#48: Jan-Willem van der Schoot

Dit is Leaders in Finance: een podcast waarin ik op zoek ga naar de mens achter het succes. Ik praat met leiders van nu en later over hun drijfveren, carrière en privéleven. Waarom? Omdat er meer gesproken moet worden in de financiële sector.

Mijn naam is Jeroen Broekema en voordat we beginnen wil ik de partners van Leaders in Finance hartelijk danken voor hun steun, dat zijn Interim Valley, FG Lawyers, Odgers Berndtson executive search en Roland Berger. Het bedankje voor de gasten wordt verzorgd door Bloomon. Veel plezier met deze aflevering!

Jeroen: Welkom bij een nieuwe aflevering van Leaders in Finance. Deze week hebben we te gast Jan-Willem van der Schoot. Welkom, Jan-Willem!

Jan-Willem: Dankjewel, Jeroen! Goedemorgen.

Jeroen: Leuk dat je er bent. Ik zal jou introduceren. Jan-Willem is Country Manager van Mastercard Nederland. Sinds april 2020 heeft hij deze functie. Daarvoor was hij al reeds werkzaam bij Mastercard, sinds 2012 en in zijn vorige rol als Account Leader was hij verantwoordelijk voor het team dat de relaties onderhoudt met de meeste Nederlandse klanten. Voor Mastercard werkte hij bij IBM, waar hij verschillende functies bekleedde. Jan-Willem heeft een Master in Economie van de Erasmus Universiteit in Rotterdam en een MBA van Warwick Business School. Jan-Willem is 44, heeft een vrouw en 2 dochters en woont in Bussum. Hij is daarnaast hockeycoach bij hockeyclub Spandersbosch in Hilversum, wat hij afwisselend voor zijn beide dochters doet. Dankzij deze korte introductie weten we alvast een beetje wie je bent. Waarmee ik wil starten is de vraag: Kan je iets meer vertellen over Mastercard Nederland, jouw rol daar en kan je ook wat cijfers noemen? Hoe groot is Mastercard Nederland?

Jan-Willem: Ja, natuurlijk. Nogmaals dank voor de uitnodiging. Het hoofdkantoor van Mastercard is in de Verenigde Staten. We zijn een betaaltechnologiebedrijf. Mensen kennen ons vaak van de creditcard, maar zoals Amazon geen rivier is en Apple geen stuk fruit zijn wij ook niet alleen een creditcardbedrijf. We proberen de betaaltechnologie die wij ontwikkelen ook lokaal te maken voor de Nederlandse markt en de Nederlandse klanten. We staan ook echt met onze voeten in de Nederlandse klei. Dat doen we in ons Amsterdams kantoor met ongeveer 30 medewerkers die voor de Nederlandse markt werken. De helft van deze mensen zitten meer aan de commerciële kant, dus de relaties met de klanten onderhouden en de producten beheren en de andere helft is de groep consultancy die wij in dienst hebben die veel met onze klanten werkt voor allerlei verschillende projecten. In Nederland kennen mensen ons waarschijnlijk van niet alleen Mastercard maar ook van Maestro, wat op veel pinpassen in Nederland staat. In Nederland wordt ongelofelijk veel betaald met de pinpas. Ik denk dat we inmiddels rond de vijf miljard keer zitten. Ook heel veel contactloos. 83% van al die elektronische betalingen gaan contactloos. We werken heel nauw samen met onze klanten, dat zijn banken. Zowel banken die kaarten uitgeven en ook banken die relaties hebben met de winkeliers zodat er bij de winkelier in de winkel of online betaald kan worden. Samen met die banken werken we om het betalen in Nederland nog gemakkelijker en efficiënter te maken.

Jeroen: Dat is een mooie uiteenzetting. Binnen die banken, want jullie werken veel met banken samen zoals je zei, met wat voor soort afdelingen spreken jullie dan met name?

Jan-Willem: Dat is eigenlijk heel erg breed. Het meest voor de hand liggend is uiteraard de afdeling die verantwoordelijk is voor de betaalproducten binnen een bank. Daar spreken we heel vaak mee. Betalen was natuurlijk iets dat vroeger vaak aan de achterkant van de bank zat. Tegenwoordig zit dat veel meer aan de voorkant, het wordt ook steeds belangrijker. Zowel je klanten kunnen laten betalen als je klanten laten betalen. Dat betekent dus ook dat wij met steeds meer mensen bij onze klanten praten. Dat kunnen ook innovatieafdelingen zijn, dat kunnen IT-afdelingen zijn, dat kunnen marketingafdelingen zijn om te kijken hoe we

dingen het best in de markt kunnen zetten. Het is dus echt een heel breed scala aan contacten die we hebben bij de banken, maar ook bij niet-banken.

Jeroen: Hoe kijk je naar de opkomst van aan de ene kant Big Tech – je noemde Apple al even – en aan de andere kant de PSP’s, de Payment Service Providers? Dat is een heel dynamisch veld.

Jan-Willem: Ja, het is een heel dynamisch veld, wat je traditioneel zag is dat het betalen bij de banken lag. Dat was ook de eerste plek waar consumenten heengingen en waar ook winkeliers heengingen. Dat is natuurlijk de afgelopen 15 jaar enorm veranderd. Dus aan de winkelierskant zijn de PSP’s opgekomen die er eigenlijk voor zorgen dat allerlei betaalmiddelen aan de winkelaar aangeboden kunnen worden en er ook voor zorgen (Adyen is daar heel goed in) dat als jij een klant in Frankrijk hebt die klant ook de betaalmiddelen ziet die in Frankrijk gelden. Als die klant bij dezelfde webwinkelier in Nederland komt zie je de Nederlandse betaalmiddelen voorop staan. Dat is een ongelofelijk belangrijke rol en een rol die ook echt bijdraagt als je dat goed doet. Er doen heel veel PSP’s aan omzet en waarde van winkelaars. Aan de andere kant zie je ook de Big Techs heel erg opkomen. Het is alweer zes jaar geleden dat Apple Pay aangekondigd is. Daarnaast is er Google met Google Pay gekomen. Je ziet ook dat die heel erg op zoek zijn naar “Hoe kan ik nou meer waarde gaan brengen aan mijn gebruikers?”, van Apple- of Google-producten en die proberen dat ook stapje voor stapje steeds dichter bij de klant te brengen. Wat je daar ziet – en dat zie je in betalen eigenlijk veel breder – is dat je dat nooit alleen kan. Dus als jij als Big Tech iets wil zal je partners moeten zoeken in het betalingsverkeer. Dat doen ze met ons, dat doen ze met de banken en dat is natuurlijk ongelofelijk interessant en ook heel dynamisch.

Jeroen: Als je naar Mastercard global kijkt, tech is natuurlijk cruciaal. Hebben jullie dat allemaal in huis of hebben jullie veel geoutsourcet? Hoe zit dat in de organisatie?

Jan-Willem: Technologie ligt aan het hart van wat wij doen. In de nog geen seconde dat jij in een winkel wacht of online dat die transactie goedgekeurd is en je ziet een betalingsakkoord of je hoort die twee piepjes, dan gaat er een verzoek naar je bank via ons netwerk, dan komt het weer terug met een ‘ja’ of een ‘nee’. Dat gaat alleen maar als de technologie goed werkt en heel erg snel is. Dat ontwikkelen we voor een heel groot deel zelf. We hebben daar ook al 50 jaar ervaring mee. Daarnaast werken we ook ongelofelijk veel samen met partners op allerlei verschillende niveaus, zowel voor onze eigen producten en diensten doen we dat maar ook samen met klanten. Bijvoorbeeld het programma ‘Start Path’ is een programma dat we wereldwijd draaien, waar ongeveer 30 scale ups per jaar in komen. Die helpen wij om een volgende stap te maken en we helpen om hun netwerk te vergroten doordat we ook heel veel banken wereldwijd hebben die in dat programma zitten. We zorgen ervoor dat die partijen geïntroduceerd aan elkaar worden en de kans krijgen met elkaar samen te werken. Dus als je wil groeien in de wereld waar wij in zitten moet je echt naar partnerships kijken en kijken hoe je dat het beste met elkaar kan bewerkstelligen.

Jeroen: Je geeft nu leiding aan Mastercard in Nederland. Voorheen werkte je ook bij Mastercard Nederland, maar niet als de eindbaas of de directeur. Hoe is het dan om in zo’n organisatie opeens wel die functie te hebben, want voorheen zat daar iemand anders?

Jan-Willem: Het is gelijk heel erg anders. Het kwam ook op een heel bijzonder moment. Het was begin april toen ik het roer van mijn voorganger Arjan overnam. Dat was natuurlijk 1-2 weken nadat we in Nederland besloten hadden dat we de scholen en de restaurants dicht zouden doen en we de kantoren eigenlijk ook dicht zouden doen. Het was ook de tijd dat iedereen misschien wel dacht van “Dit duurt een aantal maanden en na de zomer ziet de wereld er waarschijnlijk wel wat beter uit”. Dus ik werd eigenlijk gelijk daar in het diepe gegooid. Ik denk ook dat ik dat met name op adrenaline gedaan heb, want ik zat letterlijk van 8:00 tot 18:00 uur aan de telefoon, de hele dag. Maar dat was een hele bijzondere tijd. Ik heb ook ongelofelijk veel geleerd maar met in mijn prioriteitenlijst medewerkers en klanten; iedereen moest in ieder geval in die tijd ook kunnen blijven doorgaan.

Jeroen: Voor jezelf, is dit tot nu toe het meest spannende deel van je carrière? De setting en dan ook nog de eindverantwoordelijkheid in Nederland in ieder geval?

Jan-Willem: Ja, ik denk dat dit wel het meest spannende deel is. Ik heb ook hiervoor prachtige jaren bij Mastercard gehad. Ik heb bij IBM geweldige jaren gehad en mooie kansen gekregen. Maar je duikt natuurlijk in het diepe, je zwembandjes zijn ook echt af. Je weet ook dat er een team in Amsterdam is dat naar jou kijkt van “Waar, wat en hoe gaan we nu verder?” We hebben niet heel veel staff en niet heel veel overhead; je moet echt dingen zelf doen.

Jeroen: Hoe groot is Nederland voor jullie? Jullie zijn wereldwijd actief, jullie bedienen ook gigantische markten. Ik kan me voorstellen dat Nederland niet het allergrootste is, maar is het een relatief belangrijk land of valt dat wat tegen?

Jan-Willem: Nederland is natuurlijk een klein land als je kijkt op de landkaart. Zeker als je in Amerika woont; als je een broodkruimel op de kaart legt zie je Nederland waarschijnlijk al niet meer. Nederland is wel een heel bijzonder land om een aantal redenen. Ten eerste betalen wij hier extreem veel elektronisch. De laatste cijfers die ik gezien heb waren van september, 80% van alle betalingen in een winkel gaan elektronisch. Van die 80% gaat 83% nog eens contactloos. Dus dat is al heel bijzonder vergeleken met heel veel andere landen. Daarnaast hebben we in Nederland geen lokale betaaloplossing voor de toonbank, die was er vroeger wel. Die heette Pin. Die is er niet meer dus we hebben ook een hele belangrijke rol in het Nederlands betalingsverkeer. Als er iets zou zijn kijkt men ook heel erg snel naar ons. Daarnaast hebben we in Nederland een aantal hele grote en belangrijke klanten voor ons. Adyen is een voorbeeld. Dat is een ongelofelijk groeiende en grote partij die wereldwijd maar wel vanuit Nederland geweldige producten en diensten van winkeliers aanbiedt. ING is een hele grote bank die in veel Europese landen zit en ook buiten Europa actief is. Maar ook de Rabobank en ABN AMRO zijn natuurlijk heel nauw betrokken. Dat zijn grote banken en grote namen die we hier hebben. In Amerika kennen ze Nederland en in Amerika kennen ze mij en uiteindelijk ben ik ambassadeur van Mastercard naar onze klanten toe. Maar ik ben ook ambassadeur van onze klanten intern naar mijn collega’s toe. Je moet heel vaak dingen uitleggen, want betalen is in ieder land echt volstrekt anders.

Jeroen: Je hebt in je carrière volgens mij tot nu toe altijd voor 2 Amerikaanse bedrijven gewerkt: voor IBM en nu voor Mastercard. Je kan het misschien niet vergelijken met daarbuiten, maar wat valt je op aan het werken voor Amerikaanse en mondiaal-opererende players?

Jan-Willem: Het is geen bewuste keuze geweest, ik ben toevallig bij IBM beland en de stap naar Mastercard was ook min of meer toevallig. Ik vind het heel prettig werken. Ik weet inmiddels hoe de hazen moeten lopen in dit soort bedrijven, ik weet wat belangrijk is. Het zijn ook twee beursgenoteerde bedrijven, ik denk dat dat ook heel erg belangrijk is. Ik heb de kans gehad om zowel de CEO van IBM in een heel slecht gezelschap te mogen spreken en ook onze eigen CEO en wat je daar altijd hoort is dat men kijkt naar klanten en naar stakeholders en naar aandeelhouders, die drie zijn ongelofelijk belangrijk. Ik hou uiteindelijk heel erg van het directe. We hebben een budget, we hebben doelstellingen en daar moeten we met z’n allen voor gaan. Amerika is wel een land geweest – zeker de afgelopen jaren – dat misschien in verwarring was, dat misschien niet meer zo hoog aangeschreven stond zoals we het daarvoor zagen. Dat merk je ook hier wel een beetje, maar ik heb enorm plezier in de directe manier van samenwerken die we met collega’s doen. Soms is dat heel hard op inhoud en dat hoort er ook af en toe bij. Maar het is wel heel helder en heel erg duidelijk. Je moet er wel van houden, je moet er af en toe wel mee leren kunnen leven.

Jeroen: Je noemde al even je start bij IBM en ook je overstap naar Mastercard, dat zijn altijd wel interessante momenten. Kan je er iets op inzoomen hoe je destijds bij IBM terechtgekomen bent en ook hoe je de overstap hebt gemaakt? Waarin zat hem dat vooral?

Jan-Willem: Bij IBM kwam ik eigenlijk na mijn studie economie. Ik ben iemand die altijd erg gefascineerd is door de commerciële kant van bedrijven. Ik zag studievrienden bij consultance, bij banken en bij de fast-moving consumer goods bedrijven terechtkomen. Maar ik was altijd erg gefascineerd door het commerciële en ook wel aan de B2B-kant. Ik liep mijn afstudeerstage bij een bedrijf dat automatisch geleide voertuigen maakte, zeker toen was dat echt nog heel vooruitstrevend. Ze hebben prachtige dingen gedaan. Na een gesprekje met die eigenaar kwam naar voren “Als je die kant op wil moet je eigenlijk bij IBM beginnen”. Dat zijn de soort bedrijven waar je iets leert en zo ben ik daar eigenlijk ingerold en begonnen. Daar heb ik prachtige jaren gehad, twee jaar heb ik in een soort traineeship gezeten, letterlijk begonnen aan de telefoon met klanten opbellen en uiteindelijk had ik heel snel een team van grote klanten, ik ben bij ABN AMRO terechtgekomen als jongste bediende. Ik heb daar hele mooie kansen gehad en ook gepakt. Ik heb daar uiteindelijk lang gezeten en de verandering van die bank doorgemaakt. Ik heb toen uiteindelijk nog een laatste rol gehad bij de financiering-tak van IBM in Nederland, maar dat was ook op het moment dat ik al wist “Ik zit hier zo meteen tien jaar. Het is tijd om door te gaan”. Dat laat je de mensen om je heen ook weten, een beetje informeel. Je laat dat links en rechts vallen en zo heeft ooit iemand mij bij Mastercard genoemd en ik heb daar gesprekken gehad en dat klikte eigenlijk meteen. Ik ging van een hele grote organisatie in Nederland – waar 4000-5000 mensen werkten bij IBM – naar toen nog 12 mensen in Nederland; van het binnenkomen en de portier gedag zeggen naar binnenkomen, uitvinden dat de deur op slot zit en met de sleutel zelf de deur openmaken. Het was voor mij de juiste stap op het juiste moment.

Jeroen: De commerciële kant heeft je interesse, maar blijkbaar ook de financiële kant. Wat spreekt je daarin aan?

Jan-Willem: De financiële kant ben ik een beetje ingerold. Het zal zeker niet helemaal toevallig geweest zijn, dat weet ik zeker. Bij IBM heb ik de eerste jaren eigenlijk allerlei soorten klanten gehad. Toen ben ik eigenlijk een beetje naar ABN AMRO gerold. Dat

fascineerde me ook wel, zeker toen, hoe een wereldwijde bank werkte. Wat je dan wel vaker ziet is dat ik uiteindelijk ook bij Mastercard iemand ben die ze graag willen hebben omdat je juist die bank goed kent en weet hoe grote bedrijven werken en opereren. Zeker als je aan de commerciële kant zit is er een groot verschil: veel bedrijven die een portfolio hebben en daar allemaal heen moeten of 1-2 grote klanten hebben waar veel politiek speelt, waar veel stakeholders zijn en dat was iets wat ik goed onder de knie had.

Jeroen: Het is niet per se zo dat jij jezelf altijd in de financiële hoek blijft zien?

Jan-Willem: Nee, dat absoluut niet. Ik ben erg gefascineerd door andere dingen. Ik heb tijdens mijn studie vijf jaar een bijbaan gehad bij een bedrijf dat baggerde over de hele wereld. Een geweldig bedrijf. Ik ben op schepen geweest, leuke dingen gedaan. Ik heb van alles gezien, dat fascineert me ook. Daar had ik ook terecht kunnen komen. Ik heb wel affiniteit met de financiële wereld, maar er zit zeker toch ook een stuk toeval in.

Jeroen: Wat moet er dan allemaal in zitten, wat jou betreft? De commerciële kant sowieso.

Jan-Willem: De commerciële kant vind ik heel belangrijk. Er moet een uitdaging zijn. Ik denk dat we met z’n allen kunnen stellen dat die er de afgelopen 10-15 jaar bij de banken zeker geweest is. Het bedrijf vind ik heel belangrijk, de positie die een bedrijf heeft is heel belangrijk. En natuurlijk uiteraard de collega’s. Een bedrijf kan nog zo leuk zijn en een klant kan nog zo leuk zijn, maar alles staat en valt met goede collega’s met wie je niet alleen heel goed kan samenwerken en op wie je kan vertrouwen maar met wie je ook kan lachen en het gevoel hebt dat je in hetzelfde schip zit en hetzelfde doel voor ogen hebt.

Jeroen: Hoe geef je leiding?

Jan-Willem: Dat is een vraag die ik best wel moeilijk te beantwoorden vind. Ik probeer geen micro-manager te zijn. Maar af en toe moet je dat wel zijn. Ik ben heel erg van het vertrouwen geven en ook van situationeel leiderschap; ik kan op papier misschien wel de manager of de country manager zijn, maar als we in projecten zitten zeg ik ook tegen mensen in mijn omgeving “Vertel mij wat ik moet doen. Feitelijk geef je aan mij leiding op zo’n moment. Laat weten wat je van mij verwacht”. Dat is voor mij heel erg belangrijk. Ik weet een boel, maar ik weet ook niet alles. Zeker in deze rol ben ik bezig met klanten, met producten, met stakeholders, daar zitten HR-aspecten aan; die rol is zo breed dat je het dus alleen maar goed kan doen als je vertrouwen kan geven aan je medewerkers en ook met hen kan overleggen en hun de ruimte kan geven om te bepalen wat er moet gebeuren.

Jeroen: Dat is jouw manier van leidinggeven of hoe je het in ieder geval graag wil doen. Hoe motiveer je jezelf?

Jan-Willem: Dat gaat vrij makkelijk, moet ik eerlijk zeggen. Ik ben redelijk enthousiast en ik heb er altijd wel heel veel zin in, over het algemeen. Natuurlijk zijn er momenten dat je even denkt “Mijn hemel, waarom moet ik nu weer opstaan?” Maar ik hou enorm van de uitdaging, ik hou enorm van mensen en nieuwe dingen uitzoeken. Ik hoef mezelf niet echt te motiveren, want op het moment dat ik mezelf wel moet gaan motiveren denk ik echt dat het tijd is voor wat anders. Zeker als je bij een kleine organisatie werkt zoals wij in Nederland komt er zoveel op je af dat het meer prioriteren is dan motiveren, denk ik. Er zitten altijd dingen bij die

je leuker vindt dan andere dingen, maar je merkt ook dat je zeker van de dingen die je misschien niet zo heel erg leuk vindt en waar je een beetje tegenop ziet achteraf het meeste leert.

Jeroen: Als je kijkt naar je tijd vanaf de baggeraar of bij IBM of bij Mastercard of ABN AMRO, wie zijn nou mensen geweest die cruciaal voor jouw manier van denken zijn geweest of die jou een keer hele scherpe feedback hebben gegeven? Je hoeft geen namen te noemen, maar dat mag wel. Wat zijn voor jou momenten geweest waarvan je denkt “Die hebben nog steeds impact op mij”?

Jan-Willem: Dat zijn er een paar. Als ik naar mensen uit mijn omgeving kijk staat mijn vrouw zeker bovenaan. Zij heeft een carrière, ik heb een carrière, we hebben twee kinderen. Dat betekent keuzes maken en dat kan alleen maar als je het met elkaar eens bent en elkaar de ruimte geeft om dingen te doen. Dat betekent dat je soms allebei ook dingen moet laten. Maar dat hoort er dan ook wel bij. Als ik naar mijn werk kijk zijn er een aantal mensen in mijn omgeving die me gestimuleerd en uitgedaagd hebben. Bijvoorbeeld in het team waarmee ik bij IBM gewerkt heb en bij ABN AMRO is er een collega die me op een hele simpele manier gestimuleerd heeft om aan die MBA te starten. Iets waarvan ik eigenlijk dacht “Ik ben econoom, ik weet het allemaal wel. Het is al 3-5 jaar na mijn studie, waarom zou ik dat doen?” en hij stelde me echt de goede vragen en gaf ook aan “Ik denk dat je die uitdaging kan gebruiken. Ik denk dat je het nu kan doen, want nu heb je nog geen kinderen. Ik denk dat als je het niet doet, je er later spijt van gaat krijgen. By the way, IBM wil deels voor je sponsoren, dus ik denk dat het een goede kans is om dat nu ook te doen”. Daar ben ik toen eigenlijk heel snel ingestapt en heb gedacht “Ja, je hebt eigenlijk wel gelijk” en daar heb ik nooit spijt van gehad. Maar ook collega’s die me heel direct feedback geven vind ik heel erg belangrijk. Best wel iets dat lastig is om te geven en om te ontvangen, maar de collega’s die dat gedaan hebben, soms over hele kleine dingen, daarvan merkte je dat het een verschil maakte en daarvoor ben ik nog steeds heel erg dankbaar.

Jeroen: Schiet je een voorbeeld te binnen van feedback?

Jan-Willem: Zeker toen ik in het begin van mijn carrière was. Ik was relatief jong, tegen de tweede helft van de twintig. Ik sprak met hele senior mensen bij banken in dit geval. Er zat 20-25 jaar leeftijdsverschil tussen. Ik voelde mezelf niet gelijkwaardig maar iemand die daar goede dingen over kan zeggen en kan zeggen “Vergeet dat, dat moet je niet doen. Jij hebt over het onderwerp waar je het over hebt meer inhoud, je kent de organisatie breder dan vaak die mensen kennen. Gebruik al die krachten om die gelijkwaardigheid in het gesprek op te zoeken”. Dat zijn dingen die me enorm geholpen hebben.

Jeroen: Coach je nu zelf ook mensen? Want dat is in feite een soort coaching geweest, misschien wel informeel.

Jan-Willem: Ja, uiteraard. Ik probeer sowieso mijn collega’s feedback te geven met wie ik direct samenwerk. Mentorship vind ik zelf heel erg belangrijk. Ik heb zelf de afgelopen jaren een mentor gehad binnen de organisatie. Ik ben zelf mentor van een collega die in Warschau werkt, dus daar heb ik af en toe gesprekken mee. Coaching en mentoring is iets wat je moet doen en het liefst in een cultuur die constant feedback in zich heeft; die kan geven en ontvangen. Ik denk dat heel veel organisaties nog niet zo ver zijn dat ze na ieder gesprek of na ieder moment iemand feedback geven. Maar ik probeer het wel in ieder geval zo veel mogelijk te doen. Ik sta ook heel erg open voor feedback van anderen en dat is iets dat ik aan mijn team heb meegegeven, zeker toen ik begon: Ik ben niet alwetend, ik ben niet iemand die altijd alles goed doet, dus geef mij feedback. Afgelopen week nog was er iets waarvan ik zelf al het idee had “Dat had ik beter kunnen doen” belden me ook al heel snel collega’s op die zeiden “Volgens mij had dat anders gemoeten, je had dat beter moeten doen”. Het is niet alleen fijn als je het zelf opmerkt, maar het is nog fijner als mensen het gewoon durven te zeggen tegen je en dat waardeer ik heel erg.

Jeroen: Heb je tips voor als je mensen gaat coachen? Je hebt iemand die je coacht in het buitenland, maar heb je nog tips hoe je dat moet doen?

Jan-Willem: In ieder geval heel veel vragen stellen en vooral niet te snel met de antwoorden komen. Dat is best heel lastig, ik vind het zelf ook best heel lastig want ik ben iemand die heel snel geneigd is om een advies bij iemand neer te leggen. Maar begin vooral met heel lang vragen te stellen. Waar je vrij snel achter komt is dat de meeste mensen heel goed weten waarop ze willen ontwikkelen en waarop ze kunnen verbeteren. Alleen door mensen zelf te laten praten en alleen maar vragen te stellen komen de mensen vaak zelf op dat inzicht. Wat ik als coach wil doen en doe is uiteindelijk ook een verbinder te zijn. Dus ook zeggen “Je wil in die hoek verder, praat eens met die persoon of verbindt je met die persoon”. Het leuke is dat de mensen met wie ik hen verbind het ook heel erg leuk vinden. Dus schroom ook niet om dat aan een coach te vragen en schroom je als coach niet om dat te doen.

Jeroen: Dus de conclusie is vragen stellen en verbinden. Dat zijn twee goede tips.

Jan-Willem: Ja, absoluut. Ook als je aan de commerciële kant van bedrijven werkt is dat uiteindelijk de basis. Je moet vragen stellen, je moet weten wat iemand drijft, wat iemands doelstellingen zijn en in welke fase de organisatie zich bevindt. Pas dan kan je gaan nadenken over “Hoe kunnen we jou helpen?” of “Hoe kunnen we de organisatie helpen?” Maar die vraag blijft echt centraal staan.

Jeroen: Als we nog even de sprong maken naar voor het baggeren en voor je studie en nog verder terug, kan je iets zeggen over hoe je bent opgegroeid? Kan je daar iets over delen?

Jan-Willem: Ja, absoluut. Ik kom uit een geweldig gezin. Vader, moeder, oudere zus en jonger broertje. Een omgeving waar vertrouwen, humor, gezelligheid en eerlijkheid voorop stonden. Mijn vader was veel aan het werk maar zoals hij zelf zei “Ik was er altijd toen ik er moest zijn”, dat is ook echt zo; dat voel ik ook zo. Maar dat betekende wel dat we met z’n allen ontbeten ‘s ochtends om 7:15 voordat hij wegging. Het was een prachtige en goede omgeving. Ik heb eerst tien jaar in het oosten van het land gewoond, tussen Deventer en Zwolle. De laatste acht jaar, tot mijn 18de, in de buurt van Amsterdam. Dus ook twee uitersten meegemaakt, daar ben ik ook heel dankbaar voor omdat in mijn opvoeding ook heel veel realisme zat en ik denk dat ik best een hele goede opvoeding gehad heb, ik ben heel blij met mijn achtergrond. Maar dat betekent niet dat alles altijd maar kon. Het mooiste voorbeeld vind ik nog steeds dat ik toen ik studeerde bij mijn vader moest komen. Ik zag hem ook veel, maar voor de budgetonderhandelingen zoals we dat destijds noemden. Dus dan gaf ik aan wat ik dacht nodig te hebben dat jaar en dan gaf hij aan wat hij dacht dat ik nodig

zou hebben. Daar zat uiteraard altijd een verschil tussen. Daar werd niet echt over onderhandeld. Ik noemde het een onderhandeling, maar er was niet veel te onderhandelen. Mijn vader gaf aan “Volgens mij is dit het bedrag waarvan ik denk dat je per maand kan rondkomen. Trouwens, dit is meer dan een bijstandsmoeder met twee kinderen krijgt”. Met name die laatste zin gebruik ik nog heel vaak, want dat heeft me wel veel realisme gebracht. Voor mij was het logisch dat ik tijdens mijn tweede studiejaar toch altijd minimaal een dag per week werkte, zo kon ik ook leuke dingen blijven doen. Dus het was een hele prettige omgeving. Mijn ouders, broer en zus, we zien elkaar heel veel. Dat is ongelofelijk waardevol.

Jeroen: Zitten je ouders ook in de hoek waar jij nu opereert?

Jan-Willem: Eigenlijk stiekem wel. Mijn vader heeft een beetje hetzelfde pad gelopen als ik. Hij is begonnen buiten de financiële wereld, hij heeft in Delft gestudeerd en rond zijn 38ste is hij bij de toenmalige AMRO-bank terechtgekomen en hij heeft tot april dit jaar in de financiële wereld gezeten in allerlei verschillende functies. Mijn broer en mijn zus zijn vrij snel na hun studie ook die kant opgegaan. Ik niet, maar ik ben er dan later toevallig weer ingerold.

Jeroen: Grappig! Je bent toen economie gaan studeren, was dat een bewuste keuze?

Jan-Willem: Ja, dat was zeker een bewuste keuze. Ik vond economie sowieso heel interessant, ook de commerciële kant en dan kijk je “Ga je naar bedrijfskunde of ga je naar economie?” Toen ik nog geen 18 was was ik aan het leden werven in een museum, daar werd ik ook voor betaald. Dus ik was daar altijd al wel mee bezig. Ik ben begonnen in Engeland met een jaar economie, deels ook omdat mijn ouders zeiden “Als je wil kan je een jaar in het buitenland studeren”. Dat voelde mooi om dat te doen en te kijken hoe economie mij beviel en dan zou ik daarna wel kijken of ik zou kunnen blijven. Maar dan had je daar een bachelor-master- systeem, dus dat vond ik toch te kort om daar maar drie jaar te blijven. Dus na een jaar met veel plezier in Engeland heb ik de studie economie voortgezet in Nederland, in Rotterdam. Die keuze was voor mij eigenlijk heel duidelijk; ik had er veel interesse in en tijdens de studie wist ik ook al vrij snel “Dit is wat ik leuk vind. Die hele algemene kant van economie laat ik links liggen, maar die meer bedrijfskundige kant met specialisatie op commercie pak ik op”.

Jeroen: Ik zag in de voorbereiding dat je ook allemaal dingen daarnaast hebt gedaan, studentenvereniging en AISEC en dat soort dingen. Waar heb je uiteindelijk meer van geleerd, van het echte studeren of van alle dingen die je daarnaast gedaan hebt?

Jan-Willem: Voor iedere student die gaat studeren – dat heb ik toen al gezegd en nu ook – zou ik adviseren om lid te worden van een vereniging. Het gaat je ongelofelijk veel brengen. Je leert veel van je studie, niet alleen qua inhoud maar ook hoe je moet leren, hoe je met bepaalde zaken moet omgaan, je leert ook ongelofelijk veel van het omgaan met andere mensen. Dus zorg ervoor dat je ergens lid van wordt. Ik heb ook in het vierde of vijfde jaar van mijn studie een jaar in het bestuur gezeten van de Rotterdamse Kamer van Verenigingen, bijvoorbeeld, die dus de examenwerking voor alle studentenverenigingen is en die als één van de doelstellingen heeft om ervoor te zorgen dat je Rotterdam promoot als stad waar je het ook als student naast je studie leuk kan hebben bij een vereniging. Dan maakt het echt niet uit wat je doet of bij welke vereniging, maar dat is echt heel erg belangrijk voor je sociale omgang en om dingen te leren.

Jeroen: Ik vraag altijd aan iedereen of je bepaalde tips hebt voor mensen die nu starten op de arbeidsmarkt. Heb je die, voor de financiële sector of breder?

Jan-Willem: Ik heb een aantal tips voor aan het begin van je carrière. Ten eerste, weet dat je zelf verantwoordelijk bent voor je carrière. Ik vind dat heel belangrijk; mensen zijn natuurlijk vaak met je bezig maar uiteindelijk ben je zelf verantwoordelijk voor je carrière en je volgende stap. Ga er maar niet van uit dat een ander daarmee bezig is. Als het wel zo is – dat gebeurt gelukkig heel vaak – is het mooi meegenomen. Maar het komt niet allemaal op je af, je moet er echt zelf naar zoeken. Ik denk dat dat heel belangrijk is. Het tweede, durf te vragen; durf feedback te vragen, durf ook gewoon vragen te stellen. Wat mij altijd heel erg geholpen heeft is om toch zelf doelen te stellen en het is niet verkeerd om die doelen ook te delen met mensen. De rol die ik nu heb, daarvan heb ik twee jaar geleden al gezegd “Die wil ik heel graag doen”. Dan ga je in je omgeving vragen “Wat is daarvoor nodig? Wat zijn de stappen daarheen? Wat is de route daar naartoe?” Niemand die tegen je zegt “Die rol ga je krijgen”, maar mensen willen je wel helpen en ze zullen als het moment er is je in ieder geval zeker niet vergeten. Ook als je in een rol zit zou je moeten denken “Wat zou de volgende stap moeten zijn? Waar ligt mijn ambitie?” Ik maak het nu in deze rol ook mee dat ik met mensen spreek en hun die vragen stel omdat mensen twee jaar in een rol zitten en eigenlijk niet kunnen aangeven wat ze nu willen. Het kan zijn dat ze zeggen “Ik zit eigenlijk wel goed”. Dat kan, maar zeker als je het leuk vindt om nieuwe dingen te doen en stappen te maken moet je ook een beetje een punt aan de horizon voor jezelf stellen en kijken hoe je daar komt en of je er komt. Dat is bijna nog minder belangrijk dan te kijken hoe je er komt.

Jeroen: Je had het eerder over de maatschappelijke rol die Mastercard speelt omdat jullie een hele belangrijke rol spelen in het betalingsverkeer. Tegelijkertijd is het ook een commerciële organisatie, dat zeg je zelf ook; je moet ook commercieel bezig zijn. Hoe zit die verhouding bij jullie?

Jan-Willem: Het is natuurlijk altijd moeilijk om die balans te vinden. Je wil natuurlijk goed zijn voor de omgeving en je wil goed zijn voor je aandeelhouders. Wat hierin heel duidelijk is dat als je niet goed bent voor je omgeving, dan ben je nooit goed voor je aandeelhouders. We hebben een geweldig inspirerende CEO, Ajaypal Banga, die daar ook echt constant mee bezig is. Als je hem hoort spreken, onlangs heb ik er nog over gehoord, hij heeft aangegeven “We moeten ervoor zorgen dat we iedereen in die digitale financiële economie krijgen”. We hebben ooit een aantal jaar geleden een ambitie gezet van 500 miljoen mensen. Dat hebben we gehaald, we gaan naar een miljard. Waarom willen we dat doen? Hij zei “Eigenlijk is het heel simpel”. Hij had een hele mooie analogie. Hij zei “Als we alleen maar kijken naar de mensen die heel rijk zijn en rijker worden, dan bereik je niet zoveel. Want als je drie of vier tv’s in je huis hebt ga je geen vijfde kopen en gaat ook uiteindelijk de economie niet verder groeien. Als je je richt op de mensen die nog stappen moeten maken, dan gaan die consumeren en dat gaat ons als samenleving, als wereld en uiteindelijk ook als bedrijf het meeste brengen”. Dat vind ik wel heel erg mooi, dat we dat kunnen doen. Nederland is natuurlijk ongelofelijk bijzonder, want daar hebben we een economie die heel digitaal is en die zeker aan de financiële kant behoorlijk inclusief is. Iedereen kan een betaalrekening openen, iedereen kan een bankpas krijgen, maar toch kijken we hier van “Hoe kunnen we daar een bijdrage leveren met onze banken en onze klanten in Nederland?” Rabobank is een voorbeeld waarmee we samen aan het werken zijn om een project in Afrika te doen om

daar boeren toegang te geven tot de digitale economie. Dat is ongelofelijk leuk maar ook heel erg belangrijk.

Jeroen: Zoals je weet hebben we altijd een teaser en een pleaser. Je vertelde van tevoren dat je al wel wat afleveringen geluisterd had, dus dat komt je bekend voor. Ik wil het bij de teaser hebben over het volgende: je hebt al haarfijn uitgelegd dat jullie veel meer zijn dan alleen maar de creditcard in iemands telefoon of het pasje, maar ik wil het toch nog even over die creditcards hebben, dat specifieke onderdeel van jullie business. Ik heb opgeschreven: Jarenlang was het – en is het nog steeds – een multi-billion industry, er is onvoorstelbaar veel verdiend. Het is niet voor niets dat Warren Buffett dat altijd zegt, bij hem gaat het over American Express maar het kan net zo goed over jullie gaan. Maar uiteindelijk is het toch een beetje een dead end aan het worden.

Jan-Willem: Ik denk dat je daar een heel goed punt hebt. Als klanten een creditcard hebben en die lossen daar niet op af, wat kan, dan is het niet zo dat je daarmee Mastercard financiert. De banken zijn verantwoordelijk voor het krediet, dus die krijgen het risico en die hebben ook de opbrengst van het krediet. Als je nu kijkt naar de wereld, dan zie je een enorme verschuiving plaatsvinden van creditcards naar ook debitcards, iets waarmee we in Nederland eigenlijk al jaren bezig zijn. Elektronisch betalen in Nederland is gewoon met je pinpas en met je creditcard doe je dat eigenlijk in uitzonderlijke situaties. Vaak omdat je pinpas op dat moment of op die plek niet werkt, bijvoorbeeld buiten Europa of online of omdat je graag van een verzekering gebruik wil maken. Maar in beperkte gevallen omdat je de kredietfaciliteit ook echt nodig hebt. Dus in Nederland is het wat meer een charge card; een kaart die je gebruikt die één keer in de maand afgerekend wordt. Ik denk dat je dit wereldwijd steeds meer gaat zien. Wat je wel ziet is dat wij een economie in de wereld zijn. Amerika is een economie die erg leeft op krediet. Dat haal je natuurlijk heel moeilijk heel snel uit de samenleving, daar zullen stapjes voor nodig zijn. In Londen of in Amerika struikel je soms over de borden waarbij creditcards aangeboden worden met drie maanden geen rente of de eerste tien maanden maar 5% rente. Maar in Nederland zie je dat helemaal niet. Dat is geen ding. Mijn verwachting is dat je dat wereldwijd steeds minder zal zien.

Jeroen: Het is weinig teasend wat dat betreft. Want je zegt de creditcard op lange termijn is…

Jan-Willem: Die zal er zijn als je besluit om iets later te kopen en dan is het vaak in het land zelf, in de cultuur van het land of het veel of weinig is. Er zijn landen waar de cultuur is dat je veel op krediet koopt. Daar zal die blijven. Er zijn landen zoals Nederland waar je dat weinig ziet en waar er overigens ook, en terecht, overheden zijn die heel goed kijken naar “Wat kan iemand dragen?”

Jeroen: Als je op het kredietdeel inzoomt, zou dat niet meer overgenomen worden door juist die Big Techs? Bijvoorbeeld je koopt iets bij Amazon en dan komt het krediet erbij of via je Apple Phone die aanbiedt “Ik zie dat je weinig geld op je rekening hebt staan, je hebt nu een kredietfaciliteit”. Zou dat deel niet door hen overgenomen worden?

Jan-Willem: Zeker. Er zijn partijen die dat zeker kunnen aanbieden. De vraag is natuurlijk weer of dat partijen zijn die dat als core business zien of als enabler om van een platform gebruik te kunnen maken of een product te kunnen verkopen. Je ziet dat daar ook de banken mee samenwerken. Wij werken ook samen met Apple van Apple Card in Amerika. Maar daar

zit ook weer een bank bij. Dus dat zal zeker blijven. De kredietbehoefte gaat niet weg, absoluut niet. Er is een hele mooie oplossing, die heb je misschien ook in Nederland wel gezien, waarbij je met je creditcard kan zeggen “Ik betaal het liefst in drie termijnen”, zodat je voordat je betaalt exact weet dat je drie termijnen gaat betalen en je weet hoe hoog die termijnen zijn. Dat is veel helderder en veel duidelijker, want voor krediet is het heel belangrijk. Het is niet erg dat mensen krediet afnemen, in tegendeel; dat doen we allemaal als we een huis kopen dus dat hoort erbij. Het is heel belangrijk dat mensen weten waar ze voor kiezen en dat ook het soort krediet past bij de aankoop die ze doen en daar zou een creditcard bijvoorbeeld een hele nieuwe rol kunnen spelen de komende jaren.

Jeroen: Aan de pleasende kant, zijn er bepaalde boeken die jij met heel veel plezier gelezen hebt of cadeau geeft?

Jan-Willem: Ik lees sowieso te weinig, maar dat zullen meer mensen hebben in de situatie waar ik in zit. Dat wordt beperkt tot vakanties. Ik pak altijd een paar soorten boeken. Ik vind het heerlijk om een boek van John Grisham of Tom Clancy te pakken, vanwege de spanning en om even uit de wereld te zijn. Ik vind het heel interessant om boeken te lezen over de klanten met wie we omgaan. De Staatsbank, Breken met banken over Bunq, De bank van goede bedoelingen over Rabobank. Dat zijn boeken die ik met veel interesse lees. Boeken over geschiedenis vind ik interessant. Een boek dat ik onlangs gelezen heb – en dat heeft niet direct iets met werk te maken – is het boek Scheepsberichten van Rob Biersma. Hij is oud-directeur van de NRC, inmiddels is hij met pensioen. Hij heeft een aantal jaar geleden in zijn eentje met een kleine zeilboot een oversteek gemaakt van Nederland naar Suriname. Ik heb zelf veel gezeild, ook lange afstanden. Ik vind het heel fascinerend om te zien hoe iemand dat in zijn eentje doet, hoe iemand niets tegenkomt behalve zichzelf, wat iemand meemaakt en hij heeft dat op een ongelooflijk leuke manier opgeschreven. Het is zeker een aanrader voor iemand die dat soort verhalen heel erg leuk vindt.

Jeroen: Leuk! Je bent hockeycoach. Ben je competitief?

Jan-Willem: Met het niveau van mijn kinderen niet competitief, maar ik ben wel competitief, laat ik het zo zeggen. Mijn kinderen hebben een boel talenten, maar het zullen geen Nederlandse elftalspeelsters worden. Ik vind het echt heel erg leuk om op zaterdag die teams te coachen. Het ene jaar coach ik het ene team en het andere jaar het andere. Wat ik daar heel leuk aan vind, ze zijn nu elf en negen, dat je bij zo’n team in een jaar tijd ziet wat voor een ontwikkeling ze meemaken, wat voor een plezier ze met elkaar hebben, maar ook om te kijken “Hoe kan je nou uit iemand het allerbeste halen?” Dat betekent niet dat ik op die kinderen zit en met hele schema’s voorbijkom, maar ik kijk wel per kind “Hoe kan je er nou voor zorgen dat iemand maximaal zijn best doet?” Dan zie je zo’n team in een jaar groeien en dat is heerlijk. Het is voor mij een enorme ontspanning, het is veel plezier, het is ook vaak vroeg opstaan. Zeker voor corona, soms van Lelystad tot Woerden en vaak ook heel vroeg, maar ik doe dat met groot plezier iedere zaterdagochtend.

Jeroen: Ben je geliefd bij je dochters op dit punt en bij de rest van het team?

Jan-Willem: Ik denk wel dat ik geliefd ben. Je eigen kinderen coachen is natuurlijk het allermoeilijkst. Ik merk heel erg aan me dat ik op alle kinderen let, maar het meest kan ik me ergeren aan mijn eigen kinderen omdat ik me daar ook het meeste kan uiten. Maar ze vinden

het allebei ongelofelijk leuk. Ze vragen me ook of ik het wil doen, dus zolang zij het leuk vinden blijf ik het in ieder geval doen.

Country Manager Mastercard Nederland, Jan-Willem van der Schoot direct na het gesprek met Jeroen Broekema van Leaders in Finance.

Jeroen: Je zei dat je vrouw ook actief met haar carrière bezig is. Jij hebt ook altijd drukke banen gehad. Hoe manage je je werk en privé?

Jan-Willem: Dat is de grote uitdaging en één van de weinige dingen waar ik wel onrustig over kan worden. We hebben allebei altijd fulltime gewerkt. We hebben twee dochters. We hebben allebei veel in het buitenland gewerkt, dus we waren veel op reis. Dus dat is enorm veel plannen. Door de week is het plannen, sinds de kinderen klein waren gingen ze al vier dagen naar de opvang. Nu hebben we een oppas aan huis en ook nog twee dagen opvang. Het is gewoon heel veel plannen en het is heel veel samen doen. Het is geven en nemen daarin. Zo lang het leuk is en je er allebei energie uit haalt is het ook iets wat je kan blijven doen. Het is uiteindelijk ook gewoon keuzes maken, zeker de weekends zijn in principe voor het gezin. Dat is heel belangrijk. Door de week, zeker voor corona, was het gewoon heel hectisch en heel erg gereguleerd. De kinderen staan op, ontbijten, naar school, werken, weer terug, 2-3 avonden per week is één van de twee er niet door allerlei verschillende redenen. Dus je moet het echt samen doen. Ik ben ook heel blij en trots hoe we dat ook samen hebben kunnen doen. Daar moet je soms weleens dingen voor laten, maar uiteindelijk ben ik heel blij dat we het zo gedaan hebben.

Jeroen: Jullie hebben het blijkbaar ook zo georganiseerd dat je allebei carrière kan maken.

Jan-Willem: Ja, zoals ik al zei moet je ook keuzes maken. Ik denk dat we het bijvoorbeeld allebei wel heel leuk hadden gevonden om nog een tijd in het buitenland te werken. Alleen, dat wordt lastig als je allebei ervoor zorgt dat je ook een stap blijft maken in je carrière. Die kansen zijn wel voorbijgekomen, daar hebben we heel nauw naar gekeken. Maar ik hoop dat het iets is dat we zullen doen als de kinderen ouder zijn, dat we dan wel die stap kunnen maken. Maar je zal keuzes moeten maken en je zal ook op heel veel momenten denken “Waar ben ik aan begonnen?”

Jeroen: Dat is een mooi bruggetje naar de toekomst. Waar zie je jezelf verderop in je loopbaan?

Jan-Willem: Dat is een hele moeilijke vraag, ik heb daar natuurlijk zelf wel wat ideeën en gedachten over. Ik wil de komende jaren Nederland sterk maken voor onze klanten en voor de Nederlandse markt en voor onze collega’s. Dan zullen de mogelijkheden er voor mij binnen Mastercard in Nederland niet meer zijn en dan zal ik moeten gaan kijken of ik zo’n rol kan voortzetten binnen Europa, dan wel voor klanten of voor een deel van klanten of voor landen. Of in onze productorganisatie of misschien wel iets heel anders buiten Mastercard. Ik hou wel alle opties open. Ik heb tien jaar bij IBM gewerkt, ik heb straks – over een kleine twee jaar – tien jaar bij Mastercard gewerkt en ik hoef niet per se door bij Mastercard. Ik ben niet iemand die hier zijn pensioen wil halen, absoluut niet. Als de kansen en de uitdagingen er liggen wil ik die stap zeker nemen. Hopelijk, als de kinderen straks de deur uit zijn over een jaar of 9-10, ook buiten Nederland.

Jeroen: Het is natuurlijk een grote organisatie, maar nu proef je echt van die eindverantwoordelijkheid. Is dat ook iets waarvan je zegt “Verderop in mijn carrière zou ik weleens eind-eindverantwoordelijkheid willen hebben”?

Jan-Willem: Ja, de eind-eindverantwoordelijkheid, voordat ik die bij Mastercard heb moet ik nog wel een paar stappen maken. Ik ben ook realist genoeg om te weten dat dat nog wel heel ver weg ligt. Wat ik wel leuk vind is om die verantwoordelijkheid te hebben en wat mij heel erg leuk lijkt – en daar proef ik nu al dagelijks van – is om ook een team aan te sturen van mensen met verschillende nationaliteiten.

Jeroen: Hoe zorg je ervoor dat je in het drukke bestaan (het gezin, het werk en het werk van je vrouw) dat je mentaal en fysiek fit blijft?

Jan-Willem: Fysiek, ik heb de aanleg om behoorlijk te groeien in de breedte, dus ik moet sporten. Dat heb ik mezelf inmiddels aangeleerd. Dus 2-3 keer per week ga ik naar de sportschool, 1-2 keer per week in de winter en 1 keer in de zomer. Twee keer in de week op de mountainbike buiten. Daarnaast, voor de mentale gezondheid hebben we moeten leren om rustmomenten te pakken op een dag. Ik doe dat onder meer met mindfulness. Dus af en toe gewoon gaan zitten en een oefening doen. Zeker niet dagelijks, maar wel op regelmatige basis. Dat werkt voor mijn ademhaling en mijn eigen rust heel erg goed. Uit je huis zijn, op andere plekken komen geeft heel veel rust. Naar musea gaan doen we bijna ieder weekend, met de kinderen. Dat vinden we ongelofelijk leuk en interessant. Als het weer kan zullen we zeker weer op vakanties gaan, we zijn graag in België op het strand waar we veel tijd spenderen.

Jeroen: Specifiek België, hebben jullie daar een huis?

Jan-Willem: Ja, daar hebben we met de familie een appartement. Dus daar zijn we veel als het kan. In de zomer of in de winter is het heerlijk om daar op het strand te zijn en dingen te doen. Van de zomer waren we natuurlijk veel hier. Een zeilbootje huren in Loosdrecht en de kinderen de plas op is ook iets waarbij de tijd zo snel gaat dat je helemaal ontspannen bent. Die balans moet je wel blijven vinden. Ik merk dat het door de week nog beter kan, maar in het weekend doen we het nu echt heel erg goed. Daar ben ik ook heel blij mee.

Jeroen: Naar de sportschool gaan doe je dat voor je werk of ‘s avonds?

Jan-Willem: ‘s Ochtends voor mijn werk, ja. Dat doe ik ook in corona-tijd tussen 7.30 en 8.30 uur. Je moet nu tegenwoordig reserveren. Dan ben ik daar een uur bezig en dan begin je goed aan de dag. Het opstaan is vreselijk maar als je eenmaal terug thuis bent is het echt heel fijn.

Jeroen: We hadden recent een gast van ABN AMRO die elke ochtend in het water springt.

Jan-Willem: Ja, Robin de Jongh, ik heb het gehoord! Ik woon niet dichtbij het water en als ik dat had gedaan weet ik niet of ik het zou doen. Maar ik vond het wel heel inspirerend, absoluut!

Jeroen: Voordat ik jou ga bedanken, terwijl ik uitkijk over het mooie Vondelpark, is er nog iets waarvan jij zegt “Jeroen, ik vind het jammer dat je dat niet gevraagd hebt” of “Dat wil ik nog graag delen”?

Jan-Willem: Ik denk even na maar ik denk dat de meeste vragen wel gesteld zijn. Ik vond het leuk om ook te vertellen over de breedte van het bedrijf en daar had ik misschien nog wel wat meer over kunnen vertellen. Maar dat komt waarschijnlijk de volgende keer wel weer. Maar dankjewel in ieder geval voor je tijd, ik vond het leuk om dit te doen en hier vandaag in het Vondelpark bij jou aanwezig te zijn.

Jeroen: Veel dank en je bent de eerste gast die zichzelf al uitnodigt voor een volgende keer, dat is een novelty! Ik vind het overigens heel leuk, dus daar hou ik je graag aan!

Jan-Willem: Dan meer inhoudelijk op wat we doen, ik zou het ongelofelijk leuk vinden om dat te vertellen. Dus wellicht!

Jeroen: Jan-Willem, veel dank voor je tijd!

Dit was Leaders in Finance, veel dank voor het luisteren! Ik hoop dat je er van hebt genoten. Voordat we afsluiten zou ik je willen vragen, als je feedback hebt, om deze te delen met mij via een apple of google review, via de social media kanalen of natuurlijk direct per email, ik kan het altijd enorm waarderen als mensen dat doen. Tot slot, ik dank mijn partners voor hun steun, dat zijn Interim Valley, FG Lawyers, Odgers Berndtson executive search en Roland Berger.

Door deze site te gebruiken ga je akkoord met het plaatsen van cookies. Meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten