#3: Tim Zoete

Dit is Leaders in Finance: een podcast waarin ik op zoek ga naar de mensen achter het succes. Ik praat met leiders van nu en later over hun drijfveren, carrière en privéleven. Waarom? Omdat er meer gesproken moet worden in de financiële sector. Leaders in Finance wordt mede mogelijk gemaakt door Interim Valley, FG Lawyers en Bizcuit

Deze aflevering hebben we een geweldige interessante gast, Tim Zoete. Iemand die ik al een tijdje ken, maar waarvan bleek dat ik eigenlijk gênant weinig over hem wist. Iets over Tim zijn achtergrond: Tim Zoete is de medeoprichter en algemeen directeur van Voldaan. Voldaan is opgericht in 2014, gevestigd in Den Bosch en opereert in heel Nederland. Voldaan is volledig gericht op het zo snel mogelijk betaald krijgen van facturen van MKB’ers en ZZP’ers. Voldaan neemt de facturen over en rekent ze binnen 24 uur af. Het bedrijf is erg hard gegroeid de afgelopen jaren, een onderwerp waar we nog uitgebreid op terug zullen komen in dit gesprek. Voordat Tim Voldaan oprichtte was hij actief als senior relatiemanager en projectmanager bij ABN AMRO Commercial Finance en was hij actief voor haar voorganger Fortis Commercial Finance. Bij Fortis heeft hij ook het traineeship doorlopen. Zijn carrière is hij begonnen in 2002 als Sales Officer bij Laser Lafayette Services. Tim heeft een Bachelor Commerciële Economie en een Master in Management & Organisatie. Ik heb het gesprek met Tim als ontzettend leuk ervaren, we hebben ontzettend veel onderwerpen geraakt. Om er een paar te noemen: We hebben gesproken over hoe hij de onderneming begonnen is, de rol van zijn bancaire achtergrond, de rol van geduld die je nodig hebt als ondernemer. We hebben ook gesproken over Artificial Reality. Over het feit dat hij eigenlijk bioloog wilde worden toen hij jong was, hoe hij integreerde in een gezin in Alabama in de US, inclusief shotguns en pick-up trucks. Over de duo CEO-constructie, over de rol van de douche voor de planning van je dag en waarom de banken Fintechs veel marktaandeel toestaan. Kortom: Een ontzettend leuk gesprek, ik hoop dat je er net zoveel lol aan beleeft als ik eraan heb beleefd. Dus veel plezier!

Interview met Tim

Jeroen: Welkom, Tim! Geweldig dat je tijd vrijgemaakt hebt voor Leaders in Finance. Leuk om jou bij mij te hebben, ik moet eigenlijk zeggen om bij jou te zijn.

Tim: Ja, andersom! Ik wou ook zeggen: Welkom, Jeroen!

Jeroen: We zijn bij jou op kantoor in Den Bosch. Het is misschien goed om te vermelden dat we elkaar al kennen uit het Fintech-wereldje. We zijn elkaar heel vaak tegengekomen op conferenties en allerlei plekken.

Tim: Ik kan me de eerste keer nog goed herinneren.

Jeroen: Ik wilde het net zeggen, waar was dat?

Tim: Dat was in Den Haag, bij een symposium over subsidies die toentertijd ter beschikking gesteld zouden worden voor Fintechs. Dat is echt lang geleden, toen was het nog niet zo hip and happening zoals het nu is. Dan was de term Fintech überhaupt nog niet eens in gebruik, in Nederland in ieder geval niet. En daar zagen we elkaar voor het eerst, volgens mij. Tenminste, toen hadden wij onze vleugels wat uitgeslagen buiten de ABN AMRO om.

Jeroen: Klopt! Volgens mij waren jullie net begonnen met bouwen, ik was net begonnen met bouwen. Dus het is heel anders nu, om zo naast elkaar te zitten. Ik kende overigens ook Ad Buijs, jouw medeoprichter, bij ABN AMRO. Ik heb jullie de afgelopen vijf jaar best wel gevolgd, natuurlijk niet van binnen maar wel aan de buitenkant. Ik vind jullie marketing altijd ontzettend scherp, to the point en ook altijd zit er die grappige kwinkslag in, dat vind ik erg leuk! Jullie zijn de afgelopen jaren echt keihard gegroeid, jullie timmeren overal aan de weg. Wat ik me wel een beetje afvroeg, en dat vragen mensen zich wel vaker af, jullie groeien hard, dat kan niet missen. Jullie doen het hartstikke goed. Maar waarom delen jullie eigenlijk die groeicijfers niet?

Tim: Dat is een hele goede vraag. Ik denk dat wij binnen de Fintech-wereld misschien wel met z’n allen een beetje last hebben van het Calimero-effect. En zoals je zegt, wij kennen elkaar inderdaad nog vanuit de bank. Toen hebben we alle twee grote tickets gefinancierd en als je dat afzet tegen de eigen productie nu binnen de Fintech, dan kan het weleens het gevoel teweegbrengen dat je niet zo substantieel veel doet als dat je eigenlijk zou willen. Dat is ook de reden waarom wij ervoor gekozen hebben om niet naar buiten te treden met omzetcijfers of met klantenaantallen. Waar we wel durven bij aan te merken – als je bijvoorbeeld kijkt naar crowdfunding in Nederland (die zijn natuurlijk heel openbaar, want alles wordt openbaar gefinancierd) – dat wij makkelijk de volumes van de grootste crowdfunding platforms in Nederland overstijgen. Dat is natuurlijk logisch. Maar op het moment dat wij zouden zeggen “Wij hebben dit volume”, en we zeggen dat tegen een bankier die net vanmorgen een scheepswerf gefinancierd heeft voor het drievoudige van wat wij in een jaarproductie hebben, dan zou je daar de verkeerde illusie mee kunnen wekken, dat je niet relevant bent. Maar als ik kijk naar al die duizenden MKB’ers die we wel financieren in Nederland, dan weet ik dat we relevant zijn. Maar ergens overheerst dan toch dat Calimero-effect. Dat is een stukje erfenis uit het verleden, denk ik.

Jeroen: Je doet het nu vijf of zes jaar, denk ik?

Tim: Klopt.

Jeroen: Heb je veel zien veranderen de afgelopen jaren?

Tim: Toen wij startten was er eigenlijk heel weinig concurrentie in ons speelveld, dat was echt heel beperkt. En wij hebben sinds de oprichting wel een aantal partijen de kop op zien steken. Die komen vaak met veel bombarie de markt in, wat goed is. Want dat maakt ook dat mensen de oplossing kennen en het publiek uiteindelijk waar we het voor doen, de MKB’ers en de ZZP’ers. Dus hoe meer mensen op die trom roffelen, hoe beter het uiteindelijk voor de productvoering is. Maar wat je vaak niet ziet is dat er ook heel veel partijen het domein weer hebben verlaten, omdat ze toch niet goed in staat bleken te zijn om de afweging te maken welke facturen te kopen en welke niet. Dat is nou net de kneep van het vak, dus daar moet je wel goed onderlegd zijn. Het voordeel van Ad en ik is dat wij natuurlijk heel lang al in de Factoring zaten en dat de eerste medewerkers van Voldaan ook veel kennis hadden van het product. Dat hebben we allemaal weten te vatten in algoritme. En dat algoritme bepaalt feitelijk “Koop je een factuur of niet?” En wat wij heel veel zien en zagen is dat er vanuit aanverwante domeinen toegetreden werd tot Factoring domeinen. En dan heb ik het over ondernemingen die een incasso praktijk voeren en die zagen “We zouden meer incasso’s kunnen bewerkstelligen als we ook zouden financieren”, en die vanuit die invalshoek het domein betreden. Maar die hebben eigenlijk een secundair verdienmodel voor ogen, anders dan het primaire financieren van vorderingen. Dus dan krijg je enerzijds een hele andere modus operandi van die partijen; een hele andere werkmethodiek. En anderzijds ook een ander moreel en ethisch perspectief, denk ik. Dat is het moment waarop wij met goed fatsoen op de muur gaan spijkeren zijn, zodat we laten zien dat we daar afstand van nemen.

Jeroen: Als je even teruggaat naar het moment waar we het net over hadden, die vijf of zes jaar geleden dat we elkaar tegenkwamen in Den Haag. Ik heb in mijn voorbereiding zo’n beetje alles gelezen op het web wat er over Tim te vinden is. Eén van de dingen is dat je zei dat het bijna een surreële ervaring was om destijds het bedrijf op te richten en hoe je daarmee bezig was. Wat bedoelde je daar precies mee?

Tim: Dat gaat vaak zo met levens-veranderende stappen die je zet, dat je er min of meer ingezogen wordt. Het begint met een idee en ik kan me goed herinneren dat Ad opperde “Zullen we voor onszelf beginnen?” Dat was in de periode dat we nog bij ABN werkten en we gevraagd werden om beleidswijzigingen door te voeren en dat we dat empirisch goed onderbouwd gepresenteerd hadden. Uiteindelijk waren er mensen die de beslissing moesten nemen en die zeiden “Met argumenten kun je me niet overtuigen en we hebben dit zo niet gedaan, dus we gaan het zo nooit doen”. En dat was de voedingsbodem waarin het zaadje geplant kon worden om te starten met Voldaan. Stap voor stap ga je in zo’n proces. In 2014 zijn we gestart, in 2013 zijn we al begonnen met het bedenken van hoe we mogelijk zouden kunnen starten. Dus daar heeft best wel veel voorbereidingstijd aan ten grondslag gelegen. En je gaat steeds een stapje verder, ook voor jezelf. In het begin denk je “We kijken waar het schip strandt, ik heb er geen geloof in. Dus dit zal waarschijnlijk niet gaan vliegen, maar we kijken wel”. En steeds, stap voor stap, wordt het serieuzer en ben je wellicht het ongemerkte punt van no return al gepasseerd en komt het neer op het moment dat je zegt “Zullen we het dan maar doen?” En dan komt het surreële dat je eigenlijk ‘ja’ zegt voordat je er rationeel over na hebt kunnen denken, maar dat je emotioneel klaarblijkelijk dus al wel klaar was voor die start.

Jeroen: Daar komt het surreële vandaan!

Tim: Ja.

Jeroen: Wat mooi. Aan de ene kant heeft die bank er misschien wel voor gezorgd dat je dus begonnen bent. Als de bank gezegd had “We doen het wel”, dan was het misschien anders gelopen. Aan de andere kant, die bankervaring, hoe belangrijk is die nu in je werk?

Tim: Ik denk dat dat het verschil maakt tussen ons en andere partijen. Dat is tweeledig; we hebben enerzijds (en dat is misschien een beetje oneerlijk) al het leergeld laten betalen door de bank. Alle fouten die we bij de bank zagen met betrekking tot het kopen van facturen hebben we niet nog een keer hoeven maken. Dus we hebben daar geld weten uit te sparen aan afschrijvingen. Dat is heel simpel. Maar anderszins hebben we ook – en daarin hebben we altijd verschild van andere partijen – toen bijna vijf jaar gelden de terminologie ‘Fintech’ ontstond en er veel partijen opstonden was de algemene gedachte nog “Wij zullen die bank wel even opschudden en over vijf jaar maken wij de dienst uit en de banken niet meer”. Dat was ook de houding van heel veel partijen. Wij hebben nooit geschopt naar het bankwezen. Wij hebben daar onze eigen leerschool gehad, dat was het nest waar we uitkwamen. Dus we hebben daar nooit tegenaan geschopt. Wij hebben altijd getracht om die samenwerking te zoeken met die banken. Dat heeft ertoe bijgedragen dat wij met een groot aantal banken een hele intensieve samenwerking hebben, zowel enerzijds aan de funding-kant, maar ook aan de uitzetkant; partijen die zelf geen Factoringmaatschappij hebben; Knab, Volksbank, die gewoon op hun website onze propositie zetten, die zich hopelijk met ons affiliëren. Dat hadden we nooit kunnen doen als wij die achtergrond als bankiers niet gehad hadden. Want de weg daarnaartoe – het ziet er heel simpel uit met een linkje per website – de accreditatie die daaraan ten grondslag ligt en de hoepels die je door moet springen, daar komt je bancaire ervaring wel te pas, met name het geduld betrachten. Eigenlijk is dat ook wel een rode draad – een rosse draad moet ik in ons geval zeggen – voor ons bedrijf, dat we geduldig zijn. We hebben niet een bedrijf op steroïden laten groeien. Je leest het weleens in startup-boekjes “Je moet minimaal 150% per jaar groeien”. Als er een jaar was dat we niet 150% per jaar groeiden omdat we organisatorisch zaken moesten veranderen of anderszins, dan hebben wij ons daar nooit door laten leiden. We hebben altijd het geduld betracht en ik denk dat dat ook één van de succesfactoren is die het bedrijf gemaakt heeft tot wat het nu is.

Jeroen: Wat me wel triggerd is dat je zegt dat uiteindelijk heel veel dingen gemeen goed geworden zijn. Jullie waren misschien de eersten met een app, nu zijn er meer met een app. Jullie waren misschien de eersten binnen de 24 uur, nu zijn er meer binnen de 24 uur. Eigenlijk zou je kunnen stellen dat je continu moet veranderen. Je moet continu weer nieuwe dingen doen om weer voorop te lopen, lijkt mij. Als dat zo is – en als het niet zo is hoor ik het ook graag – want zijn dan veranderingen waar je nu op dit moment mee bezig bent?

Tim: Dat is een hele goede vraag, Jeroen. De aanname die eronder ligt klopt. Wij hadden ons ook als doel gesteld om toonaangevend te zijn voor de bank-onafhankelijke factoringmaatschappijen. Eigenlijk plaveien wij de weg voor nieuwe partijen. Dat zie je toen wij lid werden van de Factoring Association Nederland, de FAAN. Daar waren alleen bancaire partijen lid van, dus geen weerspiegeling van het landschap zoals zich dat nu aftekent. Toen hebben wij gezegd “Wij vinden dat daar bank-onafhankelijke partijen moeten bijkomen”. Wij waren daar als eerste lid en nu zie je daar andere partijen lid van worden. Zo’n voortrekkersrol hebben we ook gehad met de stichting MKB-financiering. Ik denk dat het goed is dat je de markt als geheel naar een hoger niveau trekt. Dat zijn zaken die in het verleden liggen. Als we kijken naar wat de toekomst ons gaat brengen, dan zetten wij sterk in op Artificial Intelligence. Nog niet extern, want we willen dat eerst gewoon goed intern onder de knie hebben voordat we dat naar buiten brengen. Wij hebben al de voorzichtige stappen met betrekking tot een Blockchain-oplossing. En we kijken naar Artificial Reality.

Jeroen: Wat is dat precies?

Tim: Dat klinkt misschien een beetje veraf staand van de financiële sector, maar het lijkt mij heel mooi als je als MKB’er middels een hulpmiddel – want zo kijk je altijd met Artificial Reality – kan kijken naar je bankieren-app en daar in plaats van een heel hoog negatief saldo een positief saldo ziet staan. En als je dan kijkt naar debiteurenlijst en je ziet wat er daarmee gebeurt door tussenkomst van onze propositie, dat je letterlijk ziet wat er gebeurt in je financiële huishouding alvorens dat je daadwerkelijk beslist om gebruik te maken van een dienstverlening zoals die van ons. En in het verlengde daarvan – maar dat is de toekomst; de kant waarvan ik denk dat ze met elkaar opgaan – is er veel minder tussenkomst van mensen en gaan systemen veel meer met elkaar praten. Als je dan kijkt naar bijvoorbeeld een boekhoudpakket dat gekoppeld is aan een bankrekening, die twee elementen kunnen berekenen of er voldoende saldo beschikbaar is om salarisbetalingen te verrichten over drie dagen. En indien dat niet het geval is, dan zou zo’n systeem ook zelf de beslissing kunnen nemen “Ik ga een aantal facturen contant maken; ik ga Voldaan gebruiken om zo mijn liquiditeit naar een niveau te trekken zodat mijn betalingsverplichting kan worden nagekomen”. Wij houden er allemaal rekening mee dat de techniek die kant opschuift en op het moment dat het zich zo ontwikkeld, dan willen wij er daar ook zijn. Dat betekent dat wij nu hele kleine stapjes zetten, veel al achter de schermen waar we niet mee naar buiten treden. Zodat wij wel klaarstaan voor die toekomst op het moment dat die zich manifesteert.

Jeroen: Interessant! Artificial Reality, ik ben benieuwd. Of het er ooit komt, dat zullen we zien. Maar het klinkt heel interessant. Waar ik ook een beetje naartoe wil is meer over jou, Tim. Ik las ergens dat jij een echte Bosschenaar bent, dat wil ik graag nog even bevestigd zien en wat dat dan betekent. Ik ben vooral ook nieuwsgierig naar in welke omgeving je opgegroeid bent. Mij kom je nu over als een echte ondernemer, maar kom je ook uit zo’n soort gezin of niet? Kan je daar iets over vertellen?

Tim: Ik zal eerst beginnen bij “Ben ik een echte Bosschenaar?”, dat ben ik zeker. Ik ben een hele trotse Bosschenaar. Hoe ik opgegroeid ben, ik heb een hele prettige jeugd gehad. Ik weet niet of ik per definitie klaargestoomd ben voor het ondernemerschap. Mijn ouders hebben me altijd wel op het hart gedrukt dat ik alles kon en mocht worden wat ik wilde. Daar lag dus geen obstructie om ondernemer te worden, tot zover iemand die obstructie zou voelen, wellicht. Mijn ouders zijn beide niet ondernemend, ze komen allebei uit de onderwijshoek. Ze zijn allebei onderwijzer, wat misschien wel typische kinderen voortbrengt. Maar ik denk dat ze mij wel altijd hebben uitgedaagd om te kunnen worden wat ik wilde. Het voornaamste dat mijn ouders mij altijd meegegeven hebben is dat iedereen in de basis gelijk is en dat je eigenlijk niet tegen mensen moet opkijken. Je moet fatsoen hebben, dat hebben ze mij wel bijgebracht. Maar als je niet tegen mensen opkijkt, dan denk ik dat het makkelijker is om jezelf voor te stellen in een positie dan dat het je bijgebracht wordt van “Dat is de burgemeester, daar moet je tegenop kijken”. Dat ken ik niet als zodanig. Ik denk dat dat een hele goede basis geweest is om te komen waar we nu zitten. Mijn compagnon komt wel uit een ondernemende familie, we hebben het daar ook veel over met z’n tweeën of het dat makkelijker maakt. Natuurlijk zijn er ook momenten dat zaken niet goed gaan. Dan zie ik dat hij steun heeft. Wat ik al zei, omdat dat leergeld door ons bij de bank betaald is, heeft hij natuurlijk dat leergeld al eens een keer betaald door een zoon van een ondernemende familie te zijn. Ik ken dat niet als zodanig. Maar ik ervaar het ook niet per se als een gemis. Ik merk wel inderdaad dat het makkelijker praten is met vrienden van mij die ook die eindverantwoordelijkheid voelen binnen een onderneming als ondernemer. En dat is toch iets anders dan een CEO, toch anders dan iemand die vanuit een managementpositie op de winkel let. De combinatie van de factor ‘trots’ en de eindverantwoordelijk, dat zie je alleen bij een ondernemer. Dat praat toch makkelijker van ondernemer naar ondernemer.

Jeroen: Je ouders vonden het niet jammer dat je niet ook onderwijzer geworden bent?

Tim: Nee. Althans, dat hebben ze nooit zo uitgesproken. En ik sluit ook niet uit dat ik het ooit nog doe, Jeroen. Op de school van mijn kinderen doe ik best wel wat hand- en spandiensten, omdat ik dat belangrijk vind. En ergens kruipt het bloed dan toch waar het niet gaan kan, dus ik sluit niet uit dat er op enig moment nog een carrière-switch zou plaatsvinden als het Voldaan-avontuur achter me ligt. Wat we nu al doen – en dat vind ik ook belangrijk – heel veel mensen die bij Voldaan werken doen zaken voor de onderwijsinstituten hier in de omgeving. Dus ik geef weleens gastcolleges en daar geniet ik ook echt van. We begeleiden ook mensen met hun afstuderen en dat soort zaken. Dus we kruipen wel een beetje richting dat onderwijs.

Jeroen: Als je teruggaat naar je jeugd, ik ben nog nieuwsgierig naar één ding daarover. Ik weet nog voor mezelf – en dat geeft jou nog wat tijd om na te denken – dat ik hele lange tijd hoofdcommissaris wilde worden van de politie. Totaal iets anders van de richting waar ik helemaal niet in ben gegaan. Was dat bij jou ook zo?

Tim: Ik heb heel lang bioloog willen worden. Mijn ouders wisten niet goed wat ze daarmee aan moesten. Niet zozeer omdat ze het mij niet gunden om bioloog te worden, denk ik. Maar misschien omdat ze mijn competenties niet helemaal in lijn zagen liggen met de biologiestudie. Dus ze hebben toen heel voorzichtig een oom van mij laten vertellen dat het toch wel een hele zware en lange studie was. Maar ik heb van jongs af aan altijd al een fascinatie gehad voor de natuur en die heb ik nog steeds. Ik tuinier heel graag, dus ik kan daar ook echt mijn rust in vinden. Dat heeft een bepaalde meditatieve werking op mij. Dus ik ben totaal ergens anders terechtgekomen. En ik had ook nooit verwacht dat ik in de financiële sector terecht zou komen. Het leven gebeurt en zaken gebeuren opeenvolgend zoals je zegt; een traineeship en daar sluimer je uit. Dat is ook logisch. Maar als je mij achteraf gevraagd had “Past dat financiële domein bij je?”, dan denk ik dat niet zozeer. Het domein Voldaan past bij mij en de ruimte die wij innemen past bij mij. Maar het hele strakke keurslijf van een bankier deed dat niet. Dat zie je ook wel aan de start van Voldaan, op een gegeven moment zeiden we “Tot hier en niet verder”. Ik heb dat best wel lang volgehouden. Ik heb ook een tijd in de UK gezeten, ik heb dus ook gemerkt hoe het bankiersvak in andere culturen bedreven wordt. Terugkijkend ben ik heel gelukkig dat ik in het financiële domein terechtgekomen ben, want anders was Voldaan nooit ontstaan. Maar of het nou een match made in heaven is, dat weet ik niet. Het had zomaar een ander domein kunnen zijn. Dan grijp ik terug naar wat je zegt van die marketing, dat is duidelijk mijn stempel op Voldaan. Dat had ook een groothandel kunnen zijn, dat had niet specifiek in het financiële domein hoeven te zijn. Ik denk dat het wel makkelijker is om op te vallen binnen een financieel domein, als je net wat meer cutting edge marketing gebruikt dan bij een groothandel. Maar het is niet een voorliefde die al in een heel pril jeugdstadium ontstaan is, verre van.

Jeroen: Je noemde al even het Verenigd Koninkrijk. Daar heb je volgens mij voor werk gezeten. En dan een stuk verder terug – wat ik ook trouwens in de introductie noemde – heb je in de Verenigde Staten gezeten. Wat was dat, waar zat je en zijn er dingen waar je vandaag de dag nog steeds aan terug denkt?

Tim: Ja, daar heb ik ook heel veel geleerd. Ik heb een hele beschermde, veilige en prettige jeugd gehad. Ik heb op enig moment de overstap gemaakt van het VWO naar het HAVO, waardoor ik wat eerder klaar was met de middelbare school dan mijn vriendjes van de middelbare school. Dan hadden mijn ouders het idee geopperd “Dan moet je misschien een jaar naar het buitenland gaan, dat is goed voor je taalontwikkeling”. Mijn ouders hebben allebei ook in het buitenland gewoond. Dus ze zeiden “Wellicht is dat goed voor je, ook voor je persoonlijke ontwikkeling”. En ook dat startte weer vrij veilig. De moeder van mijn beste vriend bestuurde een organisatie die uitwisselingen op highschool-niveau deed. Dus zo gezegd, zo gedaan en ik had me daar ingeschreven. Ik had keurig en netjes die procedure doorlopen. Toen werd ik op het vliegtuig gezet en dat was eigenlijk een realisatiemoment waarbij ik dacht “Nu moet ik het zelf gaan doen”. Ik moest toen nog 18 worden, dus dat was relatief jong. Toen kwam ik terecht in Alabama en dat is niet per se de meest ontwikkelde staat van de Verenigde Staten. Maar ik heb daar een fantastische tijd gehad. Ik ben daar net niet in een trailer terechtgekomen, maar het zat er wel heel dicht tegenaan. Er stonden trailers bij ons in de straat. Daar woonde ook heel de familie. Iedereen reed in pick-ups. In het begin had ik ook moeite met hen te verstaan, maar dat ging er vrij snel af. Na een hele korte tijd begon ik me ook te kleden zoals die mensen. Dat was dan weer een beetje tot schok van mijn ouders, dus mijn moeder heeft haar broer langs gestuurd die in de buurt moest zijn van “Ga eens kijken wat daar allemaal gebeurt”. Die kwam terug en die had de hele accurate bevinding “Het zijn misschien mensen met een wat afwijkend leefpatroon van ons, maar wel met het hart op de juiste plek. Het zijn hele lieve mensen en Tim is daar op zijn plek en hij wordt daar gewaardeerd”. En zo heb ik het ook ervaren. Ik heb daar elf maanden gezeten, het waren hele lieve mensen die op een hele andere manier in het leven staan als ik stond. Ze namen een hele andere positie in de maatschappij in; elke maand hadden ze moeite om weer een eindje aan elkaar te knopen. Dus het was wat dat betreft een hele leerzame ervaring. Ik heb ook nu nog een heel warm contact met hen, na al die jaren. Voor mij was het leerzaam; een kijkje in een cultuur – sowieso een andere Amerikaanse cultuur – maar dan ook nog in een ander sub domein van die cultuur dan wat je gewend bent. Op die jonge leeftijd heeft dat mij wel gevormd. Ik heb daar wel heel veel aan overgehouden. En ook op het moment dat ik voor hete vuren sta, denk ik “Ik heb elf maanden achterin een pick-up rondgereden met een shotgun, dus dit komt ook wel goed!” Daar ligt wel een vorming.

Jeroen: Ben je weleens terug geweest?

Tim: Jazeker! Ik heb daar ook een Amerikaans rijbewijs, dus ik moet om de zoveel tijd terug om mijn Amerikaans rijbewijs te laten vernieuwen. Ik heb nog een heel warm contact met die mensen en ik vind het ook prettig om daar te zijn, omdat dat ook weer herinneringen naar boven haalt. Het was een periode die ook zwaar was met tijden, maar ook heel prettig. Het was anders, ik heb later ook nog veel voor die uitwisselingsorganisatie gedaan. Ik weet nog dat ik toen ik daar heenging een e-mailadres had aangemaakt voor mijn vertrek. Het hele digitale domein en de Fintech-wereld en alles wat we nu kennen qua snelle communicatie was er toen gewoon niet. Dus je belde met elkaar en mijn vrienden hadden geen e-mail. Ik moest e-mails sturen naar de ouders van mijn vrienden, dus het was allemaal ook een beetje gecensureerd wat ik kon sturen, natuurlijk. Ik zat dus vol verhalen na die elf maanden. Dat was een andere tijd, maar ik kijk daar heel goed op terug. Ik heb daar echt veel geleerd; ik heb er veel aan gehad.

Jeroen: Toen je eenmaal begon met werken, hoe carrièregericht was je?

Tim: Dat is de aard van het beestje. Dat is de ambitie die ik in me heb; als ik start wil ik daar ook de beste in worden en het snelste gaan. Zo heb ik dat ook ervaren met mijn carrière pad. Ik was zeer ambitieus. Maar of dat nou was omdat het altijd het vooruit gestippelde plan was om in de financiële sector groot te worden, daarvan hebben we al vastgesteld dat dat niet het geval was. Maar meer omdat ik er helemaal in zat, dan wilde ik wel het hoogst haalbare bereiken.

Jeroen: Waar uit zich dat dan in? Uit zich dat in heel hard werken of steeds nieuwe dingen doen? Waar zit het in dat je heel carrièregericht bent? Heb je daar concrete voorbeelden van?

Tim: Ik denk ook wel het bezig zijn met de route die je uitstippelt om te komen waar je wil komen. In een ver verleden ben ik ook nog voorzitter geweest van Jong Fortisbank Nederland. Dat deed je allemaal naast je werk, dat is natuurlijk niet zo gek erg. Maar dat stelde je wel in de gelegenheid om mensen te ontmoeten die anders wellicht wat verder van je af bleven staan als je achter je bureau bleef zitten. Dus op die manier ben ik er altijd wel op uit gegaan en niet zozeer met de gedachte van “Dan kan ik die ontmoeten en dan zorgt dat voor dit en dan kan ik mijn carrière op die manier…”, maar juist door die houding van erop uit te gaan ontstonden er kansen en waren die makkelijker te creëren. Ik denk dat je het in dat licht moet zien.

Jeroen: Ja, ik kan me er iets bij voorstellen. Als je naar de toekomst keek en nu kijkt, ben je nog steeds zo ambitieus als toen je begon? Is dat minder geworden of hoe kijk je ernaar? Hoe ver plan je al vooruit?

Tim: Realistischer. Als je in je eentje bent, dan heb je alleen maar verantwoording aan jezelf af te leggen. Maar nu Voldaan bestaat uit een groep mensen, vind ik dat je de verantwoordelijkheid moet dragen voor de hele groep. Dan kun je niet meer ongebreideld willen stijgen of willen groeien. Je moet mensen daar veel meer in meenemen. Ik denk dat daardoor realiteitszin gekomen is. Ik heb nog steeds dezelfde ambities met Voldaan; die zijn torenhoog. Maar ik vind wel dat ik de verantwoordelijkheid ook moet nemen om andere mensen daarin mee te nemen en niet iedereen kan hetzelfde tempo aan. Sommige mensen moet je dan een beetje bij benen en dat is prima. Maar je moet mensen onderweg niet verliezen. Ik denk dat je daardoor die realiteit erin krijgt en groei je misschien wel ietsje minder hard als dat je zou willen. Maar dat zorgt wel voor gedegen en bestendige groei.

Jeroen: Je bent eindverantwoordelijke van dit bedrijf met een hele groep mensen die hier zitten. Fast forward naar een paar jaar verder, zou je ook weer hetzelfde willen doen maar voor een veel grotere organisatie? Even los van dat dit je baby is en waar alle energie naartoe gegaan is en zal gaan de komende tijd, zie je jezelf bijvoorbeeld ooit nog CEO worden van een bank? Het is wel leuk om over tien of twintig jaar nog eens te kijken of het uitgekomen is of niet!

Tim: Je hoort ook dat ik voor de eerste keer stilval na het stellen van een vraag. Ik sluit het niet uit, Jeroen. Ik denk alleen wel dat – mocht ik stoppen met Voldaan om wat voor reden dan ook – ik eerder een intermezzo-periode verwacht. En wat ik daarnet zei, dat doceren bijvoorbeeld, dat ik dat zou doen en dat ik daarna wellicht alsnog terug die financiële wereld inga. Dat sluit ik zeker niet uit. Maar een naadloze stap tussen Voldaan en een andere Financial, dat zie ik niet gebeuren. Ik denk wel dat je een afkoelingsperiode nodig hebt, ook om te laten bezinken wat er allemaal gebeurd is. De onderneming bestaat nu vijf jaar, maar eigenlijk heb je nooit de gelegenheid – en die gun je jezelf misschien ook niet – om terug te kijken van “Wat gebeurde er in die vijf jaar?” Dat is superveel. En ik denk dat een intermezzo-periode daar goed voor is. Om ook weer dat vuurtje op te stoken en die ambitie te hebben om door te gaan. Dus naadloos zie ik dat niet gebeuren. Maar na een intermezzo-periode sluit ik dat zeker niet uit.

Jeroen: Zo’n periode kan ik je wel aanraden, hoor!

Tim: Ik zit nu al in de spiegel te kijken.

Jeroen: Dan komen we weer terug op het moment dat je die intermezzo-periode ingaat. Als je naar jouw manier van leidinggeven kijkt, de groep is hier steeds groter geworden; er zijn elk jaar weer mensen bijgekomen. Hoe omschrijf je dat? Wat is jouw leiderschapsstijl?

Tim: Ik heb daar wel moeite mee, in de zin dat ik niet een hele traditionele leiderschapsstijl heb. Ik weet niet of ik van nature beschik over de kwaliteiten. Ik denk dat je alles kan aanleren, maar ik denk dat ik meer de visionair en de strateeg ben van Voldaan die mensen de stip op de horizon wijst dan het stapje dat ze morgen moeten zetten. En ik kan ze daar ook wel bij assisteren en ik kan mensen ook wel helpen dat eerste stapje te zetten en de volgende stap. Maar dat is niet per definitie waar ik mijn energie uitput. Dat is ook niet per definitie waar ik denk dat mijn kracht ligt. Ik denk dat het algeheel enthousiasmeren en het algeheel volgen van een strategie en een visie, dat daar mijn toegevoegde waarde ligt binnen Voldaan. Dan heb ik ook geluk met mijn compagnon Ad, die veel beter is in het overbruggen van het hier en nu en de stip die ik zet en daar misschien wat realiteitszin betracht aan te brengen. En de mensen dan meer stapje voor stapje bij de hand nemen om dat stapje te zetten, daar vullen we elkaar goed aan. Als je het hebt over leiderschapskwaliteiten, ik denk dat als het niet hetzelfde is in één persoon, dat je er heel verstandig aan doet om dat in twee personen te leggen. Toen wij startten hebben wij gekeken naar bedrijven met een dubbele CEO-rol. Die zie je stiekem best nog wel veel, ook grote bedrijven hier in Den Bosch, SAP, waar ze zeggen “We willen niet een één-dimensionaire leider, maar we zoeken eigenlijk naar een duo rol waarin we alle twee de werelden kunnen samenbrengen”. En ik denk dat het bij Ad en mij ook zo werkt. Als ik er niet in slaag om iemand dat eerste stapje te laten zetten en echt aan de hand te nemen, dan springt Ad even in. Heel subtiel, zonder overleg en heel natuurlijk. Maar ik leg mensen ook weer die stip op de horizon voor van “Jongens, daar gaan we naartoe. En vergis je niet, ook al is het maandagochtend, Blue Monday, dat is wel waar we naartoe gaan”.

Jeroen: Ik heb altijd het gevoel dat dubbele CEO-rollen fantastisch zijn. Ze zijn vooral fantastisch als het goed gaat tussen die twee. Tot dat moment, daarna is het van “Waar is de ene kapitein?” Of zie jij dat anders?

Tim: Nee, ik zie dat precies zo. Ik zie de magie ook tussen twee personen. Op het moment dat Ad zou geruild worden door iemand anders, dan is het maar te bezien of die magie er ook is. Maar zo lang je die magie hebt, zou ik er voorstander van zijn om het gewoon te benutten en dan zie ik geen reden om dat op een andere manier in te richten. Maar ik ben het helemaal met je eens. Zoek maar eens twee personen die zo natuurlijk elkaar aanvullen. Toen wij weggingen bij ABN waren er heel veel mensen die zeiden “Hé, jullie twee? Maar jullie zijn toch helemaal geen vrienden?” En dat is ook niet nodig, als je elkaar maar respecteert in wat je doet en elkaar de ruimte geeft en ook ervan overtuigd durft te zijn dat wat die ander doet beter is dan wat jij doet in die aanvulling. Dan heb je die magie. Op het moment dat er verschillende inzichten ontstaan, dan moet je er heel snel mee stoppen, denk ik.

Jeroen: We hadden het er in het voorgesprek even over wat jij ontbeten had vanochtend om hier het geluid even te testen. Daar wil ik ook nog even naar terug, naar dat moment. Als jij ‘s ochtends opstaat en je gaat denken aan je dag, wat zijn dan de echte triggers voor jou waar je echt gemotiveerd van wordt, waarvan je denkt “Van die dingen word ik echt enthousiast”? Als je ‘s ochtends opstaat en je bent dan waarschijnlijk nog bezig met je familie en dat soort dingen, maar als je aan het werk begint te denken?

Tim: Eigenlijk begint mijn werkdag de avond ervoor. Voor ik in slaap val weet ik heel goed wat ik de dag erna ga doen. Soms droom ik er ook nog over, dus ik weet niet of dat het beste advies is wat ik kan geven aan iemand. Dus ‘s ochtends sta ik scherp op en weet ik ook wat er gaat gebeuren. Ik heb de neiging om nogal lang te douchen. Dat is het moment waarop ik heel mijn dag nog een keer doorloop en eigenlijk bepaalde gesprekken ook al in mijn hoofd een beetje voer. Daarna begint de hectiek van jonge kinderen die aan de ontbijttafel met lunch-tasjes naar school moeten. Dan verlies je het eventjes, maar dan is er nog een klein moment dat je in de auto zit. Ik heb net al gezegd dat ik woon waar ik werk. Zodra ik de trap vier verdiepingen omhoog neem, die neem ik hier elke ochtend, en hier de deur binnenkom, dat is wanneer de energie echt begint te stromen. Omdat ik dan ook de rest van het team zie en ik die toch nodig heb om de laatste zwengel van de energie tot stand te brengen. Dus daar gebeurt het.

Jeroen: Je hebt het natuurlijk het beste voor met het bedrijf – dat lijkt me logisch – en de mensen die er werken. Heb je ook bepaalde dingen waarvan je zegt “Daar wil ik graag bijdragen, breder dan het bedrijf, in de samenleving of in de economie”? Zie je daar dingen waarvan je zegt “Dat vind ik belangrijk en dat heb ik altijd in mijn achterhoofd”?

Tim: Ik ga je niet het woord prediken of ik ga ons niet heel vroom voordoen, maar wij hebben hier op de deur staan “Met goed fatsoen”. Ik denk dat dat alles zegt. Het feit dat wij ons daar zo aan willen verbinden, dat wij zo intrinsiek gemotiveerd zijn om zaken met goed fatsoen te doen, daarmee dienen wij de samenleving heel sterk, denk ik. En natuurlijk geld overmaken aan goede doelen doen we ook wel. Maar het begint met goed fatsoen met elkaar te handelen. Het is heel makkelijk – zeker in ons domein – om mensen die financieel ongeletterd zijn en geen kant op kunnen het vel over de oren te trekken. Maar dat zul je ons nooit zien doen. We hebben het niet heel specifiek over het product gehad en dat is ook niet erg, maar één van de elementen van onze productvoering is dat iedereen dezelfde prijs betaald en dat wij nooit iemand nog een kwartje aanrekenen nadat hij wist welke keuze hij maakte en voor welke prijs. Dat zit zo sterk in ons DNA geweven van iedereen die hier werkt, dat ik denk dat dat een antwoord zou zijn op wat wij bijdragen aan deze maatschappij; dat wij gewoon met goed fatsoen handelen. Ik heb er ook al even aan gerefereerd dat mensen vanuit de incassopraktijk starten. Die hebben als doel om een klant gewoon helemaal leeg te knijpen en voor vijf jaar vast te leggen en allerlei zaken die die klant niet overziet voor eigen gewin aan te wenden. Dat zul je ons nooit zien doen. Dat maakt het soms wel lastig, want je verdient natuurlijk meer geld als je dat wel doet. Het feit dat wij mensen ook niet vastleggen voor langere perioden, maar dat ze elke dag kunnen stoppen met ons product, maakt het soms ook wel moeilijk om Cash Forecasting en Customer Lifetime Cycles contant te maken, dat zul je snappen. Maar wij blijven wel bij die doctrine. Dus we kiezen daar voor zaken die lastiger zijn voor ons, voor het grotere goed; het goede fatsoen.

Jeroen: Waar ik het ook met jou over wilde hebben is een iets ander onderwerp, namelijk succes en trots. Wat zijn de dingen waarvan jij zegt “Daar ben ik echt het meest trots op dat we de afgelopen zes jaar bereikt hebben”?

Tim: Dat ligt in mijn eigen domein. Ik denk de positionering van het merk. Het feit dat jij het interview start met “Jullie marketing is altijd cutting edge en dat valt iedereen op”. De positie die wij in het domein innemen. En laat onverlet dat wij daar geen uitspraak over doen welke positie dat het is om groter te zijn, maar dat wij meetellen als serieuze partij, dat wij op lijstjes staan tussen grote partijen, dat wij binnen vijf jaar van niets tot een gevestigd en gerenommeerd merk geworden zijn, dat is mijn allergrootste trots. Natuurlijk kan ik zeggen dat mensen hier met plezier werken, daar ben ik ook heel blij mee. Maar het vestigen van een merk, dat is echt mijn allergrootste trots. Dat zie ik ons ook niet nog een keer doen. Een team bouwen zie ik me wel nog een keer doen, want we hebben internationale ambities en we hebben gekeken naar het buitenland. Maar ons weerhoudt het om bijvoorbeeld in Duitsland opnieuw een merk te laden. We zouden dat altijd in partnerships doen en niet meer op deze manier, omdat we weten hoeveel kruim het gekost heeft. Des te zoeter de vrucht op het moment dat het gelukt is, maar daar zit wel heel veel inspanning in.

Jeroen: De reden waarom wij gevraagd hebben om hieraan mee te doen is natuurlijk omdat je altijd heel bescheiden bent, tenminste ken ik je zo. Maar stiekem heb je het natuurlijk ongelofelijk goed gedaan in je carrière tot nu toe. Je hebt mooie posities gehad, je bedrijf is in ieder geval een heel groot succes. Wat zijn tips die je hebt voor mensen?

Tim: Vanuit een Junior-rol binnen de financiële wereld is het heel belangrijk dat je – en dit klinkt heel afgezaagd – dicht bij jezelf blijft. Ik zie dat nog steeds in mijn dagelijkse praktijk, op het moment dat jij je gaat voordoen als die Senior Financial en je gaat je heel zwaar bewegen binnen dat domein, dan ik denk ik dat je jezelf tekortdoet. Op het moment dat je flair weet te brengen in uiteindelijk taaie materie zoals de financiële positie van de onderneming die je financiert, dan val je op. En wellicht ook ten positieve. Wat ik heel veel jonge financials zie doen is dat ze zich heel ouwelijk gaan gedragen, dat ze zich op sociale media ook heel ouwelijk met name de zaken waarvan ze denken “Dit draagt bij aan hoe Senior ik gepercipieerd word” gaan uitlichten. Terwijl ik denk dat het juist leuk is op het moment dat je zegt “Ik ben nog jong en jeugdig en ik kan nog weleens een keer een misstap begaan, maar ik ben gewoon een mens”, ik denk dat je daar in je carrière heel veel aan gaat hebben. Want als je je al gaat gedragen en letterlijk dragen naar de positie die je wil gaan bekleden, dan is het misschien makkelijk voor een manager om te zien dat je die potentie hebt. Dan is het een veilige keuze van die manager en de meeste managers binnen de financiële sector maken veilige keuzes. Maar het zijn af en toe ook weleens de mensen waarvan ik denk “Die laat lef zien”, die zich dan binnen een organisatie opeens veel sneller kunnen door ontwikkelen dan degenen die zich al heel gedwee en strak in het keurslijf hebben laten naaien. Voor ondernemers is het eigenlijk veel simpeler en minder zweverig: Doe het met z’n tweeën. Ik heb daarnet het duo-CEO-schap aangehaald. Dat is ook wat ik altijd tegen studenten op opleidingen zeg, “Doe het met z’n tweeën. Gedeelde smart is halve smart”. En iedereen die denkt dat als je op een idee zit van “Oh, ik durf het niet tegen Ad te zeggen want dan gaat hij ermee vandoor”, dan is je idee niet goed genoeg. Op het moment dat jij iemand in vertrouwen neemt en zegt “Wij kunnen dit samen doen” en je hebt die intrinsieke overtuigingskracht omdat je in dat idee gelooft, dan ga je er met z’n tweeën voor en met z’n tweeën kun je echt significant veel meer bereiken dan in je eentje.

Jeroen: Leuk, mooi! Nog andere dingen of tips voor mensen?

Tim: Dit is ook iets wat ik tegen mijn zoon zou zeggen: Ik denk dat positief blijven de grootste troef is die je als mens hebt. Ook al is er een situatie die niet heel ideaal is. En die doen zich hier ook voor; je hebt vijf jaar lang een bedrijf gestuurd, er zijn gewoon momenten die niet ideaal zijn. En er zijn heel veel momenten waar je aan terug kan denken van “Dat had ik anders moeten doen”. Maar op het moment dat je jezelf toestaat om niet meer positief te zijn of niet meer positief zaken te benaderen, dan is dat het begin van het einde. Weer in het samenspel van Ad en ik, als je dat bij een ander ziet gebeuren, dan moet je interveniëren en moet je zeggen “Ik zie dat je je positiviteit aan het verliezen bent, wat is er aan de hand? Hoe kunnen we die terugkrijgen?” Want als je niet zelf positief bent, niet zelf positief in zaken staat, dan kan je een ander ook nooit meekrijgen. Dat is het begin van het einde.

Jeroen: Dat voelt iedereen meteen. Je haalde al een beetje je privéleven aan met lunchtrommels die gemaakt moesten worden en zo. Niet heel gedetailleerd maar op hoofdlijnen, hoe ziet jouw privéleven eruit?

Tim: In de beginperiode toen wij de onderneming startten heb ik heel veel vrijheid gekregen van mijn vrouw, die ook heel veel ruime baan gemaakt heeft zodat ik heel veel tijd kon spenderen aan het bedrijf. Je ziet dat het bedrijf nu echt op de rit staat, dat kantelt ook wel een beetje de situatie thuis, waardoor ik haar nu wat meer ruimte kan geven om aan haar carrièreontwikkeling te werken. Ik vind het heel belangrijk dat vrouwen hoog eindigen, dus ook in Finance. We hebben veel te weinig vrouwen en veel te weinig vrouwen op key-posities. Dat is echt een doorn in mijn oog, want die brengen juist de diversiteit die je nodig hebt om tot gewogen beslissingen te komen. En uiteindelijk is het de helft van je doelgroep. De wereldpopulatie bestaat voor de helft uit vrouwen, dus het management kan niet voor 80% uit mannen bestaan. Dus ik probeer haar nu meer ruimte te geven in haar carrière. Omdat ik hier de baas ben, kan ik natuurlijk zo vroeg of zo laat beginnen als ik wil. Ik breng dus de kinderen ‘s ochtends altijd naar school. Dat moment dat ik nodig heb in de douche, dat heeft mijn vrouw meer ‘s ochtends vroeg. Die kan daardoor vaak heel ontspannen aan haar werkdag beginnen. Dat zorgt ervoor dat je daardoor beter je dag kan starten. Dan bereik je gewoon meer. Zo ziet die rolverdeling er thuis uit. En ik kook nog steeds niet elke avond. Zeker niet zelfs! De was komt ook nog met name op haar neer. Maar je ziet wel dat dat een beetje aan het verschuiven is, dat ik haar die ruimte echt graag wil geven en dat dat ook niet altijd lukt. Want als hier iets in de fik staat, dan moet dat ook opgelost worden. Dan heb je gewoon maar 24 uur in een dag, net als een ander. Maar ik probeer haar wel meer die ruimte te geven.

Jeroen: Je hebt natuurlijk mensen waar je dingen mee kan delegeren, je hebt een co-founder of co-CEO. Als je een bedrijf begint – ik weet het uit eigen ervaring – dat is eigenlijk non-stop werken. Was het dan helemaal uit balans?

Tim: Toen is er heel veel op mijn vrouw neergekomen. En het feit dat ik trachtte om fysiek aanwezig te zijn op bepaalde momenten wil niet zeggen dat je emotioneel en geestelijk aanwezig bent. Je kan elke avond thuis zijn voor het eten, maar op het moment dat je totaal niet meekrijgt wat er aan de eettafel gebeurt, dan kun je beter wegblijven dan fysiek aanwezig te zijn. Want wat verschaf je nog van een argument in je eigen beleving van “Ik was er toch!”, maar als je er mentaal niet bent dan heeft het helemaal geen zin. Dat heeft een zware wissel getrokken op mijn vrouw. Gelukkig ben ik me daarvan bewust en ik kan ik dat nu weer goed maken. Maar dat heeft een hele zware investering voor het hele gezin geëist.

Jeroen: Dus je hebt daar in financiële termen een rekening courant moeten opnemen die nu snel terugbetaald wordt.

Tim: Ja, ik ben nog bezig met de afbetaling.

Jeroen: Als we het verder over jou privé hebben in combinatie met je werk, hoe blijf jij fit? Dan heb ik het over geestelijk, mentaal fit en fysiek. Hoe zorg je ervoor dat je dat organiseert?

Tim: Ik heb net al gezegd dat als ik iets doe, dat ik daar dan de beste in wil zijn. Dat ben ik niet met sport. Daar ben ik me van bewust. Dus dat leidt tot frustratie op het moment dat ik teamsporten beoefen, omdat ik dat graag beter zou willen kunnen dan wat ik kan. Wat ertoe resulteert dat ik heel individueel sport. Dus ik ga gewoon naar de sportschool, heel structureel, heel geregeld. Dat is iets van de laatste jaren, want dat had ik niet altijd in de gaten. Vroeger zeker niet. Ik merk dat sporten heel goed voor je is en op het moment dat ik terugkom ben ik misschien fysiek uitgeput, maar mentaal opgeladen. Dus ik sport veel.

Jeroen: Wat is veel?

Tim: Dat is subjectief, natuurlijk. Drie keer per week. Twee keer per week zeker, maar eigenlijk structureel drie keer per week. En zoals ik al zei loop ik de trap op, dus ik zorg ervoor dat ik fit blijf. En ik let erg goed op wat ik eet. Geestelijke fitheid; ik vind het heel belangrijk om bij te blijven. Of dat nou Artificial Reality is, of het dat wordt of niet maakt niet uit, maar dat betekent dat ik heel veel op zoek ben naar innovaties. En als innovaties mij echt raken, dan schrijf ik dat ook ergens op en dan hou ik dat bij wat ermee gebeurt. Wij bezoeken heel veel beurzen die ook misschien net een beetje buiten ons vakgebied liggen, maar waar we wel weer inzichten kunnen opdoen die we naar onze eigen industrie kunnen trekken. Anders blijf je zo goed als de best performer binnen die industrie en wil je juist buiten die industrie kijken. En dat betekent dat ik eigenlijk alles wat ik zie met het oog van Voldaan bekijk “Zou dat voor ons kunnen werken of zou dat anders kunnen werken?” Dus misschien ook met het oog van een ondernemer, want daardoor heb ik al heel veel ideetjes van “Als ik ooit afscheid mocht nemen van Voldaan voor wat voor reden dan ook, dan start ik daarmee”. Dus eigenlijk bekijk je de wereld op die manier. Maar ik zie dat bij mijn oudste zoon ook. Dus misschien is het een aangeboren gedrag, dat je niet accepteert dat iets niet 100% is, maar dat je kijkt naar hoe je dat naar een nog hoger niveau kan tillen.

Jeroen: Het is heel interessant wat je tussendoor zei over dat je naar andere soorten van beurzen gaat, dus niet per se Finance of Factoring-gerelateerd. Heb je daar een voorbeeld van? Dat triggerde me.

Tim: Het zijn ook beurzen waar wij bijvoorbeeld komen om te kijken of onze propositie past bij de reguliere bezoekers van onze beurs. Maar de Horecava hier is juist in Den Bosch gebeurt, dat is een beurs waar je iets kan zien, zomaar uit je ooghoek waarvan je denkt “Dat werkt hier, mogelijk zou dat ook voor ons kunnen werken”. Wij zouden nooit een factoringcontract aan een friettent verkopen, dat gaat gewoon niet gebeuren. Maar op het moment dat je binnen je eigen domein blijft en dat heel erg sterk afbakent, dan ga je ook geen innovatie kunnen brengen. Dus we komen ook echt op andere plekken.

Jeroen: Dat is leuk! Dat idee heb ik nooit eerder gehoord, dat is wel interessant! Dan zijn we een beetje aangekomen bij wat het rubriekje is binnen Leaders in Finance. Dat heet de pleaser en de teaser. Daar hebben we wat bedacht voor jou. De teaser is meestal teasend, dat zegt het woord zelf al. En de pleaser is wat ontspannener. Ik begin maar met de teaser. Wat ik opgeschreven heb is: Uiteindelijk kunnen jonge succesvolle Fintechs zoals Voldaan niet echt zelfstandig of marginaal overleven omdat ze de schaalgrootte en de slagkracht niet hebben zoals de banken die dat wel hebben. Dus uiteindelijk, als die banken echt zouden willen, dan zouden ze partijen zoals jullie zo in één keer kunnen wegblazen. Ben je het daarmee eens?

Tim: Jein, dat is een combinatie tussen ‘Ja’ en ‘Nein’. Als de banken voldoende defensief in die wedstrijd zouden zitten, zouden ze het in de kiem kunnen smoren. Ja, dat klopt. Want zij hebben die dominante positie en zij hebben de expertise en met name de middelen om dat te kunnen doen. Als zij iets te ver tot de ontwikkeling laten komen – en dan refereer ik aan een Adyen die we eerder al noemden – dan kan het niet meer. Dan ben je de point of no return voorbij. Dat geldt ook voor het vernuft dat wij in onze organisatie hebben liggen. Het punt waarop ze met ons konden concurreren op inhoudelijkheden en intelligentie van de productvoering ligt achter ons. En op het moment dat we duizenden MKB’ers faciliteren, dan ben je een partij die niet meer zomaar uit die markt weg te halen valt. Natuurlijk kunnen ze tegengas geven, maar ik heb me altijd verbaasd – en dat doe ik nog steeds – over de ruimte die de banken hier laten om te komen tot waar je bent. Ze laten je heel ver ontwikkelen. Dan ontglipt het gewoon, net zoals Adyen, Mollie, dat zijn partijen die niet meer terug in hun doosje gaan. Uiteraard kan een bank dat altijd kopen. Dat is bij Adyen wat lastiger, want die zijn naar de beurs gegaan. Maar uiteindelijk kan een bank alles kopen, want daar hebben ze de balans voor, dus dat zou bij ons ook kunnen. Alleen, hoe langer je wacht, hoe duurder het wordt. Ik begrijp niet dat je zoveel ruimte krijgt, dat heb ik nooit begrepen. Toen wij vijf jaar geleden startten had ik dat ook niet verwacht. En nu, vijf jaar later, denk ik nog steeds “Hoe kan het? Waarom?”

Jeroen: Ik ga er niet op antwoorden; ik weet het niet.

Tim: Dat laat mij in vraag achter.

Jeroen: Interessant. En aan de pleasende kant had ik een dubbele vraag, het is aan jou of je ze allebei wil beantwoorden. Maar het liefste wel, natuurlijk. Heb je een bepaald favoriet boek? Dat vind ik altijd interessant om te weten. En ook, heb je bepaalde Netflix-series of misschien ben je nog wel een meer ouderwetse Tv-kijker, heb je bepaalde dingen die jou aanspreken?

Tim: Mijn favoriete boek is altijd het boek dat ik op dat moment aan het lezen ben. Ik onthoud boeken, maar het is niet zo dat ze er zo uitspringen. Ik lees nu van Saskia de Coster: Dit is van mij. Het is een beetje een literair boek, maar dat lees ik nu. Dat vind ik nu het leukste boek dat er is omdat ik er middenin zit, natuurlijk. Wederom, ik heb een jong gezin, dus verder dan een paar pagina’s kom ik op zaterdagmiddag niet. Een boek in één ruk uitlezen is er niet meer bij. Maar zo kijk ik naar boeken. Netflix-series, ik heb natuurlijk de geijkte series gezien van Peaky Blinders tot The Crown; die is me nu aanbevolen, dus die ga ik kijken. Maar eigenlijk kijk ik liever naar televisie. Een serie zoals De Keizersvrouwen vond ik fantastisch. Met name dan de publieke omroep. En het hele fenomeen – ik zei net dat je niet ouwelijk moet lijken – dat je gewoon een week moet wachten op een aflevering, dat staat me eigenlijk wel aan; het opbouwen van de verwachting van die aflevering. En simpelweg achter Netflix gaan zitten en dan vijftien afleveringen achter elkaar kijken, dat doet misschien toch wel een beetje afbreuk aan het opbouwen van anxiety. Eigenlijk vind ik dat wel leuker aan traditionele televisie.

Jeroen: Leuk om te horen. De laatste vraag heb je van tevoren van mij gehad, wellicht heb je daarover kunnen nadenken. Dat is namelijk: Wie is jouw Leader in Finance? Wie is er voor jou een mooi voorbeeld?

Tim: Die heb ik niet. Ik heb er wel over nagedacht. Dit hangt wel een beetje samen met wat ik eerder zei, dat ik niet van nature genegen ben om echt tegen mensen op te kijken. Ik zie mensen in momenten goed acteren. En of dat nou een Wouter Bos is in de crisis of een bestuursvoorzitter binnen een bank in laagconjunctuur ,dat zie ik wel. Maar ik zou eigenlijk mijn antwoord met een beetje journalistieke vrijheid wat breder willen trekken. Als ik dan toch iemand moet aanwijzen waarvan ik zeg “Die is revolutionair en wereld-veranderend bezig, dan is dat Elon Musk. Dat lijkt mij geen prettige man van wat ik van buitenaf meekrijg. Ik denk ook niet dat ik hem als aardig zou classificeren. Maar dit is wel een man die weinig geduld heeft met de toekomst en die de toekomst naar zijn eigen hand zet. Of dat nou zijn project is met die auto’s of met die hyperloop of naar de maan gaan, het is wel een man die de toekomst versneld bij ons brengt. Dan vind ik dat je zo’n titel verdiend. En dat is eigenlijk ook weer buiten onze eigen industrie kijken, dan is dat cirkeltje misschien ook wel rond.

Jeroen: Volgens mij – en nu moet ik even oppassen wat ik zeg – is hij in de financiële industrie zelfs begonnen met PayPal. Maar misschien zeg ik nu iets heel raars. Ik zal het nog eens nakijken en ergens op de website onder de shownotes vermelden of het klopte wat ik zei. Volgens mij komt hij uit deze hoek. En overigens is er een mooie biografie over Elon Musk. Tim, is er nog iets waarvan jij zegt “Dat had ik echt nog hier willen zeggen”?

Tim: Ik denk dat we heel veel geraakt hebben voor wat je mag verwachten binnen deze timeframe. Dus nee, ik heb niet direct zaken waarvan ik nu zeg “Dat had ik willen benoemen”. Die gaan zeker nog wel komen. Mocht er dus een soort van vervolg komen of een tweede sequens of wat-dan-ook, dan ben je van harte welkom om die hier nog een keer te komen opnemen. Ik vond het heel leuk om te doen!

Jeroen: Hartstikke leuk! Mooi om te horen, daar hou ik je zeker aan want ik wil je zeker nog een keer hebben over een tijd. Tim, hartstikke bedankt, het was een geweldig leuk gesprek. Het was heel erg leuk om met jou te praten, ik word er heel enthousiast van! Er zit heel veel in, ik ga de opname zeker ook zelf naluisteren, want er zitten heel veel interessante dingen in. Ook bedankt dat we hier in het door jou geliefde Den Bosch of ‘s-Hertogenbosch mochten zijn, dus dankjewel!

Tim: Jij ook, het is helemaal wederzijds!

Dit was Leaders in Finance. Elke week weer een nieuwe aflevering, elke week weer een mens achter het succes. Ik vind het belangrijk om te zeggen, deze podcast zou er niet zijn zonder onze partners: Interim Valley, FG Lawyers en Bizcuit.

Door deze site te gebruiken ga je akkoord met het plaatsen van cookies. Meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten