenten aan zich te binden?

Leonique: Ik denk dat de financiële industrie, met name ook de banken, een beetje een stoffig imago hebben. Die hele gereguleerde omgeving, die vrij zwaar is, staat een beetje in de weg van wat sneller ondernemen. Als je kijkt naar tech companies en de startups, et cetera, dat is natuurlijk veel sexyer om voor te werken. Maar in de financiële industrie kan nog heel veel veranderen, met de digitaliseringen, met de hele cryptocurrency en al die ontwikkelingen, banken moeten daar uiteindelijk ook in mee, en ESG, je kunt heel veel impact hebben. Dus ik hoop echt dat we weer meer jonge getalenteerde mensen aan ons kunnen binden. Ik vind het een fantastische mooie industrie en de regelgeving heeft een functie, als het maar in balans is, is het goed. Maar dat zou niet jonge mensen moeten weerhouden om voor die industrie te werken.

Jeroen: Interessant in het licht van mijn volgende vraag, een beetje naar de toekomst kijkende, naar jezelf. Ik kan me voorstellen, je bent recent weggegaan bij BNY Mellon na een lange loopbaan daar, heb je er een beetje een beeld bij welke kant je op wil?

Leonique: Ik ben nog steeds wel heel geboeid door de financiële industrie. Waarom? Omdat er zo ontzettend veel verandering is. Er is natuurlijk heel erg veel verandering aan de payments kant, aan de tools die gebruikt worden, we staan er helemaal niet genoeg bij stil, maar Tikkie is voor iedereen nu iets heel makkelijks en overzichtelijk, maar het is waanzinnig innovatief. Iedereen gebruikt het. Dus als je een innovatie hebt is wel heel snel iedereen daaraan gewend. Dus je moet iedere keer weer door naar de volgende innovatie. Dat maakt het natuurlijk ook wel een hele leuke industrie. Met die digitalisering en ik zie ook wel alle risico’s aan cryptocurrency, maar het is wel heel boeiend. En alles nu met fractionalization en de tokenization, dat is natuurlijk een hele boeiende next step. Dan zeg ik altijd “De trein heeft het station al verlaten; dat ga je niet meer tegenhouden.” Dus daar blijft het wel heel interessant voor. En ESG is het andere wat ik wel heel impactvol vind.

Jeroen: Ik vermoedde dat ik meteen te horen zou krijgen “Ik word CEO daar of daar”, dat is niet zo. Heb je nog bepaalde dingen waarvan je zegt “Op de wat langere termijn, dat zijn dingen die ik graag nog weleens zou willen doen”? Toch nog even proberen!

Leonique: Ik heb een enorme wijde blik en ik ben ook niet zo heel lang geleden gestopt, na 18 hele mooie jaren. Dus ik ben ook nog een beetje zoekende. Maar ik kan me ook voorstellen dat ik iets heel anders zou gaan doen. Het moet wel iets zijn waar ik mijn ei in kwijt kan en zaken die we hier besproken hebben zoals diversiteit, inclusion, een bepaalde maatschappelijke verantwoordelijkheid, leiderschap, die moeten daar wel in terugkomen. Dat kan natuurlijk in heel veel industrieën, dus ik maak het mezelf ook niet heel makkelijk.

Jeroen: Je kan veel kanten op, ik ben heel erg benieuwd. Maar daar kom ik in de afsluiter nog even op terug. Als één van de laatste vragen, hoe zorg je nou dat je in zo’n hele drukke baan en nog een gezin en alle andere dingen die je daarnaast doet dat je fit blijft, fysiek en mentaal?

Leonique: Ik heb godzijdank heel veel energie. Ik probeer ook wel altijd te sporten, te bewegen. Ik merkte wel, toen ik niet meer zoveel reisde – dan ren je overigens echt over allerlei vluchthavens en naar de trein, dat houdt je ook fit, dat realiseer je je niet altijd – en toen we met z’n allen gingen thuiswerken, toen moest ik echt weer die modus vinden. Dus dat werd buiten op straat en vooral veel lopen. Maar ik dwing mezelf wel altijd om te sporten. Het jammere van een hele drukke baan met veel stress et cetera is dat het soms ook in je lijf gaat zitten. Dus je moet wel, om fit te blijven. En mentaal, voor mij is het belangrijkste dat je lol hebt in wat je doet. Dan raak je ook echt niet overspannen.

Jeroen: Dat is dus altijd gelukt?

Leonique: Ja.

Jeroen: Is er nog iets waarvan je zegt “Dat weet eigenlijk bijna niemand van mij, maar dat is wel interessant om te delen”?

Leonique: Dat vind ik echt een hele moeilijke vraag. Ik ben best wel een open boek, dus ik denk dat mensen niet heel verrast zijn als ik vertel dat ik in mijn weekenden ook net zo druk ben als door de week. Dat ik enorm hou van sociaal en gezellig met mensen eten, uitgaan, et cetera. Ik denk dat dat geen verrassing is, ik ben eigenlijk best wel een open boek, als ik erover nadenk.

Jeroen: Je hebt geen hobby’s waarvan je zegt “Dat is best wel bijzonder dat ik dat doe, maar dat weet niemand”?

Leonique: Nee, het probleem is dat ik niet zo heel veel hobby’s heb buiten wat ik al doe. Dus daar kom ik nu ook achter, nu ik vrij ben, “Wat zijn eigenlijk mijn hobby’s?” Maar misschien komen die nog, je weet het nooit!

Jeroen: Wie weet! Heb je tot slot iets waarvan je zegt “Dat had ik graag nog willen delen” of “Jammer dat je dat niet hebt gevraagd”?

Leonique: Nee, volgens mij hebben we best veel besproken.

Jeroen: Heel veel dank! Ik denk dat je één van de gasten bent waar ik het meest nieuwsgierig naar ben wat ze hierna gaan doen. Ik ben bij alle gasten benieuwd, maar bij jou extra benieuwd! Dus dat gaan we volgen en als dat weer een CEO-achtige baan is in de financiële sector, dan nodig ik je heel graag nog een keer uit. Mocht je daarop in willen gaan, als je dit wel of niet leuk vond. Maar in ieder geval heel erg bedankt voor je tijd. Het was een leuk gesprek, veel geleerd. Dus dankjewel! Je krijgt namens Bocca Coffee, een B-corp gecertificeerd bedrijf, nog een klein cadeautje als dank voor je deelname.

Leonique: Dankjewel, super!

Dit was Leaders in Finance, we hopen dat je deze aflevering met veel plezier hebt beluisterd. We stellen je feedback erg op prijs, wat houd je bezig en over wie wil je meer horen? Laat het weten via een Apple of Google review. Dat kan ook via de social media kanalen of direct via een email. We kunnen het enorm waarderen als je dat doet. Tot slot danken we onze partners voor hun steun, dat zijn Interim Valley, EY, Odgers Berndtson executive search en Roland Berger.

Subscribe

Door deze site te gebruiken ga je akkoord met het plaatsen van cookies. Meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten